Ambtsbrief (doorslag of kopie).
Origineel
Ambtsbrief (doorslag of kopie). 30 augustus 1943. De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt of de betreffende gemeentelijke dienst). 37/35/11 M. 2 30 Augustus 1943. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
============
In bijlage dezes heb ik de eer U te
doen geworden twee contracten in duplo betref-
fende de pakhuisafdeelingen nos. 3 en 4 van
pieren M en O op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te wil-
len bevorderen, dat deze contracten door den
heer Burgemeester worden geteekend. Daarna ge-
lieve U ze mij te doen terugzenden, teneinde
voor registratie te kunnen zorgdragen.
De Directeur, Het betreft een interne ambtelijke correspondentie binnen het gemeentebestuur, zeer waarschijnlijk van Amsterdam gezien de verwijzing naar de "Centrale Markt" en de pieren. De directeur van de betreffende dienst verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om bemiddeling bij het verkrijgen van een handtekening van de Burgemeester onder twee huur- of gebruikscontracten voor pakhuisruimtes.
Opvallend is het strikt formele taalgebruik ("heb ik de eer U te doen geworden", "Ik moge U beleefd verzoeken"), wat kenmerkend was voor de ambtelijke etiquette van die tijd. De contracten zijn in duplo (tweevoud) opgesteld, een standaardprocedure zodat beide partijen een getekend exemplaar behouden na registratie. De brief is gedateerd op 30 augustus 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening van de stad onder het regime van schaarste en distributie.
De genoemde "Burgemeester" in 1943 was Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. De Wethouder voor de Levensmiddelen was in deze periode een sleutelfiguur, belast met de uiterst moeilijke taak om de stad van voedsel te voorzien terwijl de bezetter steeds grotere delen van de productie opeiste. De pieren M en O verwijzen naar de specifieke havenarmen aan het marktterrein waar goederen per schip werden aangevoerd en opgeslagen.
Samenvatting
Het betreft een interne ambtelijke correspondentie binnen het gemeentebestuur, zeer waarschijnlijk van Amsterdam gezien de verwijzing naar de "Centrale Markt" en de pieren. De directeur van de betreffende dienst verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om bemiddeling bij het verkrijgen van een handtekening van de Burgemeester onder twee huur- of gebruikscontracten voor pakhuisruimtes.
Opvallend is het strikt formele taalgebruik ("heb ik de eer U te doen geworden", "Ik moge U beleefd verzoeken"), wat kenmerkend was voor de ambtelijke etiquette van die tijd. De contracten zijn in duplo (tweevoud) opgesteld, een standaardprocedure zodat beide partijen een getekend exemplaar behouden na registratie.
Historische Context
De brief is gedateerd op 30 augustus 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening van de stad onder het regime van schaarste en distributie.
De genoemde "Burgemeester" in 1943 was Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. De Wethouder voor de Levensmiddelen was in deze periode een sleutelfiguur, belast met de uiterst moeilijke taak om de stad van voedsel te voorzien terwijl de bezetter steeds grotere delen van de productie opeiste. De pieren M en O verwijzen naar de specifieke havenarmen aan het marktterrein waar goederen per schip werden aangevoerd en opgeslagen.