Archief 745
Inventaris 745-323
Pagina 162
Dossier 29
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële waarschuwingsbrief (formulier-model).

3 januari 1940. Van: De Directeur van het Marktwezen. Aan: Den Heer A.H. Prenger, Lange Houtstraat 31 II, Amsterdam-Centrum. Dossier: 31/1/1, 8

Origineel

Officiële waarschuwingsbrief (formulier-model). 3 januari 1940. De Directeur van het Marktwezen. Den Heer A.H. Prenger, Lange Houtstraat 31 II, Amsterdam-Centrum. [Logo: De drie kruisen van Amsterdam in een gestileerde poort/burcht]

MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.

Handgeschreven: Verzonden 3/1 - 40

TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN

No. 31/1/1 M.
BIJLAGE ________________
ONDERWERP: ________________

AMSTERDAM (W.) 3 Januari 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14

AAN
den Heer A.H. Prenger,
Lange Houtstraat 31 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.

Aangezien U gedurende langer dan drie weken in gebreke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw plaats op de markt Uilenburg te betalen, waarschuw ik U hierbij, dat U alsnog vóór 6 Januari a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.

Ik wijs U er met nadruk op, dat, indien U langer in gebreke blijft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 7 Januari a.s. onherroepelijk wordt ingetrokken.

Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw verplichtingen te voldoen (bijvoorbeeld omdat U steun geniet, in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellijk in dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.

Handgeschreven: op het marktkantoor Waterlooplein.

De Directeur,

[Onderaan links in kleine letters:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1533. * Inhoud: De brief is een formele ingebrekestelling. De heer A.H. Prenger heeft een betalingsachterstand van meer dan drie weken voor zijn staanplaats op de markt Uilenburg. Hem wordt een ultimatum gesteld tot 6 januari 1940 om de schuld te voldoen, op straffe van het onherroepelijk verliezen van zijn vaste marktplaats per 7 januari.
* Toon: De toon is ambtelijk, dwingend en juridisch onderbouwd door te verwijzen naar het 'Reglement op de Markten'.
* Uitzonderingsclausule: Interessant is de expliciete vermelding van redenen voor betalingsuitstel, zoals het genieten van 'steun' (sociale bijstand) of ziekenhuisopname. Dit duidt op de precaire sociaaleconomische positie waarin veel marktkooplieden zich in die tijd bevonden.
* Administratieve details: Hoewel de hoofdzetel van het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat 14 lag (bij de Centrale Markthallen), geeft een handgeschreven toevoeging aan dat de ontvanger zich moet melden bij het "marktkantoor Waterlooplein". Dit is logisch gezien de geografische nabijheid van de markt Uilenburg en de Lange Houtstraat (beiden in de toenmalige Joodse buurt). * Tijdsbeeld: Januari 1940. Nederland verkeert in de periode van de 'Mobilisatie'. Hoewel nog neutraal, is de oorlogsdreiging (de Tweede Wereldoorlog was in september 1939 uitgebroken) overal voelbaar. De economische situatie voor kleine zelfstandigen was moeizaam.
* Locatie: De markt op Uilenburg was een van de belangrijkste markten in de oude Joodse wijk van Amsterdam. Het was een levendig maar armoedig deel van de stad. De Lange Houtstraat, waar de ontvanger woonde, lag in het hart van deze buurt.
* Bureaucreatie: Het document (Model No. 8) toont de strakke organisatie van het Amsterdamse Marktwezen. Er werden grote hoeveelheden van dit soort standaardformulieren gedrukt (de code onderaan suggereert een oplage van 10.000 in juni 1938), wat aangeeft dat wanbetaling onder marktkooplieden een structureel probleem was voor de gemeente.
* Historische betekenis: Slechts enkele maanden na deze brief, in mei 1940, zou de Duitse bezetting beginnen, wat desastreuze gevolgen zou hebben voor de Joodse bevolking en de marktkooplieden in dit specifieke deel van Amsterdam. Of de heer Prenger Joods was is op basis van de naam niet direct vast te stellen, maar hij was als bewoner en koopman op Uilenburg nauw verbonden met de gemeenschap daar. A.H. Prenger Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een formele ingebrekestelling. De heer A.H. Prenger heeft een betalingsachterstand van meer dan drie weken voor zijn staanplaats op de markt Uilenburg. Hem wordt een ultimatum gesteld tot 6 januari 1940 om de schuld te voldoen, op straffe van het onherroepelijk verliezen van zijn vaste marktplaats per 7 januari.
  • Toon: De toon is ambtelijk, dwingend en juridisch onderbouwd door te verwijzen naar het 'Reglement op de Markten'.
  • Uitzonderingsclausule: Interessant is de expliciete vermelding van redenen voor betalingsuitstel, zoals het genieten van 'steun' (sociale bijstand) of ziekenhuisopname. Dit duidt op de precaire sociaaleconomische positie waarin veel marktkooplieden zich in die tijd bevonden.
  • Administratieve details: Hoewel de hoofdzetel van het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat 14 lag (bij de Centrale Markthallen), geeft een handgeschreven toevoeging aan dat de ontvanger zich moet melden bij het "marktkantoor Waterlooplein". Dit is logisch gezien de geografische nabijheid van de markt Uilenburg en de Lange Houtstraat (beiden in de toenmalige Joodse buurt).

