Handgeschreven memo of kladconcept van een officiële kennisgeving.
Origineel
Handgeschreven memo of kladconcept van een officiële kennisgeving. 25 mei 1943. A'dam 25/5 1943
J. Vis
Hj. Steenbeek
C.G. de Vries
Hiermede deel ik U
mede, dat de Bur.
heeft besloten U
vrijstelling te verleenen voor
het door Uw echtgenoote
doen verrichten van
werkzaamheden als
bij
bij
43/2/6 [in rood potlood/inkt] DS [initialen/monogram] Het document is een formele mededeling betreffende een arbeidsvrijstelling tijdens de Duitse bezetting.
* Inhoud: De geadresseerde wordt geïnformeerd over een besluit van "de Bur." (waarschijnlijk een afkorting voor het Bureau of de Burgemeester). Het besluit houdt in dat er een vrijstelling is verleend voor werkzaamheden die door de echtgenote van de geadresseerde verricht zouden worden.
* Status: Het feit dat de velden na "als" (functie) en "bij" (werkgever) niet zijn ingevuld, suggereert dat dit een kladversie is of een afschrift van een besluit waarbij de specifieke details in het hoofddossier bekend waren.
* Kenmerken: Het rode nummer "43/2/6" linksonder is een typisch archiefkenmerk (jaar/maand/volgnummer of dossiernummer). De initialen "DS" rechtsonder zijn waarschijnlijk van de behandelend ambtenaar of de schrijver van het briefje. De datum — mei 1943 — is zeer significant in de Nederlandse oorlogsgeschiedenis. In deze periode nam de druk van de Arbeitseinsatz (gedwongen tewerkstelling) enorm toe. In februari 1943 was de algemene arbeidsplicht voor mannen ingevoerd, en ook vrouwen werden steeds vaker opgeroepen voor ondersteunende werkzaamheden in de oorlogseconomie.
Vrijstellingen (Freistellungen) waren in deze tijd van levensbelang om tewerkstelling (al dan niet in Duitsland) te voorkomen. Dit briefje toont de administratieve werkelijkheid achter dergelijke verzoeken: burgers probeerden via officiële weg onder de arbeidsplicht uit te komen, vaak met beroep op gezinsomstandigheden of de specifieke aard van het werk van de echtgenote. Het document illustreert hoe de lokale bureaucratie in Amsterdam in 1943 fungeerde als schakel tussen de burger en de bezettingsmaatregelen. C.G. de Vries J. Vis
Samenvatting
Het document is een formele mededeling betreffende een arbeidsvrijstelling tijdens de Duitse bezetting.
* Inhoud: De geadresseerde wordt geïnformeerd over een besluit van "de Bur." (waarschijnlijk een afkorting voor het Bureau of de Burgemeester). Het besluit houdt in dat er een vrijstelling is verleend voor werkzaamheden die door de echtgenote van de geadresseerde verricht zouden worden.
* Status: Het feit dat de velden na "als" (functie) en "bij" (werkgever) niet zijn ingevuld, suggereert dat dit een kladversie is of een afschrift van een besluit waarbij de specifieke details in het hoofddossier bekend waren.
* Kenmerken: Het rode nummer "43/2/6" linksonder is een typisch archiefkenmerk (jaar/maand/volgnummer of dossiernummer). De initialen "DS" rechtsonder zijn waarschijnlijk van de behandelend ambtenaar of de schrijver van het briefje.
Historische Context
De datum — mei 1943 — is zeer significant in de Nederlandse oorlogsgeschiedenis. In deze periode nam de druk van de Arbeitseinsatz (gedwongen tewerkstelling) enorm toe. In februari 1943 was de algemene arbeidsplicht voor mannen ingevoerd, en ook vrouwen werden steeds vaker opgeroepen voor ondersteunende werkzaamheden in de oorlogseconomie.
Vrijstellingen (Freistellungen) waren in deze tijd van levensbelang om tewerkstelling (al dan niet in Duitsland) te voorkomen. Dit briefje toont de administratieve werkelijkheid achter dergelijke verzoeken: burgers probeerden via officiële weg onder de arbeidsplicht uit te komen, vaak met beroep op gezinsomstandigheden of de specifieke aard van het werk van de echtgenote. Het document illustreert hoe de lokale bureaucratie in Amsterdam in 1943 fungeerde als schakel tussen de burger en de bezettingsmaatregelen.