Archief 745
Inventaris 745-390
Pagina 475
Dossier 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypt juridisch document (mogelijk een vonnis of een akte van beschuldiging).

Origineel

Getypt juridisch document (mogelijk een vonnis of een akte van beschuldiging). dat bovengenoemde verkoopen tegen te hooge prijzen gebleken
zijn uit in beslag genomen cassabons, aangevende als datum
8-IV-41;

dat verdachte zich ter zitting er op beroepen heeft, dat
deze cassabons van het jaar 1941 dateeren;

dat evenwel uit een op 20 April 1942 door den opsporings-
ambtenaar Uithol ingesteld onderzoek gebleken is, dat op dien
datum cassabons in verdachte's zaak werden gegeven met als
datumstempel 20-IV-41, zoodat verdachte's verweer bezijden
de waarheid is;

dat verdachte reeds driemaal wegens overtreding van de
prijsvoorschriften tuchtrechtelijk is veroordeeld, zoowel
tot het betalen van geldboeten als tot sluiting van zijn
zaak gedurende een bepaalden tijd;

dat verdachte, ondanks deze straffen, voortgaat met het
overtreden van de prijsvoorschriften;

dat derhalve geen verzachtende omstandigheden meer in
aanmerking kunnen genomen worden;

dat evenmin omstandigheden gebleken zijn, die den verdachte
ditmaal het recht gegeven zouden hebben om zich niet aan de
voorgeschreven prijzen te houden; * Juridische argumentatie: Het document weerlegt de verdediging van de verdachte. De verdachte beweerde dat in beslag genomen cassabons uit 1941 stamden (waarschijnlijk om aan te tonen dat ze onder oude regels vielen of buiten een bepaalde periode van onderzoek).
* Bewijsvoering: Een opsporingsambtenaar genaamd Uithol stelde op 20 april 1942 vast dat de winkelier op die dag nog steeds bonnen uitgaf met een valse datumstempel van een jaar eerder (20-IV-41). Dit bewees dat de verdachte loog en de administratie vervalste.
* Recidive: De tekst benadrukt dat de verdachte een hardnekkige overtreder is ("reeds driemaal ... tuchtrechtelijk is veroordeeld"). Eerdere straffen, waaronder geldboetes en tijdelijke sluiting van de zaak, hebben hem niet weerhouden van verdere overtredingen.
* Conclusie: Vanwege het herhaaldelijke karakter van de misdrijven en de aantoonbare leugenachtigheid van het verweer, wordt geconcludeerd dat er geen verzachtende omstandigheden zijn. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de oorlog werd er door de bezetter een strikte prijsbeheersing ingevoerd om inflatie tegen te gaan en de zwarte handel te beperken, maar ook om goederen voor de Duitse oorlogseconomie veilig te stellen.

De genoemde "tuchtrechtspraak" wijst op het systeem van de Economische Rechtspraak dat specifiek was ingericht voor de handhaving van distributie- en prijsvoorschriften. De term "Lichtbeschikking" (zichtbaar in de doorgedrukte stempel) verwijst naar een vereenvoudigde procedure waarbij kleine economische overtredingen buiten de gewone strafrechter om konden worden afgedaan met een boete. Het feit dat deze verdachte echter al drie keer eerder was veroordeeld en nu zelfs zijn administratie vervalste, suggereert dat deze zaak zwaarder werd opgenomen. De datum 1942 plaatst dit in een periode waarin de schaarste in Nederland toenam en de controle op de "economische orde" werd opgevoerd.

Samenvatting

  • Juridische argumentatie: Het document weerlegt de verdediging van de verdachte. De verdachte beweerde dat in beslag genomen cassabons uit 1941 stamden (waarschijnlijk om aan te tonen dat ze onder oude regels vielen of buiten een bepaalde periode van onderzoek).
  • Bewijsvoering: Een opsporingsambtenaar genaamd Uithol stelde op 20 april 1942 vast dat de winkelier op die dag nog steeds bonnen uitgaf met een valse datumstempel van een jaar eerder (20-IV-41). Dit bewees dat de verdachte loog en de administratie vervalste.
  • Recidive: De tekst benadrukt dat de verdachte een hardnekkige overtreder is ("reeds driemaal ... tuchtrechtelijk is veroordeeld"). Eerdere straffen, waaronder geldboetes en tijdelijke sluiting van de zaak, hebben hem niet weerhouden van verdere overtredingen.
  • Conclusie: Vanwege het herhaaldelijke karakter van de misdrijven en de aantoonbare leugenachtigheid van het verweer, wordt geconcludeerd dat er geen verzachtende omstandigheden zijn.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de oorlog werd er door de bezetter een strikte prijsbeheersing ingevoerd om inflatie tegen te gaan en de zwarte handel te beperken, maar ook om goederen voor de Duitse oorlogseconomie veilig te stellen.

De genoemde "tuchtrechtspraak" wijst op het systeem van de Economische Rechtspraak dat specifiek was ingericht voor de handhaving van distributie- en prijsvoorschriften. De term "Lichtbeschikking" (zichtbaar in de doorgedrukte stempel) verwijst naar een vereenvoudigde procedure waarbij kleine economische overtredingen buiten de gewone strafrechter om konden worden afgedaan met een boete. Het feit dat deze verdachte echter al drie keer eerder was veroordeeld en nu zelfs zijn administratie vervalste, suggereert dat deze zaak zwaarder werd opgenomen. De datum 1942 plaatst dit in een periode waarin de schaarste in Nederland toenam en de controle op de "economische orde" werd opgevoerd.

Kooplieden in dit dossier 100

M. Werken turfstrooisel
Almag.Werken turfstrooisel
A. van Harten Uilenburg uien
A. van Harten gez. groenten
A. Harten fruit
A. Harten fruit
A. Harten fruit
A. Harten Uilenburg uien
A. Harten fruit
A. Harten fruit
Br.Groenten en Fr.v. rapen
Bur.v.Fruitvoorz. kool
C. de Jong fruit
C. de Jong peen
C. de Jong fruit
Centr.Keuken blik vleesch
Centr.markt turfstrooisel
Alexander Vrachtdoender cap.en erwten
C. Kooij andijvie
C. Kooij rapen
December 1942. Kooy, Smeerdijk, Esseld v. Harten v. Dijk. Fruit Voorz. Draaisma, Timmermans Dekker, Ruhe, Bervoeyer
D. Leegwater Uilenburg uien
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6