Archief 745
Inventaris 745-405
Pagina 508
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypt rapport (doorslag of origineel op dun papier).

6 oktober 1943.

Origineel

Getypt rapport (doorslag of origineel op dun papier). 6 oktober 1943. Rapport over de algemeene toestand aan de Centrale Markthallen te Amsterdam.

Elken morgen verdringen zich eenige honderden groenten-handelaren voor de hekken van de markt en wanneer deze te ongeveer 8.15 uur worden geopend, ontstaat een wedloop naar de verkoopplaatsen, aangezien de verkoop eveneens om 8.15 uur aanvangt. Vanzelfsprekend zijn zij, die van een vervoermiddel (rijwiel e.d.) gebruik maken, het eerst ter plaatse, en voorzien zich van het beste. Het komt dan ook veelal voor, dat degenen, die te voet moeten gaan, weinig, en dan nog alleen die soorten, welke door de eerstkomenden niet gewenscht werden, bekomen. Ook bestaan de z.g. kernklanten, waarvoor desmorgens vóór 8 uur de orders reeds gereed staan. Deze groenten zijn dus aan de ~~normale~~ ^vrije^ verkoop onttrokken.

De hierboven aangegeven handelingen werken een vriendjessysteem ten zeerste in de hand en verwekken dan ook groote ontevredenheid. Het zal door alle fruithandelaren, die door de overheid bij de groentenverdeeling werden ingeschakeld, zeer op prijs worden gesteld, indien hier ordende maatregelen worden getroffen.

Ook, en dat is een zeer groot kwaad, viert het cadeaustelsel hier hoogtij, waardoor een handelaar, die een suiker-boter- of sigarettenbon e.d. heeft aan te bieden, boven zijn minderbedeelde collega wordt bediend.

Het moet van groot belang worden geacht, dat de verboden vereenigingen, welke door een besluit van den Rijkscommissaris zijn ontbonden, ook werkelijk geen invloed meer kunnen uitoefenen. Momenteel bestaat die invloed voor het grootste deel nog wel.

Teneinde een billijke verdeeling van de voorraden te bevorderen, zou het dan ook zeer op prijs worden gesteld, indien hier spoedig wordt ingegrepen, zoodat aan alle bovengenoemde wantoestanden een ~~einde~~ ^een einde^ kan worden gemaakt.

Amsterdam, 6 October 1943. Dit rapport schetst een onthutsend beeld van de dagelijkse gang van zaken op de Centrale Markthallen in Amsterdam in 1943. De belangrijkste geobserveerde problemen zijn:

  • Logistieke ongelijkheid: Handelaren met een fiets hebben een oneerlijk voordeel op degenen die te voet komen, waardoor de beste handel al weg is voordat de voetgangers arriveren.
  • Bevoorrechting ("Kernklanten"): Een deel van de voorraad wordt buiten de vrije verkoop om al vóór de officiële openingstijd gereserveerd.
  • Corruptie ("Cadeaustelsel"): Er is sprake van actieve omkopingspraktijken. Handelaren die schaarse distributiebonnen (suiker, boter, sigaretten) aanbieden aan de marktmeesters of groothandelaren, krijgen voorrang bij de inkoop.
  • Politieke invloed: Er wordt melding gemaakt van "verboden vereenigingen" (waarschijnlijk de vooroorlogse vakbonden of handelsorganisaties die door de nazi's waren verboden) die achter de schermen nog steeds macht zouden uitoefenen, ondanks de bevelen van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart).

De toon van het rapport is dwingend en wijst op een ernstig gebrek aan handhaving door de bezettingsautoriteiten. De handgeschreven correctie "vrije verkoop" in plaats van "normale verkoop" benadrukt dat het normale marktmechanisme volledig verstoord was. In oktober 1943 was de voedselsituatie in bezet Nederland reeds gespannen. De distributie van schaarse goederen werd strikt gereguleerd door de overheid. De Centrale Markthallen (gelegen aan de Jan van Galenstraat) waren het kloppende hart van de voedselvoorziening voor Amsterdam en omstreken.

Het genoemde "vriendjessysteem" en "cadeaustelsel" zijn typische uitingen van de grijze en zwarte markt die tijdens de oorlog ontstonden. Omdat officiële prijzen en hoeveelheden vaststonden, werd persoonlijke gunst of omkoping met schaarse luxegoederen (zoals sigaretten of boter) het middel om toch aan voldoende of kwalitatieve handelswaar te komen.

