Ambtelijke brief/begeleidend schrijven.
Origineel
Ambtelijke brief/begeleidend schrijven. 14 oktober 1943. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke marktdienst of financiële afdeling). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Bovenaan handgeschreven:] extra
41/1/9 M. 1 1 14 October 1943. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Ontvangen marktgeld over de maand September 1943.
In bijlage dezes heb ik de eer U te
doen toekomen een staat van ontvangen markt-
geld over de maand September 1943.
De Directeur, Het document is een kort, formeel schrijven dat dient als geleidebrief voor een financiële rapportage. De directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst stuurt een overzicht van de geïnde marktgeldinkomsten van september 1943 naar de verantwoordelijke wethouder.
De stijl is strikt zakelijk en hoffelijk, wat blijkt uit de zinsnede "heb ik de eer U te doen toekomen". Het gebruik van de aanduiding "Alhier" wijst erop dat het een intern stuk betreft binnen een gemeentelijke organisatie. De onderstreping van het onderwerp en de getypte scheidingslijn onder de adressering zijn typerend voor de administratieve opmaak van die tijd. De brief dateert uit oktober 1943, een periode waarin Nederland bezet was door nazi-Duitsland. De rol van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze jaren van cruciaal belang vanwege de toenemende voedselschaarste en het uitgebreide distributiesysteem.
Hoewel de brief een routineuze administratieve handeling betreft (het verantwoorden van marktgelden), vindt deze plaats tegen de achtergrond van een oorlogseconomie waarin de handel op markten strikt gereguleerd was. Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie bleef functioneren tijdens de bezetting, waarbij de dagelijkse administratieve processen rondom geldstromen en voedselvoorziening nauwgezet werden voortgezet.
Samenvatting
Het document is een kort, formeel schrijven dat dient als geleidebrief voor een financiële rapportage. De directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst stuurt een overzicht van de geïnde marktgeldinkomsten van september 1943 naar de verantwoordelijke wethouder.
De stijl is strikt zakelijk en hoffelijk, wat blijkt uit de zinsnede "heb ik de eer U te doen toekomen". Het gebruik van de aanduiding "Alhier" wijst erop dat het een intern stuk betreft binnen een gemeentelijke organisatie. De onderstreping van het onderwerp en de getypte scheidingslijn onder de adressering zijn typerend voor de administratieve opmaak van die tijd.
Historische Context
De brief dateert uit oktober 1943, een periode waarin Nederland bezet was door nazi-Duitsland. De rol van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze jaren van cruciaal belang vanwege de toenemende voedselschaarste en het uitgebreide distributiesysteem.
Hoewel de brief een routineuze administratieve handeling betreft (het verantwoorden van marktgelden), vindt deze plaats tegen de achtergrond van een oorlogseconomie waarin de handel op markten strikt gereguleerd was. Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie bleef functioneren tijdens de bezetting, waarbij de dagelijkse administratieve processen rondom geldstromen en voedselvoorziening nauwgezet werden voortgezet.