Administratieve notitie / memo betreffende een financiële afwikkeling.
Origineel
Administratieve notitie / memo betreffende een financiële afwikkeling. 11 maart 1942 (hoofddatum); 30 juni 1942 (datum van akkoord). Zaak 11 maart 1942
Gesloten.
Voorstellen te restitueeren
( entreegeld f 1.- 10/3.
2 x f 1.- f 2.- f 10.- betaald
2 x 0.25 f 0.50
----------- 2.50 te betalen
restitutie 7.50.
art. 36. V. Zak
[In lichter schrift/potlood:] Modelbriefje
[Rood stempelnummer:] 5 8/5 7/3 17
[Inktnotitie:] acc. 30/6/42 [Paraaf] Het document betreft de administratieve en financiële afsluiting van een dossier ("Zaak") uit maart 1942. Er is een berekening gemaakt voor een terugbetaling (restitutie).
* Er is blijkbaar in eerste instantie f 10.- betaald.
* De werkelijke kosten bedroegen echter slechts f 2.50 (bestaande uit entreegeld en twee andere posten van f 1.- en f 0.25).
* Hierdoor ontstaat een restitutiebedrag van f 7.50.
De verwijzing naar "art. 36. V. Zak" duidt waarschijnlijk op een artikel uit een verordening of reglement betreffende 'Vreemdelingenzaken' (een veelvoorkomende afkorting in ambtelijke stukken uit die tijd). Het document is uiteindelijk op 30 juni 1942 voor akkoord ("acc.") getekend. Gezien de datum (maart-juni 1942) en de ambtelijke terminologie, stamt dit document uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De administratieve precisie rondom kleine bedragen aan leges en entreegelden is kenmerkend voor de bureaucratie van die tijd, met name bij instanties die zich bezighielden met persoonsregistratie of vreemdelingenbeheer. Het woord "Modelbriefje" geeft aan dat de beslissing tot restitutie via een standaardformulier aan de betrokkene gecommuniceerd moest worden. De rode cijfers onderaan fungeren als een archief- of registratienummer. V. Zak
Samenvatting
Het document betreft de administratieve en financiële afsluiting van een dossier ("Zaak") uit maart 1942. Er is een berekening gemaakt voor een terugbetaling (restitutie).
* Er is blijkbaar in eerste instantie f 10.- betaald.
* De werkelijke kosten bedroegen echter slechts f 2.50 (bestaande uit entreegeld en twee andere posten van f 1.- en f 0.25).
* Hierdoor ontstaat een restitutiebedrag van f 7.50.
De verwijzing naar "art. 36. V. Zak" duidt waarschijnlijk op een artikel uit een verordening of reglement betreffende 'Vreemdelingenzaken' (een veelvoorkomende afkorting in ambtelijke stukken uit die tijd). Het document is uiteindelijk op 30 juni 1942 voor akkoord ("acc.") getekend.
Historische Context
Gezien de datum (maart-juni 1942) en de ambtelijke terminologie, stamt dit document uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De administratieve precisie rondom kleine bedragen aan leges en entreegelden is kenmerkend voor de bureaucratie van die tijd, met name bij instanties die zich bezighielden met persoonsregistratie of vreemdelingenbeheer. Het woord "Modelbriefje" geeft aan dat de beslissing tot restitutie via een standaardformulier aan de betrokkene gecommuniceerd moest worden. De rode cijfers onderaan fungeren als een archief- of registratienummer.