Uittreksel (Extract) uit het Boek der Besluiten van de Regeringscommissaris voor Amsterdam.
Origineel
Uittreksel (Extract) uit het Boek der Besluiten van de Regeringscommissaris voor Amsterdam. 6 juni 1941 (met terugwerkende kracht tot 1 juni 1941). [Linksboven in paars stempel:]
Nº 46A / 6 / 5 M. 1941 12/6
[Rechtsboven handgeschreven in potlood:]
582 / de H. Marktw.
No. 167 L.M.1941
[Rechterkolom bovenin:]
In rekening brengen van omzetbelasting en intrekken besluit van Burgemeester en Wethouders van 31 Januari 1941, No. 167 L.M.1941, inzake heffing "administratiekosten" voor koopers van visch op den Gemeentelijken Visafslag.
[Centraal:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
den Regeeringscommissaris voor Amsterdam,
Vrijdag 6 Juni 1941.
[Rechts van de kop 'Extract' diverse handgeschreven aantekeningen en parafen, waaronder:]
nu [met verbindingslijn]
M [paraaf]
(3)
[Hoofdtekst:]
Op voorstel van den Wethouder voor het Onderwijs, voor den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Regeeringscommissaris voor Amsterdam;
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 24 Mei 1941 No. 46 A/6/3 M;
Gelet op het advies van den Wethouder voor de Financiën d.d. 29 Mei 1941 No. 216/820.7 Fin. 1941;
Gelet op het besluit van Burgemeester en Wethouders van 31 Januari 1941, No. 167 L.M.1941;
B e s l u i t :
gerekend te zijn ingegaan 1 Juni 1941;
1e. goed te keuren, dat door den Directeur van het Marktwezen in den vervolge 2½% respectievelijk ½% omzetbelasting aan den aanvoerder van visch op den Gemeentelijken Visafslag in rekening wordt gebracht;
2e. bovenvermeld besluit van Burgemeester en Wethouders in te trekken.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (4 stuks) en Financiën (2 stuks).
GH.
[Paraaf]
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
[Getekend:]
** (get.) J. Walch**
l.s. Dit document betreft een formeel besluit van de regeringscommissaris van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kern van het besluit is een verschuiving in de wijze waarop kosten worden verhaald op de Gemeentelijke Visafslag. Een eerder besluit uit januari 1941, waarbij kopers van vis "administratiekosten" moesten betalen, wordt geannuleerd. In de plaats daarvan wordt een omzetbelasting van 2,5% (en een gereduceerd tarief van 0,5%) ingevoerd die direct in rekening wordt gebracht bij de aanvoerders (de vissers of handelaren die de vis ter veiling aanbieden). Het besluit werkt met terugwerkende kracht vanaf 1 juni 1941. Ten tijde van dit document (juni 1941) was het democratische bestuur van Amsterdam vervangen door het regime van de bezetter. De functie van 'Regeringscommissaris' (vervuld door Edward Voûte) verving de bevoegdheden van zowel de burgemeester als de gemeenteraad.
De wijziging in de belastingheffing is illustratief voor de economische herstructurering tijdens de bezettingsjaren. De Nederlandse omzetbelasting was kort daarvoor (december 1940) ingrijpend gewijzigd naar Duits model. De Visafslag was een cruciale schakel in de voedselvoorziening van de stad; door de heffing te verplaatsen van de koper naar de aanvoerder, probeerde men waarschijnlijk de administratieve afhandeling te stroomlijnen of de prijsvorming voor de consument directer te beïnvloeden in een periode van toenemende distributie en schaarste. De afkorting "l.s." onderaan staat voor loco secretarii (in plaats van de secretaris).