Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 355
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

№ 579

BESLUIT № 2 VAN DE NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE TOT REGELING VAN DE VISCHVOORZIENING VAN DE GEMEENTE AMSTERDAM.

DE NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE;
Gelet op het Visscherijbesluit 1941;
HEEFT BEPAALD:

Artikel 1.
Dit Besluit verstaat onder:
"vischafslag": den gemeentelijken vischafslag te Amsterdam, het zoogenaamde buitenterrein van dezen vischafslag hieronder niet begrepen;
"verhandelen": verhandelen en doen verhandelen;
"afleveren": afleveren en doen afleveren.

Artikel 2.
1. De groothandelaren in zoetwatervisch, die daartoe door de Nederlandsche Visscherijcentrale zijn aangewezen, zijn verplicht een wekelijks door de Nederlandsche Visscherijcentrale vast te stellen hoeveelheid zoetwatervisch over den vischafslag te verhandelen en af te leveren.
2. De in het vorige lid bedoelde hoeveelheid wordt tijdig schriftelijk aan de betrokken groothandelaren ter kennis gebracht. Zij zijn verplicht er voor zorg te dragen, dat deze hoeveelheid zoetwatervisch zoo gelijkmatig mogelijk over de geheele week wordt verdeeld.

Artikel 3.
De op den vischafslag aangevoerde zoetwatervisch wordt door of namens den Directeur van den Vischafslag onder de vischhandelaren verdeeld overeenkomstig een door of namens den Directeur van het Marktwezen van de gemeente Amsterdam opgemaakte en door de Nederlandsche Visscherijcentrale goedgekeurde verdeellijst.

Artikel 4.
1. Voor zoover niet over den vischafslag wordt verhandeld, zijn de groothandelaren in zoetwatervisch verplicht hun voor de vischvoorziening van de gemeente Amsterdam bestemde zoetwatervisch uitsluitend af te leveren aan hun in de gemeente Amsterdam gevestigde afnemers, aan wie zij in de jaren 1939 en 1940 hebben geleverd, met uitzondering van venters en marktkooplieden.
2. De groothandelaren in zoetwatervisch, als bedoeld in het vorige lid, zijn verplicht, alvorens af te leveren, aan de Nederlandsche Visscherijcentrale een opgave te verstrekken van de namen en adressen van de in het eerste lid bedoelde afnemers en deze leveringen aan de Nederlandsche Visscherijcentrale ter goedkeuring voor te leggen.

Z.O.Z. Dit document is een juridisch besluit dat de distributie van zoetwatervis in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren strikt reguleert. De kern van het besluit is de centralisatie van de handel:

  1. Controle op de aanvoer: Groothandelaren worden verplicht om specifieke quota ("wekelijks vast te stellen hoeveelheid") via de officiële gemeentelijke visafslag te verhandelen. Hiermee wordt getracht de zwarte handel buiten de officiële kanalen om te minimaliseren.
  2. Verdeelingsmechanisme: De vis wordt niet via vrije marktwerking verkocht, maar verdeeld op basis van een vooraf opgestelde "verdeellijst", opgesteld door het Marktwezen en goedgekeurd door de Nederlandsche Visscherijcentrale.
  3. Bevriezing van de markt: Artikel 4 is bijzonder interessant; het stelt dat handel buiten de afslag om enkel mag plaatsvinden aan afnemers die reeds in 1939 en 1940 (vóór of aan het begin van de bezetting) klant waren. Dit duidt op een poging om de distributiekanalen te bevriezen en te controleren op basis van historische gegevens.
  4. Uitsluiting: Venters en marktkooplieden worden specifiek uitgesloten van deze directe leveringen, wat wijst op een voorkeur voor de gevestigde (makkelijker te controleren) detailhandel. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een zogenaamde publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie, opgericht onder toezicht van de bezetter om de gehele visserijsector te reguleren.

In 1941 was de voedselschaarste in de steden al merkbaar. De bezetter voerde een strak distributiestelsel in om de schaarse middelen te beheersen en te voorkomen dat producten op de zwarte markt verdwenen. Dit besluit is een instrument van die "begeleide economie". Door de jaren 1939-1940 als referentiepunt te gebruiken, probeerde de administratie de distributie terug te brengen naar een "normale" situatie, terwijl ze tegelijkertijd volledige controle hield over wie wat kreeg. Amsterdam, als grote stad, was voor de visvoorziening kritiek, zeker omdat vlees steeds schaarser werd. Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een juridisch besluit dat de distributie van zoetwatervis in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren strikt reguleert. De kern van het besluit is de centralisatie van de handel:

  1. Controle op de aanvoer: Groothandelaren worden verplicht om specifieke quota ("wekelijks vast te stellen hoeveelheid") via de officiële gemeentelijke visafslag te verhandelen. Hiermee wordt getracht de zwarte handel buiten de officiële kanalen om te minimaliseren.
  2. Verdeelingsmechanisme: De vis wordt niet via vrije marktwerking verkocht, maar verdeeld op basis van een vooraf opgestelde "verdeellijst", opgesteld door het Marktwezen en goedgekeurd door de Nederlandsche Visscherijcentrale.
  3. Bevriezing van de markt: Artikel 4 is bijzonder interessant; het stelt dat handel buiten de afslag om enkel mag plaatsvinden aan afnemers die reeds in 1939 en 1940 (vóór of aan het begin van de bezetting) klant waren. Dit duidt op een poging om de distributiekanalen te bevriezen en te controleren op basis van historische gegevens.
  4. Uitsluiting: Venters en marktkooplieden worden specifiek uitgesloten van deze directe leveringen, wat wijst op een voorkeur voor de gevestigde (makkelijker te controleren) detailhandel.

Historische Context

Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een zogenaamde publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie, opgericht onder toezicht van de bezetter om de gehele visserijsector te reguleren.

In 1941 was de voedselschaarste in de steden al merkbaar. De bezetter voerde een strak distributiestelsel in om de schaarse middelen te beheersen en te voorkomen dat producten op de zwarte markt verdwenen. Dit besluit is een instrument van die "begeleide economie". Door de jaren 1939-1940 als referentiepunt te gebruiken, probeerde de administratie de distributie terug te brengen naar een "normale" situatie, terwijl ze tegelijkertijd volledige controle hield over wie wat kreeg. Amsterdam, als grote stad, was voor de visvoorziening kritiek, zeker omdat vlees steeds schaarser werd.

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zoetwatervis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →