Officiële correspondentie / Besluit.
Origineel
Officiële correspondentie / Besluit. 20 mei 1943. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. No. 43/2/5 M. 1943 ^22/5
[Gemeentewapen Amsterdam met de drie kruisen]
Gemeente Amsterdam
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Telefoon 43130, 43321
k.
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden
Den Heer Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14
Amsterdam - W.
AfdArb. '43 No 31/134 Bijlagen Uw brief: Datum: 20 Mei 1943.
[Handgeschreven in rood potlood:] v.i. duo
Onderwerp: verrichten nevenwerkzaamheden.
Hiermede bericht ik U, dat ik aan de hieronder genoemde personen, werkzaam bij Uw dienst, de ingevolge het bepaalde in art. 19 (3) der Algemeene Voorschriften voor de Ambtenaren vereischte vergunning verleen voor het door hun echtgenooten doen verrichten van de achter ieders naam vermelde werkzaamheden.
| Naam | Omschrijving der werkzaamheden | Nummer van Uw advies |
|---|---|---|
| *J. Vis | administratieve werkzaamheden door echtgenoote gedurende 10 à 12 uur per week bij de fa. Schuyt en Van Balderen | 43/2/3 M |
| H. Steenbeek | echtgenoote onderwijzeres in de lichamelijke oefening aan Openbare lagere scholen | 43/2/3 M |
| C.G. de Vries | echtgenoote werkzaam als disponente bij de "Luminafilm" | 43/2/3 M |
Ik verzoek U belanghebbenden schriftelijk van mijn beslissing in kennis te stellen.
De Burgemeester van Amsterdam,
[Paraaf/stempel teken]
de Gemeentesecretaris,
[Handgeschreven handtekening: J.F. Franken]
[Linksonder:]
Model G.A. 5
Stadsdrukkerij Amsterdam
26154-12-42-7500 Dit document betreft een officiële toestemming van het gemeentebestuur van Amsterdam aan drie specifieke ambtenaren van de Dienst Marktwezen. De kern van het besluit is dat hun echtgenotes betaald werk mogen verrichten.
In de toenmalige ambtelijke rechtspositie (artikel 19, lid 3 van de Algemene Voorschriften voor de Ambtenaren) was het niet vanzelfsprekend dat gezinsleden van ambtenaren werkten. Dit vereiste expliciete toestemming van de werkgever (de gemeente). In het document worden drie gevallen behandeld:
1. Mevr. Vis: Administratief werk (parttime).
2. Mevr. Steenbeek: Gymnastiekonderwijzeres op openbare scholen.
3. Mevr. De Vries: 'Disponente' (bedrijfsleidster/gevolmachtigde) bij het bedrijf Luminafilm.
Het document toont de verregaande bemoeienis van de overheid met de privésituatie en de inkomsten van haar personeel. De datum 20 mei 1943 plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief een alledaags bureaucratisch karakter heeft, zijn er historische nuances:
* Bestuur: De burgemeester van Amsterdam was in deze periode Edward Voûte, een NSB-sympathisant die door de bezetter was aangesteld. De gemeentesecretaris tekent hier namens hem.
* Vrouwenarbeid: Tijdens de crisisjaren '30 en de bezettingsjaren werd arbeid door getrouwde vrouwen sterk ontmoedigd om de werkloosheid onder mannen te beperken. De noodzaak om vergunning aan te vragen was een instrument van sociale controle.
* Locatie: De Jan van Galenstraat 14 was het adres van de Centrale Markthallen. Ambtenaren van het Marktwezen speelden een cruciale rol in de voedselvoorziening tijdens de oorlogsjaren, een sector die onder streng toezicht van zowel de gemeente als de bezetter stond.
* Luminafilm: De vermelding van dit bedrijf is saillant; de filmindustrie was in 1943 volledig gelijkgeschakeld onder de Kulturkammer. Werkzaamheden in deze branche waren politiek gevoelig.