Doorslag van een getypte brief (met handgeschreven aantekeningen).
Origineel
Doorslag van een getypte brief (met handgeschreven aantekeningen). 16 januari 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). G.J. Sligting, 2e Egelantiersdwarsstraat 19, Amsterdam-Centrum (Wijk 7). [Handgeschreven rechtsboven:] W. Broens [?]
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 16/1
[Getypt rechtsboven:] HG.
den Heer G.J. Sligting,
2e Egelantiersdwarsstraat 19,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 7.
77/2/4 M. 16 Januari 1942.
Naar aanleiding van een vonnis U opgelegd door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching, Ressort Amsterdam, in verband met overschrijding der maximumprijzen, heb ik U, op grond van de bepalingen van artikel 35 van het Reglement op de Centrale Markt, gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, zulks gerekend te zijn ingegaan 12 Januari jl., terwijl ik aan den Burgemeester de vraag ter beoordeeling heb voorgelegd of U voor langeren termijn behoort te worden uitgesloten.
De Directeur, Deze brief betreft een officiële kennisgeving van een tuchtmaatregel tegen de heer G.J. Sligting. Sligting is door de Inspecteur voor de Prijsbeheersching schuldig bevonden aan het overtreden van de prijsvoorschriften (het verkopen boven de vastgestelde maximumprijzen).
Als gevolg hiervan legt de Directeur van de Centrale Markt hem een sanctie op: een ontzegging van de toegang tot de markt voor de duur van 14 dagen. Opvallend is dat de straf met terugwerkende kracht is ingegaan op 12 januari, terwijl de brief op 16 januari is gedateerd en verzonden. Daarnaast wordt vermeld dat de zaak is geëscaleerd naar de Burgemeester van Amsterdam om te bepalen of een langdurige uitsluiting van de markt noodzakelijk is. Dit document stamt uit januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode heerste er schaarste en was er een strikt systeem van distributie en prijsbeheersing ingesteld door de bezetter en de meewerkende Nederlandse overheid. De "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" hield toezicht op naleving om inflatie en zwarte handel tegen te gaan.
De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de voedselvoorziening van de stad. Een toegangsverbod voor de markt was voor een handelaar een zware straf, omdat het de legale inkoop van goederen onmogelijk maakte en daarmee het voortbestaan van de onderneming direct bedreigde. De betrokkenheid van de Burgemeester (destijds de pro-Duitse E.J. Voûte) onderstreept de ernst waarmee prijscontroledelicten in oorlogstijd werden behandeld. Het adres van de ontvanger, de 2e Egelantiersdwarsstraat, duidt erop dat Sligting waarschijnlijk een kleine handelaar uit de Jordaan was. E.J. Vo G.J. Sligting W. Broens