Typoscript (doorslag of afschrift van een officieel schrijven).
Origineel
Typoscript (doorslag of afschrift van een officieel schrijven). 2 februari 1942. Gemeentebestuur van Amsterdam (ondertekend door burgemeester E.J. Voûte en gemeentesecretaris J.F. Franken). Daarna zal nader worden nagegaan, of deze plaats U kan worden
toegewezen.
EB [paraf]
C.S. Stadhuis
A'dam, 2-'42.
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) Voûte
de Gemeentesecretaris,
(get.) J.F. FRANKEN
Noot: De onderstaande tekst is de in spiegelbeeld doorschijnende tekst van de voorzijde, voor zover leesbaar:
[Gemeente Amsterdam]
[...] beslissing van de Duitsche Autoriteiten mogen Jood-
sche [...] geen standplaatsen meer innemen buiten de
eigenlijke Joodsche wijken.
In verband hiermede wordt overwogen voor een aantal Joodsche
kooplieden een standplaats te vinden in een buurt (waarin)
[...] ook Uw standplaats ligt. Dit document vormt de afsluiting van een officiële kennisgeving van de gemeente Amsterdam. De tekst "Daarna zal nader worden nagegaan, of deze plaats U kan worden toegewezen" duidt op een lopende procedure betreffende de toewijzing van een specifieke locatie of standplaats. De handtekeningen zijn niet origineel maar getypt ("get."), wat betekent dat dit een kopie is voor het administratieve archief.
De initialen "EB" verwijzen waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaar van de afdeling Centrale Stad (C.S.). De datum, februari 1942, plaatst dit document midden in de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De historische context van dit schrijven is uiterst beladen. Hoewel de hoofdtekst neutraal-ambtelijk lijkt, onthult de in spiegelbeeld zichtbare tekst de ware aard van de correspondentie: de segregatie van Joodse Amsterdammers.
Vanaf begin 1941 voerden de Duitse bezetters, met medewerking van het door hen aangestelde gemeentebestuur onder burgemeester Edward Voûte, maatregelen in om Joden uit het openbare leven te weren. Dit omvatte het verbod voor Joodse marktkooplieden om nog langer op reguliere markten te staan. Zij werden gedwongen te verhuizen naar speciaal aangewezen "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Dit document is een bureaucratisch overblijfsel van de systematische uitsluiting en onteigening van de Joodse bevolking in Amsterdam. C.S. Stadhuis E.J. Vo J.F. Franken Gemeente Amsterdam Stadhuis
Samenvatting
Dit document vormt de afsluiting van een officiële kennisgeving van de gemeente Amsterdam. De tekst "Daarna zal nader worden nagegaan, of deze plaats U kan worden toegewezen" duidt op een lopende procedure betreffende de toewijzing van een specifieke locatie of standplaats. De handtekeningen zijn niet origineel maar getypt ("get."), wat betekent dat dit een kopie is voor het administratieve archief.
De initialen "EB" verwijzen waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaar van de afdeling Centrale Stad (C.S.). De datum, februari 1942, plaatst dit document midden in de periode van de Duitse bezetting van Nederland.
Historische Context
De historische context van dit schrijven is uiterst beladen. Hoewel de hoofdtekst neutraal-ambtelijk lijkt, onthult de in spiegelbeeld zichtbare tekst de ware aard van de correspondentie: de segregatie van Joodse Amsterdammers.
Vanaf begin 1941 voerden de Duitse bezetters, met medewerking van het door hen aangestelde gemeentebestuur onder burgemeester Edward Voûte, maatregelen in om Joden uit het openbare leven te weren. Dit omvatte het verbod voor Joodse marktkooplieden om nog langer op reguliere markten te staan. Zij werden gedwongen te verhuizen naar speciaal aangewezen "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Dit document is een bureaucratisch overblijfsel van de systematische uitsluiting en onteigening van de Joodse bevolking in Amsterdam.