Archiefdocument
Origineel
Artikel 5.
Dit Besluit treedt in werking met ingang van 20 October 1941.
's-Gravenhage, den 16 October 1941.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
w.g. N. Haasnoot, w.g. P. de Prez,
Directeur. Secretaris.
Bovengenoemd afgekondigd besluit van de Nederlandsche Visscherijcentrale is een Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941, afgekondigd in de Staatscourant van 6 Augustus 1941, No 151, hetwelk op haar beurt gebaseerd is op het Voedselvoorzieningsbesluit 30. Economisch Sanctiebesluit 1941.
Derhalve wordt degene, die handelt in strijd met de voorschriften, vervat in bovengenoemd Besluit No 2 van de Nederlandsche Visscherijcentrale, gestraft met hechtenis van ten hoogste een jaar en/of met geldboete van ten hoogste vijf en twintig duizend gulden.
Degene, die de voorschriften, vervat in genoemd Besluit No 2 van de Nederlandsche Visscherijcentrale, opzettelijk niet nakomt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste 6 jaren en/of met geldboete van ten hoogste een honderd duizend gulden.
Gr/Me
--- Dit document betreft de officiële afkondiging van "Besluit No 2" door de Nederlandsche Visscherijcentrale in oktober 1941. De kern van het document is de inwerkingtreding per 20 oktober 1941 en de juridische onderbouwing van de strafmaat bij overtreding.
Opvallend is de rigoureuze strafmaat die wordt vermeld in het onderste gedeelte:
1. Niet-opzettelijke overtreding: Maximaal 1 jaar hechtenis en/of een boete van 25.000 gulden (een enorm bedrag voor die tijd).
2. Opzettelijke overtreding: Maximaal 6 jaar gevangenisstraf en/of een boete van 100.000 gulden.
Het document fungeert als een dwingende waarschuwing aan vissers en handelaren om zich strikt te houden aan de nieuwe regelgeving rondom de voedselvoorziening en visserij onder het bezettingsregime.
--- Het document dateert uit het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De "Nederlandsche Visscherijcentrale" was een organisatie die door de bezetter werd gebruikt om de visserijsector volledig onder controle te krijgen. Dit paste binnen het bredere beleid van de gelijkschakeling en de centrale aansturing van de voedselvoorziening.
Tijdens de oorlog was voedsel schaars en strikt gerantsoeneerd. De visserij was voor de bezetter van groot strategisch belang voor de voedselvoorziening, zowel voor de Nederlandse bevolking als voor export naar Duitsland. Tegelijkertijd legde de Kriegsmarine zware beperkingen op aan de vaart op de Noordzee vanwege oorlogsrisico's en vluchtgevaar naar Engeland.
De verwijzing naar het "Economisch Sanctiebesluit 1941" is cruciaal. Dit besluit gaf de autoriteiten verregaande bevoegdheden om economische misstappen (zoals zwarte handel of het achterhouden van voorraden) keihard af te straffen. De genoemde boetes van tienduizenden tot honderdduizend gulden waren in 1941 astronomisch en bedoeld als krachtig afschrikmiddel tegen elke vorm van sabotage of eigenmachtig handelen in de visserijsector. N. Haasnoot P. de Prez