Archief 745
Inventaris 745-323
Pagina 202
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven concept of afschrift van een officiële brief.

27 februari 1940. Van: Een gemeentelijk ambtenaar (namens het College van Burgemeester en Wethouders).

Origineel

Handgeschreven concept of afschrift van een officiële brief. 27 februari 1940. Een gemeentelijk ambtenaar (namens het College van Burgemeester en Wethouders). [Bovenaan in rood en zwart potlood/inkt:] 3/1/5 16

N. aanl. v. Uw brief d.d.
22 Jan jl. - deel ik U mede, dat
B. en W. mij hebben gemachtigd
U, ondanks het feit, dat U de
Nederlandsche nationaliteit niet
heeft, voor een vaste markt-
plaats in aanmerking te doen
komen. U kunt zich thans
ten hoofdkantore van mijn dienst
vervoegen (onder medebrenging van dezen
brief) teneinde U op de sollicitanten-
lijst der door U gewenschte markt te
doen inschrijven. [paraaf]
27-2-40 [paraaf] * Inhoud: De brief is een antwoord op een verzoek van 22 januari van dat jaar. De geadresseerde krijgt te horen dat de gemeente (B. en W.) een uitzondering maakt op de nationaliteitseis. Ondanks het feit dat de persoon geen Nederlander is, mag hij/zij zich toch inschrijven op de wachtlijst ("sollicitantenlijst") voor een vaste marktplaats.
* Vorm: Het betreft een zakelijke, ambtelijke mededeling. Het handschrift is een vlot, enigszins cursief kantoorschrift uit de vroege 20e eeuw.
* Terminologie: Termen als "B. en W." (Burgemeester en Wethouders), "jongstleden" (jl.), "hoofdkantore" (met archaïsche naamvalsuitgang) en "vervoegen" zijn typerend voor de toenmalige ambtelijke correspondentie.
* Spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de spelling-De Vries en Te Winkel (bijv. "Nederlandsche", "gewenschte", "dezen"), die in 1940 nog de standaard was. * Historische context: Het document dateert van 27 februari 1940. Dit is enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het toont aan dat de normale gemeentelijke bureaucratie en regelgeving op dat moment nog volledig functioneerden.
* Maatschappelijke context: De eis van de Nederlandse nationaliteit voor een vaste marktplaats suggereert een vorm van bescherming van de eigen middenstand. Dat hier een uitzondering wordt gemaakt door het college van B. en W., wijst op een individuele belangenafweging of een specifiek beleid voor bepaalde groepen vreemdelingen in die tijd.
* Administratieve context: De brief dient als bewijsstuk; de ontvanger moet de brief fysiek meenemen naar het hoofdkantoor om de inschrijving te voltooien. De nummers bovenaan de pagina zijn waarschijnlijk archiefkenmerken (dossiernummers).

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een antwoord op een verzoek van 22 januari van dat jaar. De geadresseerde krijgt te horen dat de gemeente (B. en W.) een uitzondering maakt op de nationaliteitseis. Ondanks het feit dat de persoon geen Nederlander is, mag hij/zij zich toch inschrijven op de wachtlijst ("sollicitantenlijst") voor een vaste marktplaats.
  • Vorm: Het betreft een zakelijke, ambtelijke mededeling. Het handschrift is een vlot, enigszins cursief kantoorschrift uit de vroege 20e eeuw.
  • Terminologie: Termen als "B. en W." (Burgemeester en Wethouders), "jongstleden" (jl.), "hoofdkantore" (met archaïsche naamvalsuitgang) en "vervoegen" zijn typerend voor de toenmalige ambtelijke correspondentie.
  • Spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de spelling-De Vries en Te Winkel (bijv. "Nederlandsche", "gewenschte", "dezen"), die in 1940 nog de standaard was.

Historische Context

  • Historische context: Het document dateert van 27 februari 1940. Dit is enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het toont aan dat de normale gemeentelijke bureaucratie en regelgeving op dat moment nog volledig functioneerden.
  • Maatschappelijke context: De eis van de Nederlandse nationaliteit voor een vaste marktplaats suggereert een vorm van bescherming van de eigen middenstand. Dat hier een uitzondering wordt gemaakt door het college van B. en W., wijst op een individuele belangenafweging of een specifiek beleid voor bepaalde groepen vreemdelingen in die tijd.
  • Administratieve context: De brief dient als bewijsstuk; de ontvanger moet de brief fysiek meenemen naar het hoofdkantoor om de inschrijving te voltooien. De nummers bovenaan de pagina zijn waarschijnlijk archiefkenmerken (dossiernummers).

Kooplieden in dit dossier 35

A. Klein Uilenburg
A. Koper Uilenburg
A. Lister Uilenburg (34)
A. Lopes Dias Uilenburg (35)
V. Kolm Uilenburg
B. Kloots Uilenburg
B.L. de Leeuw Uilenburg
C. de Leeuw Uilenburg
E. de Leeuw Uilenburg
F. Kramer Uilenburg
V. Leeuwen Uilenburg
G. Krijt Uilenburg
H. Kloot Uilenburg
H. Knoop Uilenburg
H. Last Uilenburg
H. Lerner Uilenburg
H. Letgever Uilenburg (1)
J. de Leeuw Uilenburg
G. Kolm Uilenburg
J. de Leeuwe Uilenburg
J. Krak Uilenburg
J. Lam Uilenburg
J. Leutken Uilenburg (32)
C. van Kleef Uilenburg 8
L. Knoop Uilenburg
B. Schuffeleers. Uilenburg (32)
M. Koster Uilenburg
G. de Klijn Uilenburg
O. Lang Uilenburg
Alle 35 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3