Handgeschreven conceptbrief of interne nota.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of interne nota. [Marginaal: omcirkelde 3]
berekenen van een toeslag van 2,563%
wordt bereikt, dat de afslag na
aftrek der omzetbelasting, het netto
geprijsde bedrag overhoudt.
[Doorgehaald: Bovendien zal vermoedelijk
inwerkingtreding van het nieuwe Besluit
ook omzetbelasting geheven moeten
worden wegens het verrichten van
diensten (art. 11 sub. 2°)]
Een en ander heb ik [doorgehaald: is]
besproken met den Accountant der
Afd. Financiën, belast met de controle
over mijnen dienst, die van oordeel was, dat
deze ^prijsverhooging^ [doorgehaald: tekst onleesbaar] zonder de benaming „Admini-
stratiekosten” afzonderlijk van de
koopers in rekening kon worden gebracht [doorgehaald: te brengen].
Ik geef u beleefd in over-
weging mij, zoo mogelijk spoedig,
te machtigen, de hierboven omschreven
gedragslijn m.i.v. 1 Februari a.s. voor
de Wehrmacht in te voeren.
[Horizontale streep over de breedte van de pagina]
[Doorgehaald: De mogelijkheid bestaat]
Het nieuwe besluit op de
omzetbelasting schrijft verder voor, dat
ook over [doorgehaald: bewezen] ^verleende^ diensten, welke
tegen vergoeding worden verricht,
omzetbelasting moet worden betaald.
Voor de Wehrmacht beteekent dit,
zou hieronder ook worden verstaan,
de belasting, die krachtens art. 5 sub. b der
Verordening op de Heffing wordt geheven van
personen, wien toegang tot de Wehrmacht
is verleend en krachtens art. 5 sub. b.
van personen, die van den afslag gebruik
maken, dan zou dit voor de Wehrmacht
beteekenen, dat over het totaal van deze
belastingen tot een bedrag van rond f. 10.000,- De kern van dit document is een technisch-administratieve uitwerking van een belastingwijziging. De schrijver stelt voor om een specifieke toeslag van 2,563% te hanteren. Dit percentage is exact berekend om ervoor te zorgen dat na aftrek van de verschuldigde omzetbelasting het netto-ontvangstbedrag gelijk blijft aan de oorspronkelijke prijs (een zogenaamde 'terugrekening' of brutering).
Er is overleg geweest met een accountant van de Afdeling Financiën. De conclusie is dat deze verhoging niet expliciet als "administratiekosten" moet worden gelabeld, maar als een algemene prijsverhoging aan de kopers (in dit geval de bezettingsmacht) in rekening gebracht kan worden. Het tweede deel van de tekst behandelt de uitbreiding van de omzetbelasting naar diensten, wat een aanzienlijke financiële impact zou hebben (geschat op f. 10.000,-). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1940/1941 werd het Nederlandse belastingstelsel door de bezetter aangepast om aan te sluiten bij het Duitse systeem (onder andere de invoering van de nieuwe Omzetbelasting per 1 januari 1941).
Het document illustreert de bureaucratische realiteit van die tijd: Nederlandse overheidsinstanties moesten hun boekhouding en prijsstelling nauwgezet aanpassen aan de nieuwe verordeningen, ook wanneer zij rechtstreeks zaken deden met of diensten verleenden aan de Wehrmacht. De genoemde "f. 10.000,-" (gulden) was voor die tijd een aanzienlijk bedrag, wat het belang van deze ambtelijke exercitie onderstreept.