De verwijzing naar de "Rijkscommissaris" (Arthur Seyss-Inquart) en het ontbinden van verenigingen wijst op de gelijkschakeling (Nazificatie) van de Nederlandse samenleving. De klager in dit document lijkt de autoriteiten op te roepen om de eigen regels strenger te handhaven om een "billijke verdeeling" te garanderen, al kan het ook een poging zijn van een specifieke groep handelaren om hun eigen positie te beschermen tegenover rivalen die de oude netwerken nog benutten.

Samenvatting

Dit rapport schetst een onthutsend beeld van de dagelijkse gang van zaken op de Centrale Markthallen in Amsterdam in 1943. De belangrijkste geobserveerde problemen zijn:

  • Logistieke ongelijkheid: Handelaren met een fiets hebben een oneerlijk voordeel op degenen die te voet komen, waardoor de beste handel al weg is voordat de voetgangers arriveren.
  • Bevoorrechting ("Kernklanten"): Een deel van de voorraad wordt buiten de vrije verkoop om al vóór de officiële openingstijd gereserveerd.
  • Corruptie ("Cadeaustelsel"): Er is sprake van actieve omkopingspraktijken. Handelaren die schaarse distributiebonnen (suiker, boter, sigaretten) aanbieden aan de marktmeesters of groothandelaren, krijgen voorrang bij de inkoop.
  • Politieke invloed: Er wordt melding gemaakt van "verboden vereenigingen" (waarschijnlijk de vooroorlogse vakbonden of handelsorganisaties die door de nazi's waren verboden) die achter de schermen nog steeds macht zouden uitoefenen, ondanks de bevelen van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart).

De toon van het rapport is dwingend en wijst op een ernstig gebrek aan handhaving door de bezettingsautoriteiten. De handgeschreven correctie "vrije verkoop" in plaats van "normale verkoop" benadrukt dat het normale marktmechanisme volledig verstoord was.

Historische Context

In oktober 1943 was de voedselsituatie in bezet Nederland reeds gespannen. De distributie van schaarse goederen werd strikt gereguleerd door de overheid. De Centrale Markthallen (gelegen aan de Jan van Galenstraat) waren het kloppende hart van de voedselvoorziening voor Amsterdam en omstreken.

Het genoemde "vriendjessysteem" en "cadeaustelsel" zijn typische uitingen van de grijze en zwarte markt die tijdens de oorlog ontstonden. Omdat officiële prijzen en hoeveelheden vaststonden, werd persoonlijke gunst of omkoping met schaarse luxegoederen (zoals sigaretten of boter) het middel om toch aan voldoende of kwalitatieve handelswaar te komen.

De verwijzing naar de "Rijkscommissaris" (Arthur Seyss-Inquart) en het ontbinden van verenigingen wijst op de gelijkschakeling (Nazificatie) van de Nederlandse samenleving. De klager in dit document lijkt de autoriteiten op te roepen om de eigen regels strenger te handhaven om een "billijke verdeeling" te garanderen, al kan het ook een poging zijn van een specifieke groep handelaren om hun eigen positie te beschermen tegenover rivalen die de oude netwerken nog benutten.

Locaties

Amsterdam (Centrale Markthallen).

Kooplieden in dit dossier 36

Alg. Verbond v. Volkstuinvereenigingen C 3 X
B. den Haas quit. 1870
Bieten (gekookt) *35, =*
Bieten (gekookt) 58.75
T.H. Roelofs *4290, =*
T.H. Roelofs 1359. =
C. Dikstaal quit. 1875
Fa. J. de Geus en Co's A 10 X
Gereserveerd bedrag voor onderhoud transportmateriaal voor vervoer naar koelhuis (Telefonische prijsopgave)
G. v. d. Wal quit. 1876.
H. van Dijk B 1 X
J.C. Cramer C 4 X
E. Kool *1900, =*
E. Kool 540. =
Koolkratten voor opslag kool
L.H. Buys [bijbehorend bij H 23 X]
N. Brink H 23 X
No. 2 Zeeuwsche Bonten en blauwen -
No. 3 Zand- en gelijkgestelde soorten 6,5
No. 4 Tusschensoorten (Klei) 5
N.V. Keizer's Fruithandel plaats H 5 X
Alle 36 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5