Concept-brief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Concept-brief (ambtelijke correspondentie). 20 januari 1941 (met handgeschreven datum 23/1/41). Onbekend (waarschijnlijk de beheerder of directeur van de Gemeentelijke Vischmarkt/Afslag). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. (Opmerking: Doorgehaalde tekst is weergegeven met een streep; handgeschreven toevoegingen zijn schuingedrukt tussen vierkante haken indien ze in de marge staan.)
[Bovenaan handgeschreven:]
concept
23/1/41
F wijziging van de Omzetbelastingwet 1933 (Staatsblad No 46 (opgenomen in Gemeenteblad Afdeling 4, Volgno. 294).
[Hoofdtekst:]
Omzetbelasting op visch.
Amsterdam, 20 Januari 1941.
Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.
Hiermede heb ik de eer het volgende onder Uw aandacht te brengen.
Terwijl vroeger het artikel visch vrijgesteld was van omzetbelasting, is hierin sedert 1 October jl. wijziging gekomen (vide hieromtrent het Besluit van den Secretaris-Generaal ~~van het Departement van Financiën betreffende~~ No. 294 enz. [handgeschreven: Gemeenteblad, afdeling 4, Volgno. 294]). ~~Het artikel visch werd~~ Met ingang van dien datum met 4% omzetbelasting belast; ingevolge artikel 7 2e lid van genoemd besluit, waren exploitanten van een vischafslag hoofdelijk mede aansprakelijk voor de belasting, verschuldigd van de aldaar afgeslagen visch. Ter uitvoering van een en ander werd dezerzijds van de koopers in de Gemeentelijke Vischafslag een bedrag geheven van 4% van elk koopbedrag. ~~De aldus ontvangen gelden werden door mijn dienst afgedragen aan den Ontvanger der Directe Belastingen.~~
[Handgeschreven in linker marge:]
Met uitzondering van enkele soorten, werd visch t.l.v. den afnemer. De afslag verhoogt de prijzen stukken namelijk telkens dag voor de berekening van de verschuldigde omzetbelasting. De Vischmarkt ontving maandelijks een aanslag ten bedrage van 4% van het totaal der opbrengst van alle in de visafslag naar maand gereikte... en voldeed deze aanslag aan den Ontvanger der Directe Belastingen.
[Vervolg getypte tekst:]
Met ingang van 1 Januari jl. is bovenbedoeld Besluit gewijzigd (vide [handgeschreven: Gemeenteblad, afdeling 4, Volgno. 654] ~~no. 654 Gem. blad 4~~). Krachtens artikel 6, sub 2 van dit Besluit wordt thans 2½% omzetbelasting geheven. De belasting is krachtens artikel 7 verschuldigd door den ondernemer, die de levering heeft verricht, i.c. de Gem. Vischmarkt. Terwijl vroeger op de aan koopers uit te reiken nota, de verschuldigde omzetbelasting afzonderlijk in rekening moest worden gebracht, is het thans krachtens artikel 25 van het nieuwe besluit den ondernemers verboden, aan degenen, dan wie de leveringen geschieden de omzetbelasting ~~in rekening~~ geheel of gedeeltelijk ~~in~~ afzonderlijk in rekening te brengen. In het Algemeen zal dus een ondernemer zijn verkoopsprijzen zoodanig moeten stellen, dat de door hem verschuldigde omzetbelasting daardoor op zijn afnemers wordt verhaald.
Dit laatste brengt voor de Vischmarkt administratieve moeilijkheden met zich mede, omdat de in den afslag werkelijk gemijnde prijs, die ten slotte aan de aanvoerders, na aftrek der afslaggelden, krachtens artikel 15 jo art 23 van de Verordening op de Heffing moet worden uitbetaald, in de administratie tot uitdrukking moet komen.
Ik heb deze moeilijkheden besproken met den Inspecteur der Omzetbelasting, die geen bezwaar had, dat de onderhavige belasting voorloopig afzonderlijk aan de koopers werd in rekening gebracht, mits de benaming "omzetbelasting" hierbij werd vermeden. Tegen het in rekening brengen van deze belasting aan de koopers onder den naam van "toeslag" of dergelijke had genoemder Inspecteur geenerlei bezwaar.
[Onderaan handgeschreven:]
... met een zekere prijsverhooging te belasten.
--- Dit document is een ambtelijke voorbereiding (concept) voor een besluit over hoe de Gemeentelijke Vischmarkt in Amsterdam moet omgaan met een wijziging in de belastingwetgeving tijdens de Duitse bezetting.
- Kernprobleem: Per 1 januari 1941 is het tarief van de omzetbelasting op vis verlaagd van 4% naar 2,5%, maar is het tegelijkertijd wettelijk verboden (Art. 25) om deze belasting apart op de factuur te vermelden. De belasting moet in de verkoopprijs worden verwerkt.
- Praktische hinder: Bij een visafslag (veiling) is dit lastig, omdat de prijs tot stand komt door het "mijnen" (bieden). De afslag fungeert als tussenpersoon tussen de aanvoerder (visser) en de koper. Als de belasting onzichtbaar in de prijs zit, wordt de boekhoudkundige afwikkeling met de visser (die de netto-opbrengst minus kosten moet ontvangen) complex.
- Oplossing: Er is overleg geweest met de Belastinginspectie. Men stelt voor om de wet te omzeilen door de heffing op de nota niet meer "omzetbelasting" te noemen, maar "toeslag".
--- Dit document stamt uit de beginperiode van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (januari 1941). Hoewel de bezetting in volle gang was, bleef het Nederlandse overheidsapparaat grotendeels functioneren volgens de bestaande bureaucratische lijnen, zij het onder toezicht van de bezetter.
De tekst verwijst naar besluiten van de "Secretaris-Generaal van het Departement van Financiën". Tijdens de bezetting namen de secretarissen-generaal de rol van ministers over. De wijziging in de omzetbelasting was onderdeel van een bredere gelijkschakeling van het belastingstelsel met het Duitse systeem. De worsteling van de Amsterdamse ambtenaren met de praktische uitvoering van deze regels toont aan hoe lokale instanties probeerden te manoeuvreren tussen nieuwe landelijke regels en de dagelijkse handelspraktijk op de markt.