Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 149
Dossier 44
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte pagina (doorslag of origineel op schrijfmachine), genummerd "-2-".

Origineel

Getypte pagina (doorslag of origineel op schrijfmachine), genummerd "-2-". -2-

gelijke positie inneemt als de Gemeentelijke afslag
te Amsterdam. Ook te IJmuiden werd, zoolang de Wet
op de Omzetbelasting 1933 de verplichting oplegde
~~aan~~ om de omzetbelasting afzonderlijk in rekening te
brengen, van de koopers 4% omzetbelasting geheven.
Na het inwerkingtreden van het nieuwe Besluit Omzet-
belasting 1940 op 1 Januari jl., waarbij het afzon-
derlijk doorberekenen van omzetbelasting werd ver-
boden, heeft het Staatsbedrijf de omzetbelasting ook
niet in een andere vorm, zooals te Amsterdam in den
vorm van administratiekosten is gebeurt, op de
koopers verhaald, doch zich op het standpunt gesteld,
dat vanaf 1 Januari 1941 de mijnsom was samengesteld
uit de koopsom plus omzetbelasting. Hieruit volgde,
dat aan de verkoopers (inzenders) de koopsom onder
aftrek van de omzetbelasting en verdere heffingen
(afslaggeld) werd afgedragen, hetgeen dus wil zeggen,
dat bij het Staatsvisschershavenbedrijf op het oogen-
blik de omzetbelasting voor rekening komt van den
verkooper (inzender). Deze maatregel heeft van de
zijde van de verkoopers geen enkele tegenstand onder-
vonden. Er is mijns inziens alle aanleiding om het
te IJmuiden gevolgde stelsel, dat een oplossing geeft
voor alle moeilijkheden, voor den afslag te Amster-
dam over te nemen.

Krachtens de bepaling van punt 11 van de Visch
regeling der Omzetbelasting is terzake van visch,
waarvan door den aanvoerder kan , die als
zoodanig bij den afslag bekend staat, een schrifte-
lijke verklaring aan het bestuur van den afslag is
verstrekt, dat het visch betreft, waarvoor reeds
omzetbelasting c.q. invoerbelasting is betaald, bij
aflevering, aan handelaren een half procent in
plaats van 2½ procent verschuldigd.

Aangezien de, op de Vischmarkt te Amsterdam,
aangevoerde visch, in de eerste instantie, veelal
gekocht werd op zoogenaamde primaire veilingen dat
wil zeggen op veilingen, waar de visscher aanvoert,
zal in de meeste gevallen slechts een half procent
omzetbelasting aan de inzenders in rekening behoeven
te worden gebracht. Voor de aanvoerder-handelaar
is het derhalve van groot ~~belang~~ financieel belang,
dat hij aan het bepaalde, vermeld in punt 11 van de
Vischregeling voldoet. * Kern van het betoog: Het document vergelijkt de wijze waarop de visafslag in IJmuiden (Staatsbedrijf) en Amsterdam (Gemeentelijk) omgaan met de nieuwe Omzetbelastingwet van 1940. Waar Amsterdam probeert de belasting via een omweg ("administratiekosten") bij de koper te houden, heeft IJmuiden ervoor gekozen de belasting te verrekenen in de uitbetaling aan de verkoper.
* Juridische context: Er wordt verwezen naar het 'Besluit Omzetbelasting 1940'. Dit besluit was een ingrijpende wijziging van het Nederlandse belastingstelsel tijdens de bezettingsjaren, waarbij de belasting niet langer openlijk op de factuur aan de consument/koper mocht worden doorberekend.
* Terminologie:
* Mijnsom: Het bedrag waarvoor een partij vis bij de afslag wordt gemijnd (gekocht).
* Inzender: De partij die de vis aanbiedt ter veiling (vissers of handelaren).
* Vischregeling: Specifieke uitvoeringsregels voor de visserijsector binnen de belastingwetgeving.
* Correcties in de tekst: In de vierde regel is "aan" vervangen door "om". In de laatste alinea is het woord "belang" overgetypt met kruisjes en vervangen door "financieel belang", wat duidt op een behoefte aan precisie in de rapportage. Dit document is een ambtelijk schrijven of adviesrapport, waarschijnlijk opgesteld door een inspecteur of een functionaris van de belastingdienst of het visserijbeheer. De tekst weerspiegelt de administratieve overgangsfase na de invoering van de nieuwe omzetbelasting per 1 januari 1941. Het geeft een uniek inkijkje in de frictie tussen lokale (gemeentelijke) uitvoering en rijksbeleid (het Staatsbedrijf in IJmuiden), waarbij de auteur adviseert om het "IJmuidense model" als standaard te hanteren voor Amsterdam om administratieve "moeilijkheden" te voorkomen.

Samenvatting

  • Kern van het betoog: Het document vergelijkt de wijze waarop de visafslag in IJmuiden (Staatsbedrijf) en Amsterdam (Gemeentelijk) omgaan met de nieuwe Omzetbelastingwet van 1940. Waar Amsterdam probeert de belasting via een omweg ("administratiekosten") bij de koper te houden, heeft IJmuiden ervoor gekozen de belasting te verrekenen in de uitbetaling aan de verkoper.
  • Juridische context: Er wordt verwezen naar het 'Besluit Omzetbelasting 1940'. Dit besluit was een ingrijpende wijziging van het Nederlandse belastingstelsel tijdens de bezettingsjaren, waarbij de belasting niet langer openlijk op de factuur aan de consument/koper mocht worden doorberekend.
  • Terminologie:
    • Mijnsom: Het bedrag waarvoor een partij vis bij de afslag wordt gemijnd (gekocht).
    • Inzender: De partij die de vis aanbiedt ter veiling (vissers of handelaren).
    • Vischregeling: Specifieke uitvoeringsregels voor de visserijsector binnen de belastingwetgeving.
  • Correcties in de tekst: In de vierde regel is "aan" vervangen door "om". In de laatste alinea is het woord "belang" overgetypt met kruisjes en vervangen door "financieel belang", wat duidt op een behoefte aan precisie in de rapportage.

Historische Context

Dit document is een ambtelijk schrijven of adviesrapport, waarschijnlijk opgesteld door een inspecteur of een functionaris van de belastingdienst of het visserijbeheer. De tekst weerspiegelt de administratieve overgangsfase na de invoering van de nieuwe omzetbelasting per 1 januari 1941. Het geeft een uniek inkijkje in de frictie tussen lokale (gemeentelijke) uitvoering en rijksbeleid (het Staatsbedrijf in IJmuiden), waarbij de auteur adviseert om het "IJmuidense model" als standaard te hanteren voor Amsterdam om administratieve "moeilijkheden" te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →