Archiefdocument
Origineel
17 oktober 1941 Nº 46A/39/10 M. 1941 10/10 [stempel] 800 [doorgestreept]
N E D E R L A N D S C H E V I S S C H E R I J C E N T R A L E
Jul.v.Stolbergplein 3-4 Telefoon 720080+
Postgirorekening 245271 Intercomm. XX.
Afd. Jur.Zaken № 14194/581. 's-Gravenhage, 17 October 1941.
Betreffende: vischvoorzie-
ning Amsterdam.
Bijlage: div., t.w. A A N
Besluit(en) №2 van de N.V.C.
inzake vischvoorziening [handgeschreven: mil Dir / Insp. dist]
van Amsterdam.
Belanghebbenden.
____
Bijgaand doen wij U ter kennisneming toekomen Besluit
№ 2 van de Nederlandsche Visscherijcentrale tot regeling
van de vischvoorziening van de Gemeente Amsterdam.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handtekening: W. Haamel]
Directeur.
Gr/Gr. Dit document is een officiële begeleidende brief van de Nederlandsche Visscherijcentrale (N.V.C.), verzonden vanuit hun kantoor in Den Haag. De brief dient als formele kennisgeving aan "Belanghebbenden" over de implementatie van Besluit № 2, dat specifiek de visvoorziening voor de gemeente Amsterdam reguleert.
Opvallende kenmerken:
* Administratieve structuur: Het gebruik van referentienummers van de Afdeling Juridische Zaken wijst op een strakke juridische inbedding van de voedseldistributie.
* Handgeschreven annotaties: De notitie "mil Dir / Insp. dist" verwijst waarschijnlijk naar de Militaire Directie en de Inspecteur-distributeur, wat de nauwe betrokkenheid van zowel militaire (bezettings-)autoriteiten als distributieorganen aantoont.
* Ondertekening: De brief is ondertekend door de directeur (waarschijnlijk W. Haamel), wat het officiële karakter van de regeling bekrachtigt.
* Typografie: De brief is opgesteld op voorbedrukt briefpapier met de kenmerkende archaïsche spelling van die tijd ("vischvoorziening"). Het document dateert uit oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Nederlandsche Visscherijcentrale werd begin 1941 opgericht door de bezetter als onderdeel van de centralisatie van de voedselvoorziening.
In deze fase van de oorlog werd de schaarste aan voedsel nijpend. Vis werd een cruciaal alternatief voor vlees, dat steeds vaker op de bon ging of simpelweg niet beschikbaar was. Omdat Amsterdam de grootste bevolkingsconcentratie had, was een specifieke regeling ("Besluit № 2") noodzakelijk om de aanvoer en distributie in de stad te beheersen en te voorkomen dat de zwarte handel de overhand kreeg. De N.V.C. fungeerde hierbij als het centrale orgaan dat de belangen van de bezetter (voedselrust en export naar Duitsland) moest verenigen met de primaire levensbehoeften van de Nederlandse bevolking.