Officiële correspondentie (brief).
Origineel
Officiële correspondentie (brief). 26 september 1942. [Header links]
Inspectie voor de Prijsbeheersching
Ressort Amsterdam
No. 10.183
Dict.: Bs/JK.
Dossier no.
Betreft:
Bijlagen: eenige
[Header rechts]
AMSTERDAM Z., 26 September 194 2
EMMASTRAAT 35, TELEFOON 21433, POSTGIRO 408874
Gelieve in Uw antwoord : nummer, datum
en dossiernummer volledig te vermelden.
[Stempels en handgeschreven kenmerken bovenin]
77/2/26 [handgeschreven boven stempel]
M. 1942 29/9 [stempel]
[Handgeschreven notitie rechtsboven, potlood/rood]
mij Dir.
uitsluitend
centr. markt
[Body tekst, getypt]
Ingesloten doe ik U toekomen // copie-tuchtbeschikkingen,
door mij gewezen tegen op Uw markt gevestigde groenten-hande-
laren, terwijl ik tevens ter kennisname insluit, een copie
van mijn brief aan de Groenten- en Fruitcentrale.
Ik verzoek U wel gevolg te willen geven aan de in deze
tuchtbeschikking bevolen straf van sluiting en tevens voor
aanplakking te willen zorgdragen.
De Gemeente Amsterdam werd door mij ter zake ingelicht.
[Ondertekening rechtsonder]
DE INSPECTEUR VOOR
DE PRIJSBEHEERSCHING.
voor dezen:
[Handtekening, mogelijk Francken]
[Adressering linksonder]
Aan de Directie
der Centrale Markt,
Jan van Galenstraat,
A m s t e r d a m.
[Handgeschreven notities onderaan]
Th. Brouwer
komt op 1/10
inzage
nemen van
Tuchtbeschikkingen
[Paraaf HD]
77/82/2 [in rood linksonder]
K 134 [drukkersteken linksonder] Dit document is een formele kennisgeving van de Inspectie voor de Prijsbeheersching aan het beheer van de Amsterdamse Centrale Markt. De kern van de brief is de handhaving van economische sancties tegen groentehandelaren die de regels (waarschijnlijk prijsvoorschriften) hebben overtreden. De sanctie is zwaar: een gedwongen sluiting van de handelsactiviteit. De Inspecteur eist bovendien "aanplakking", wat betekent dat de straf publiekelijk bekend moet worden gemaakt op de markt, zowel als uitvoering van de straf als ter afschrikking van anderen. Uit de handgeschreven kantlijnnotities blijkt dat de stukken op 1 oktober 1942 zijn ingezien door een zekere Th. Brouwer. De brief dateert uit september 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Inspectie voor de Prijsbeheersching speelde een cruciale rol in de oorlogseconomie. Vanwege de toenemende schaarste stelde de overheid (onder toezicht van de bezetter) maximumprijzen vast om inflatie en woekerwinsten op de zwarte markt tegen te gaan. Overtredingen werden niet via het reguliere strafrecht, maar via het strenge tuchtrecht afgehandeld, waarbij de Inspectie verregaande bevoegdheden had om bedrijven direct te sluiten. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening; strikte controle op deze locatie was voor de autoriteiten van vitaal belang om de distributieketen te beheersen.