Getypte rapportpagina (pagina 9).
Origineel
Getypte rapportpagina (pagina 9). Na 1941 (gelet op de referentie naar Ir. van Hiele in 1940/'41). - 9 -
De gegevens, welke wij bij het sorteeren verkregen, werden in onderstaande tabel weergegeven:
| Kuil | Object Gedeelte | Ges. aantal kg | in % van het ges. gedeelte: Rot | % Kiem; in cm. geen | % Kiem; in cm. tot 1/2 | % Kiem; in cm. 1/2-5 | % Kiem; in cm. 5-10 | % Kiem; in cm. 10-15 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| I Beh. | Z.bovenhelft | 80.25 | 9.3 | 0.3 | 19.6 | 31.8 | 30.3 | 8.7 |
| id | N. " | 95.30 | 8.4 | 0.5 | 18.1 | 26.8 | 37.8 | 8.4 |
| id | Onderhelft | 183.65 | 7.9 | 1.3 | 33.4 | 24.1 | 25.3 | 8.- |
| II Contr. | Z.bovenhelft | 57.25 | 9.6 | - | 10.- | 37.2 | 39.7 | 3.5 |
| id | N. " | 80.- | 7.5 | - | 22.9 | 26.9 | 34.6 | 8.1 |
| id | Onderhelft | 351.95 | 8.1 | - | 30.6 | 27.- | 29.5 | 4.8 |
| I Beh. | Totaal | 359.20 | 8.4 | 0.8 | 27.3 | 26.5 | 28.7 | 8.3 |
| II Contr. | id | 489.20 | 8.2 | - | 26.9 | 28.2 | 31.5 | 5.2 |
In het percentage verlies door "rot" is géén reëel verschil te constateeren tusschen de knollen uit den met Karsan- en den onbehandelden kuil. Verschillen tusschen de uitkomsten van de verschillende "mooten" zijn vrijwel niet aanwezig.
Vatten wij de cijfers voor door phytophtora aangetaste knollen bij aanvang tezamen, en vergelijken wij deze met de verkregen uitkomsten bij het openen van den kuil, dan is het volgende overzicht op te stellen:
| Kuil | Phytophtora totaal bij aanvang % | Rot b/h openen % | Verschil, toegenomen % |
|---|---|---|---|
| I Karsan beh. | 5.8 | 8.4 | 2.6 |
| II Contrôle | 6.1 | 8.2 | 2.1 |
Ook uit deze cijfers blijkt, dat in dit opzicht Karsan geen enkel voordeel heeft opgeleverd; de toename van rot is in beide kuilen vrijwel even groot: in den Karsankuil 2.6% toename, in den contrôle-kuil 2.1%.
Deze uitkomsten, gecombineerd met die van Ir. van Hiele in 1940/'41, doen ons constateeren, dat in normale gevallen een Karsan- * Wetenschappelijke methode: Het document toont een systematische vergelijking tussen een behandelde groep ("Beh." of "Karsan beh.") en een controlegroep ("Contr." of "Contrôle"). Er wordt gekeken naar het gewicht, het percentage rot en de kiemlengte in verschillende delen van de bewaarplaats (kuil).
* Belangrijkste bevinding: De behandeling met het middel "Karsan" heeft geen significante invloed op het voorkomen of de toename van rot (Phytophthora) bij aardappelen. Sterker nog, de toename van rot was in de controlekuil (2.1%) zelfs fractioneel lager dan in de behandelde kuil (2.6%).
* Terminologie:
* Kuil: Een traditionele methode om aardappelen buiten in hopen, afgedekt met stro en grond, te bewaren.
* Phytophthora: De gevreesde aardappelziekte (aardappelbruinrot).
* Kieming: De groei van uitlopers op de aardappelen, wat de kwaliteit bij bewaring beïnvloedt. Dit document stamt uit een periode (vermoedelijk de jaren '40 van de 20e eeuw) waarin de Nederlandse landbouw zocht naar wetenschappelijke methoden om voedselverliezen tijdens de winteropslag te minimaliseren. Tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog was voedselzekerheid cruciaal.
De genoemde "Ir. van Hiele" verwijst zeer waarschijnlijk naar Ir. Reinier van Hiele, een prominent landbouwkundige die destijds verbonden was aan het Instituut voor Bewaring en Verwerking van Landbouwproducten (IBVL) in Wageningen. Zijn onderzoek was fundamenteel voor de modernisering van de koeltechniek en opslagmethoden in de Nederlandse akkerbouw. Het document illustreert de kritische houding van onderzoekers tegenover commerciële bestrijdingsmiddelen: bewijs door middel van veldproeven was leidend.