Ambtsbrief (doorslag)
Origineel
Ambtsbrief (doorslag) 19 maart 1943 De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke marktdienst of administratie) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen [Rechtsboven, handgeschreven in inkt met rode streep:]
Ampelius [?]
[Daaronder getypt:]
SV
[Adresblok:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
[Datumregel:]
41/1/2 M. 2 19 Maart 1943.
[Onderwerp, onderstreept:]
Ontvangen marktgeld over de maand Februari 1943.
[Inhoud:]
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toekomen
twee staten van ontvangen marktgeld over de maand
Februari 1943.
[Ondertekening:]
De Directeur, Dit document is een formele, ambtelijke begeleidingsbrief bij financiële overzichten. Het betreft een doorslag op dun doorslagpapier (pelure). De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk de marktdienst) stuurt twee staten met de opbrengsten van de marktgelden van de maand februari 1943 naar de bevoegde wethouder.
De term "Alhier" duidt erop dat zowel de zender als de ontvanger zich in hetzelfde gemeentehuis of dezelfde stad bevinden. De markering "SV" en de handgeschreven naam rechtsboven zijn interne archief- of routeringsnotities. De rode streep door de naam duidt vaak aan dat de betreffende actie of registratie door die persoon is voltooid. De datum, maart 1943, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de rol van de 'Wethouder voor de Levensmiddelen' cruciaal vanwege de toenemende schaarste, de distributie en de strenge controle op de handel. Markten waren strikt gereguleerd.
Marktgeld was de vergoeding die kooplieden betaalden voor hun standplaats. Het innen en administreren hiervan was een reguliere gemeentelijke taak die ook tijdens de oorlogsjaren nauwgezet werd voortgezet voor de gemeentelijke schatkist. Het gebruik van formele beleefdheidsvormen ("heb ik de eer U te doen toekomen") bleef in de ambtelijke correspondentie gedurende de hele bezettingstijd de standaard.
Samenvatting
Dit document is een formele, ambtelijke begeleidingsbrief bij financiële overzichten. Het betreft een doorslag op dun doorslagpapier (pelure). De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk de marktdienst) stuurt twee staten met de opbrengsten van de marktgelden van de maand februari 1943 naar de bevoegde wethouder.
De term "Alhier" duidt erop dat zowel de zender als de ontvanger zich in hetzelfde gemeentehuis of dezelfde stad bevinden. De markering "SV" en de handgeschreven naam rechtsboven zijn interne archief- of routeringsnotities. De rode streep door de naam duidt vaak aan dat de betreffende actie of registratie door die persoon is voltooid.
Historische Context
De datum, maart 1943, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de rol van de 'Wethouder voor de Levensmiddelen' cruciaal vanwege de toenemende schaarste, de distributie en de strenge controle op de handel. Markten waren strikt gereguleerd.
Marktgeld was de vergoeding die kooplieden betaalden voor hun standplaats. Het innen en administreren hiervan was een reguliere gemeentelijke taak die ook tijdens de oorlogsjaren nauwgezet werd voortgezet voor de gemeentelijke schatkist. Het gebruik van formele beleefdheidsvormen ("heb ik de eer U te doen toekomen") bleef in de ambtelijke correspondentie gedurende de hele bezettingstijd de standaard.