Ambtelijke notitie of intern verslag betreffende de afwikkeling van een bedrijfspand.
Origineel
Ambtelijke notitie of intern verslag betreffende de afwikkeling van een bedrijfspand. 22 en 23 juli 1942. Op 22 Juli 1942 deelde
de Controleur Smit mede,
dat de liquidateur,
H. Boer Geestbrugweg 22
Rijswijk
geen huur meer wenschte te betalen
voor
E. v. M. van Loggem
en dat hij het pakhuis en kantoor
ontruiming per 31/5 1942 bij hem
Boer zou hebben toegezegd;
Alhoewel de Heer Boer
zich deze mondelinge opzegging niet
meer herinnerde (H. Boer was
inmiddels ook met vacantie).
bevestigde hij, dat het bewuste pakhuis
al geruimen tijd ledig staat.
Op grond van de tot dusverre,
t.a.v de Joodsche firma’s gevolgde
gedragslijn heb ik de gegevens ingenomen
en verzoek ik bij den Burgemeester
voorstel tot ontheffing per 1 Juni te
willen indienen.
23/7 1942. [Onleesbare paraaf] 202 Dit document is een ambtelijk verslag over de beëindiging van de huur en de daaropvolgende belastingtechnische afhandeling van een pakhuis en kantoor aan de Geestbrugweg 22 in Rijswijk. Het pand werd gebruikt door de firma van E. v. M. van Loggem. De notitie vermeldt dat de liquidateur, H. Boer, heeft aangegeven geen huur meer te willen betalen omdat het pand per 31 mei 1942 zou zijn ontruimd. Hoewel er aanvankelijk onduidelijkheid was over een mondelinge opzegging (Boer was op vakantie en herinnerde het zich niet direct), bevestigt hij de leegstand. De rapporteur stelt voor om de "gedragslijn" voor "Joodsche firma's" te volgen en de burgemeester te vragen om een ontheffing (waarschijnlijk van gemeentelijke belastingen) per 1 juni 1942. Het document dateert uit juli 1942, een periode waarin de systematische onteigening en liquidatie van Joodse bedrijven in Nederland door de Duitse bezetter in volle gang was. Bedrijven van Joodse eigenaren werden onder toezicht geplaatst van een Verwalter of een liquidateur (zoals de genoemde heer Boer) om de bezittingen te gelde te maken of de onderneming op te heffen. De ondernemer Emanuel (E. v. M.) van Loggem was een van de velen wiens bedrijf op deze wijze werd beëindigd. De term "Joodsche firma’s" en de verwijzing naar een specifieke "gedragslijn" onderstrepen de bureaucratische nauwkeurigheid waarmee de uitsluiting van Joden uit het economisch leven werd gedocumenteerd en uitgevoerd op lokaal gemeentelijk niveau. H. Boer M. van Loggem Smit (Controleur) Smit mede (Controleur)
Samenvatting
Dit document is een ambtelijk verslag over de beëindiging van de huur en de daaropvolgende belastingtechnische afhandeling van een pakhuis en kantoor aan de Geestbrugweg 22 in Rijswijk. Het pand werd gebruikt door de firma van E. v. M. van Loggem. De notitie vermeldt dat de liquidateur, H. Boer, heeft aangegeven geen huur meer te willen betalen omdat het pand per 31 mei 1942 zou zijn ontruimd. Hoewel er aanvankelijk onduidelijkheid was over een mondelinge opzegging (Boer was op vakantie en herinnerde het zich niet direct), bevestigt hij de leegstand. De rapporteur stelt voor om de "gedragslijn" voor "Joodsche firma's" te volgen en de burgemeester te vragen om een ontheffing (waarschijnlijk van gemeentelijke belastingen) per 1 juni 1942.
Historische Context
Het document dateert uit juli 1942, een periode waarin de systematische onteigening en liquidatie van Joodse bedrijven in Nederland door de Duitse bezetter in volle gang was. Bedrijven van Joodse eigenaren werden onder toezicht geplaatst van een Verwalter of een liquidateur (zoals de genoemde heer Boer) om de bezittingen te gelde te maken of de onderneming op te heffen. De ondernemer Emanuel (E. v. M.) van Loggem was een van de velen wiens bedrijf op deze wijze werd beëindigd. De term "Joodsche firma’s" en de verwijzing naar een specifieke "gedragslijn" onderstrepen de bureaucratische nauwkeurigheid waarmee de uitsluiting van Joden uit het economisch leven werd gedocumenteerd en uitgevoerd op lokaal gemeentelijk niveau.