Handgeschreven conceptbrief/notitie.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief/notitie. 11 juli 1939. [Linksboven:]
Concept
MNr. 30/20/4 [in rood]
Verplaatsing kantoortje
marktpersoneel Waterlooplein.
[Rechtsboven:]
Amsterdam, 11 Juli 1939.
W.P.V. No. 139 [gevolgd door een paraaf in een cirkel]
[Hoofdtekst:]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat van mijn Ambtgenoot voor de Publieke Werken bericht is ontvangen, dat het houten gebouwtje van het marktpersoneel op het Waterlooplein ~~binnen afzienbaren tijd~~ moet verdwijnen, in verband met de plannen tot voltooiing van den zoogenaamden binnenring. Deserzijds is daarop nagegaan, waar het bedoelde kantoortje het beste kan worden gevestigd. Hierbij kwamen drie mogelijkheden ter sprake namelijk: a) vestiging in een voormalig schoolgebouw aan de Zwanenburgerstraat 27; b) verplaatsing van het huidige gebouwtje naar een ander punt van het Waterlooplein; c) stichting van een nieuw gebouwtje op een ander punt van het Waterlooplein.
Bij de beoordeeling van deze drie plannen dient te worden rekening gehouden met het feit, dat ~~het de markt~~ het bedoelde kantoortje in den regel bestemd is voor drie – en somtijds voor vier ambtenaren, namelijk het personeel dienstdoende op de markten Waterlooplein, Zwanenburgwal, Nieuwmarkt en Dapperstraat; de volledige administratie van deze markten benevens van de Zondagsmarkt Uilenburg wordt in het kantoortje bewaard en daarop wordt het marktpersoneel bijgehouden op de tijdstippen, waarop dit personeel niet voor controle op de markt behoeft te zijn. Bovendien wordt in dit kantoor dagelijks standplaatsgeld geïnd.
Het is op grond van het vorenstaande duidelijk dat het bedoelde kantoortje bij voorkeur op de markt Waterlooplein zelf gevestigd moet zijn, opdat de ambtenaren [, wanneer het nodig is, – in marge] zich spoedig vandaar naar de markt kunnen begeven en opdat zij, ook als zij op hun kantoor zijn, eenig overzicht over de markt behouden. Bovendien moet ook het marktpubliek het personeel gemakkelijk kunnen vinden, wanneer het de hulp van dit personeel wenscht in te roepen. Om deze redenen leek mij terstond het hierboven onder a) genoemde plan: vestiging van het kantoor in een voormalig schoolgebouw in de Zwanenburgerstraat, ongewenscht. In het bedoelde gebouw zou een gymnastieklokaal ten behoeve van mijn dienst moeten worden verbouwd; de daaraan verbonden... [tekst breekt af] Het document is een ambtelijk concept waarin de functionele eisen voor een marktkantoor worden uiteengezet. De schrijver (waarschijnlijk een afdelingshoofd van de marktdienst) beargumenteert waarom een specifieke locatie aan de Zwanenburgerstraat ongeschikt is.
De kernargumenten voor een locatie op het plein zelf zijn:
1. Operationele snelheid: Ambtenaren moeten direct het plein op kunnen indien nodig.
2. Toezicht: Er moet vanuit het kantoor visueel contact zijn met de markt.
3. Dienstverlening: Het publiek moet de marktdienst fysiek weten te vinden voor hulp.
4. Administratieve centralisatie: Het kantoor fungeert als administratief knooppunt voor meerdere markten in de omgeving (o.a. de Joodse markten zoals de Zondagsmarkt Uilenburg). Dit document stamt uit de zomer van 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde "binnenring" verwijst naar de grootschalige stadsvernieuwingsplannen in de Amsterdamse binnenstad, waarbij oude bebouwing moest wijken voor een betere verkeersdoorstroming.
De genoemde locaties (Waterlooplein, Zwanenburgerstraat, Uilenburg) vormden het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. Het feit dat de administratie van de Zondagsmarkt Uilenburg hier werd bewaard, onderstreept de centrale rol van dit kantoortje in de organisatie van het dagelijks leven in deze wijk. Kort na dit schrijven zou door de bezetting de situatie voor de markten en het personeel in deze buurt drastisch en tragisch veranderen.