Historische Context

  • Tijdsbeeld: Januari 1940. Nederland verkeert in de periode van de 'Mobilisatie'. Hoewel nog neutraal, is de oorlogsdreiging (de Tweede Wereldoorlog was in september 1939 uitgebroken) overal voelbaar. De economische situatie voor kleine zelfstandigen was moeizaam.
  • Locatie: De markt op Uilenburg was een van de belangrijkste markten in de oude Joodse wijk van Amsterdam. Het was een levendig maar armoedig deel van de stad. De Lange Houtstraat, waar de ontvanger woonde, lag in het hart van deze buurt.
  • Bureaucreatie: Het document (Model No. 8) toont de strakke organisatie van het Amsterdamse Marktwezen. Er werden grote hoeveelheden van dit soort standaardformulieren gedrukt (de code onderaan suggereert een oplage van 10.000 in juni 1938), wat aangeeft dat wanbetaling onder marktkooplieden een structureel probleem was voor de gemeente.
  • Historische betekenis: Slechts enkele maanden na deze brief, in mei 1940, zou de Duitse bezetting beginnen, wat desastreuze gevolgen zou hebben voor de Joodse bevolking en de marktkooplieden in dit specifieke deel van Amsterdam. Of de heer Prenger Joods was is op basis van de naam niet direct vast te stellen, maar hij was als bewoner en koopman op Uilenburg nauw verbonden met de gemeenschap daar.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 35

A. Klein Uilenburg
A. Koper Uilenburg
A. Lister Uilenburg (34)
A. Lopes Dias Uilenburg (35)
V. Kolm Uilenburg
B. Kloots Uilenburg
B.L. de Leeuw Uilenburg
C. de Leeuw Uilenburg
E. de Leeuw Uilenburg
F. Kramer Uilenburg
V. Leeuwen Uilenburg
G. Krijt Uilenburg
H. Kloot Uilenburg
H. Knoop Uilenburg
H. Last Uilenburg
H. Lerner Uilenburg
H. Letgever Uilenburg (1)
J. de Leeuw Uilenburg
G. Kolm Uilenburg
J. de Leeuwe Uilenburg
J. Krak Uilenburg
J. Lam Uilenburg
J. Leutken Uilenburg (32)
C. van Kleef Uilenburg 8
L. Knoop Uilenburg
B. Schuffeleers. Uilenburg (32)
M. Koster Uilenburg
G. de Klijn Uilenburg
O. Lang Uilenburg
Alle 35 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3