Brief/Verzoekschrift
Origineel
Brief/Verzoekschrift C.J.G. ten Bosch, Van Hogendorpstraat 238-II, Amsterdam-West. Nº 53/7/1 M. 1942 12/1
11/1/’42.
Weledl. Heer. m.th. Bruinse
Hiermee neem ik de vrijheid
om u te vragen, of ik in
aanmerking kan komen
voor een kruierskaart.
ik ben in het bezit van
een paard en wagen.
Ik heb eenige weken
aardappelen in gedragen
maar dit is nu weer
afgeloopen.
Hoopende dat u mij hiermee
ter wille kunt zijn
teeken ik in afwachting
C. J. G. ten Bosch.
van Hogendorpstraat 238 II
A’Dam
West. De schrijver, de heer C.J.G. ten Bosch, richt een formeel verzoek aan een niet nader genoemde autoriteit (vermoedelijk een gemeentelijke instantie of de Kamer van Koophandel) voor het verkrijgen van een kruierskaart. Dit was een officiële vergunning om als kruier of transporteur van goederen werkzaam te mogen zijn.
Als motivatie voert hij aan dat hij over de nodige bedrijfsmiddelen beschikt (paard en wagen). Ook geeft hij aan dat zijn eerdere werkzaamheden — het transporteren ("in gedragen") van aardappelen — zijn opgehouden, wat duidt op een acute noodzaak voor nieuw, legaal werk. De toon is beleefd en afwachtend, passend bij de sociale verhoudingen van die tijd. Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de economie strak gereguleerd en was voor bijna elk beroep in de transportsector een officiële vergunning of 'kaart' nodig.
De vermelding van het transport van aardappelen is veelzeggend; de voedselvoorziening was cruciaal en vaak seizoensgebonden of afhankelijk van specifieke transporttoewijzingen. De afzender woonde in de Staatsliedenbuurt (Van Hogendorpstraat) in Amsterdam-West, een buurt waar veel arbeiders en kleine zelfstandigen woonden. De administratieve stempels bovenin wijzen op een zorgvuldige archivering door de ontvangende instantie, wat typisch is voor de bureaucratische aard van het toenmalige bestuur. Kamer van Koophandel
Samenvatting
De schrijver, de heer C.J.G. ten Bosch, richt een formeel verzoek aan een niet nader genoemde autoriteit (vermoedelijk een gemeentelijke instantie of de Kamer van Koophandel) voor het verkrijgen van een kruierskaart. Dit was een officiële vergunning om als kruier of transporteur van goederen werkzaam te mogen zijn.
Als motivatie voert hij aan dat hij over de nodige bedrijfsmiddelen beschikt (paard en wagen). Ook geeft hij aan dat zijn eerdere werkzaamheden — het transporteren ("in gedragen") van aardappelen — zijn opgehouden, wat duidt op een acute noodzaak voor nieuw, legaal werk. De toon is beleefd en afwachtend, passend bij de sociale verhoudingen van die tijd.
Historische Context
Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de economie strak gereguleerd en was voor bijna elk beroep in de transportsector een officiële vergunning of 'kaart' nodig.
De vermelding van het transport van aardappelen is veelzeggend; de voedselvoorziening was cruciaal en vaak seizoensgebonden of afhankelijk van specifieke transporttoewijzingen. De afzender woonde in de Staatsliedenbuurt (Van Hogendorpstraat) in Amsterdam-West, een buurt waar veel arbeiders en kleine zelfstandigen woonden. De administratieve stempels bovenin wijzen op een zorgvuldige archivering door de ontvangende instantie, wat typisch is voor de bureaucratische aard van het toenmalige bestuur.