Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). G. J. v.d. Hoeve. Nº 53/40/M. 1942 27/3
Amsterdam 25 Maart 1942
M. Th. Broere
Ondergetekende G. J. v. d. Hoeve
Won: Jan Schinkelstr 48 I Amsterdam
is zoo vrij zich beleefd het navolgend
verzoek te doen.
Eigenaar zijnde van een span
paarden en 2 platte wagens, wenscht
hij gaarne in het bezit te komen
van een expeditiekaart als vrachtrijder
Hopende een antwoord op mijn
verzoek te mogen ontvangen.
U bij voorbaat dankende voor
uw buitengewone welwillendheid
teken ik
Hoogachtend
G. J. v. d. Hoeve
G. J. v. d. Hoeve
Jan Schinkelstr 48 I
Amsterdam In deze korte, zakelijke brief verzoekt de heer G. J. van der Hoeve om een "expeditiekaart". Hij motiveert dit verzoek door aan te geven dat hij in het bezit is van de noodzakelijke bedrijfsmiddelen voor een vrachtrijder: een span paarden en twee platte wagens. De brief is geschreven in een uiterst beleefde en formele stijl ("is zoo vrij zich beleefd", "welwillendheid"), wat typerend was voor de correspondentie met officiële instanties in die tijd. Het stempel linksboven suggereert dat de brief is opgenomen in een officieel register of dossier op 27 maart 1942. Het document stamt uit maart 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de samenleving verregaand gereguleerd en was voor bijna elke vorm van economische activiteit een officiële vergunning of bewijs nodig. Een "expeditiekaart" was cruciaal voor vrachtrijders om aan te tonen dat zij rechtmatig goederen vervoerden. Het feit dat de aanvrager paarden en platte wagens gebruikt, herinnert aan een tijd waarin dierlijke tractie nog een essentieel onderdeel was van het stedelijk transport, zeker tijdens de oorlogsjaren toen brandstof voor gemotoriseerde voertuigen extreem schaars was en veel vrachtwagens door de bezetter waren gevorderd. De Jan Schinkelstraat ligt in de Schinkelbuurt in Amsterdam-Zuid, een buurt die in die tijd veel kleine ondernemers en ambachtslieden huisvestte. J. v. d. Hoeve J. v.d. Hoeve M. Th
Samenvatting
In deze korte, zakelijke brief verzoekt de heer G. J. van der Hoeve om een "expeditiekaart". Hij motiveert dit verzoek door aan te geven dat hij in het bezit is van de noodzakelijke bedrijfsmiddelen voor een vrachtrijder: een span paarden en twee platte wagens. De brief is geschreven in een uiterst beleefde en formele stijl ("is zoo vrij zich beleefd", "welwillendheid"), wat typerend was voor de correspondentie met officiële instanties in die tijd. Het stempel linksboven suggereert dat de brief is opgenomen in een officieel register of dossier op 27 maart 1942.
Historische Context
Het document stamt uit maart 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de samenleving verregaand gereguleerd en was voor bijna elke vorm van economische activiteit een officiële vergunning of bewijs nodig. Een "expeditiekaart" was cruciaal voor vrachtrijders om aan te tonen dat zij rechtmatig goederen vervoerden. Het feit dat de aanvrager paarden en platte wagens gebruikt, herinnert aan een tijd waarin dierlijke tractie nog een essentieel onderdeel was van het stedelijk transport, zeker tijdens de oorlogsjaren toen brandstof voor gemotoriseerde voertuigen extreem schaars was en veel vrachtwagens door de bezetter waren gevorderd. De Jan Schinkelstraat ligt in de Schinkelbuurt in Amsterdam-Zuid, een buurt die in die tijd veel kleine ondernemers en ambachtslieden huisvestte.