Handgeschreven ambtelijke aantekening of memo.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke aantekening of memo. Zoonoodig van post onderhoud
Nr 38 - het werk uit te voeren.
De kosten worden geraamd
op f 160.-
21 Dec. 87
[doorgehaalde tekst in blauwe inkt] De tekst is een instructie voor het uitvoeren van werkzaamheden die vallen onder een specifieke begrotingspost of onderhoudsitem ("post onderhoud Nr 38"). De schrijver stelt vast dat het werk uitgevoerd moet worden "zoonoodig" (indien nodig) en geeft een kostenraming van 160 gulden. Het handschrift is een klassiek laat-19e-eeuws cursief, herkenbaar aan de scherpe hoeken en de specifieke vorm van de 'f' (florijn/gulden) en de 'z'. De blauwe doorhaling duidt mogelijk op een administratieve correctie of het annuleren van een eerdere paraaf/referentie nadat de notitie was verwerkt. Gezien de terminologie ("post onderhoud", "geraamd") is dit document hoogstwaarschijnlijk afkomstig uit het archief van een gemeentelijke of provinciale dienst voor Openbare Werken. In 1887 was 160 gulden een substantieel bedrag (vergelijkbaar met de koopkracht van ruim 2000 euro vandaag de dag), wat suggereert dat het hier gaat om serieuze herstelwerkzaamheden aan infrastructuur of een publiek gebouw. De beknoptheid is typerend voor interne correspondentie tussen een opzichter en een administrateur.
Samenvatting
De tekst is een instructie voor het uitvoeren van werkzaamheden die vallen onder een specifieke begrotingspost of onderhoudsitem ("post onderhoud Nr 38"). De schrijver stelt vast dat het werk uitgevoerd moet worden "zoonoodig" (indien nodig) en geeft een kostenraming van 160 gulden. Het handschrift is een klassiek laat-19e-eeuws cursief, herkenbaar aan de scherpe hoeken en de specifieke vorm van de 'f' (florijn/gulden) en de 'z'. De blauwe doorhaling duidt mogelijk op een administratieve correctie of het annuleren van een eerdere paraaf/referentie nadat de notitie was verwerkt.
Historische Context
Gezien de terminologie ("post onderhoud", "geraamd") is dit document hoogstwaarschijnlijk afkomstig uit het archief van een gemeentelijke of provinciale dienst voor Openbare Werken. In 1887 was 160 gulden een substantieel bedrag (vergelijkbaar met de koopkracht van ruim 2000 euro vandaag de dag), wat suggereert dat het hier gaat om serieuze herstelwerkzaamheden aan infrastructuur of een publiek gebouw. De beknoptheid is typerend voor interne correspondentie tussen een opzichter en een administrateur.