Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. No.55/I L.M.1942. [Rechtsboven getypt:] Restitutie marktgeld. [Rechtsboven handgeschreven in blauw:] Marktbu [daaronder handgeschreven initialen en:] Th. Müller [in rood en blauw potlood/inkt].
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Vrijdag, 13 Maart 1942.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van het Marktwezen d.d. 5 Maart 1942, No.53/22/2 M;
B e s l u i t :
aan J.Peper, Tilanusstraat 30-I, op gronden van billijkheid een bedrag aan marktgeld van ƒ 9.50 te restitueeren, welk bedrag aan zijn vrouw kan worden uitgekeerd.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Financien (2 stuks).
Sh. [daaronder een handgeschreven paraaf]
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN [stempel in paarse inkt]
[Onderaan een groot paars stempel:]
No 53/22/3 M. 1942 [met handgeschreven toevoeging:] 20/3 * Inhoud: Het document betreft een formeel besluit om een relatief klein bedrag van 9,50 gulden aan marktgeld terug te betalen aan de heer J. Peper. De reden voor de restitutie wordt omschreven als "gronden van billijkheid", wat duidt op een coulance-besluit fremd aan strikte regelgeving. Opvallend is de expliciete vermelding dat het bedrag aan zijn echtgenote mag worden uitbetaald.
* Administratieve structuur: Het stuk toont de gelaagde bureaucratie van Amsterdam in oorlogstijd. Een besluit van de burgemeester volgt op een voorstel van een wethouder en een rapport van een afdelingsdirecteur (Marktwezen). De verdeling van afschriften (naar de afdelingen Levensmiddelen en Financiën) illustreert de nauwgezette administratieve afhandeling.
* Tijdskader: Het document stamt uit maart 1942. Hoewel het een alledaagse financiële handeling lijkt, vindt deze plaats midden in de Duitse bezetting, onder een door de bezetter aangestelde of gecontroleerde burgemeester (Edward Voûte). * Locatie en Personalia: De Tilanusstraat in Amsterdam (Oosterparkbuurt) was een straat waar in 1942 veel Joodse Amsterdammers woonden. Uit archiefonderzoek (zoals het Joods Monument) blijkt dat op Tilanusstraat 30-I de marktkoopman Jesaja Peper woonde met zijn vrouw Schoontje Peper-Blauw.
* Historische betekenis: Dit document is een pijnlijk voorbeeld van "business as usual" tijdens de Holocaust. Terwijl de bureaucratie zich bezighield met het restitueren van een paar gulden marktgeld op basis van "billijkheid", werden de systemen die tot de deportatie van Joodse burgers leidden gelijktijdig aangescherpt. In mei 1942 (slechts twee maanden na dit besluit) werd de Jodenster ingevoerd. Jesaja Peper en zijn vrouw werden later dat jaar, in oktober 1942, in Auschwitz vermoord. Het feit dat het geld aan zijn vrouw kon worden uitgekeerd, suggereert dat Jesaja op dat moment mogelijk al niet meer in de gelegenheid was de financiële zaken zelf af te wikkelen (bijvoorbeeld door tewerkstelling of eerdere arrestatie), hoewel dit uit het document alleen niet met zekerheid is vast te stellen.