Archief 745
Inventaris 745-406
Pagina 112
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of kopie).

25 mei 1943. Van: Onbekend (vermoedelijk een instantie belast met de visdistributie in Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag of kopie). 25 mei 1943. Onbekend (vermoedelijk een instantie belast met de visdistributie in Amsterdam). [Linksboven in de marge:] 43/6/10 M.
[Rechtsboven in de marge:] vD/HB.
[Midden boven, handgeschreven in blauw potlood:] extra

25 Mei 1943.

de Ondervakgroep Veilingen van Visch,
Secr. Staatsvisschershavenbedrijf,
Y m u i d e n .
===========

In de bekende opgave van personeel van vischafslagen, dat in aanmerking zou kunnen komen voor een vrijstelling van de "Arbeitseinsatz", heb ik ook doen opnemen de namen der leden der Verdeelingscommissie Amsterdam, die in den afslag bij de verdeeling ook daadwerkelijk werkzaamheden verrichten. Abusievelijk is achter hun namen vermeld als functie "vischhandelaar". Als gevolg hiervan zijn bedoelde personen door U van de lijst afgevoerd en heb ik voor hen geen vrijstellingsbewijs ontvangen.

Ik merk hieromtrent thans het volgende op.

Vier leden dezer Commissie, t.w. de heeren K.Lammers, Th.Sliphorst, C. van Zanten en M.Gootjes zijn sedert geruimen tijd niet meer als kleinhandelaar in de verdeeling opgenomen; zij verrichten den geheelen dag werkzaamheden in de vischhal en zijn de deskundigen, die de kwaliteit van de aanvoeren beoordeelen; zij zijn van des morgens 6 uur tot s' avonds 9 à 10 uur (in de zomermaanden) op de Vischmarkt aanwezig; zij ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste wekelijksche vergoeding; volledigheidshalve zij vermeld, dat bovengenoemde leden ook als grossierscombinatie optreden; des winters in mosselen; des zomers hebben hun grossierszaken evenwel niets te beteekenen.

Ten aanzien van het lid der Commissie Böhne ligt de zaak iets anders; des s' morgens en veelal ook des middags verricht hij gedurende eenige uren werkzaamheden in de vischhal; hem wordt hiervoor evenwel geen geldelijke vergoeding uitgekeerd en hij treedt dan ook verder normaal als kleinhandelaar (winkelier) op.

Verder moet nog gewezen worden op de werkzaamheden der bovenvermelde personen als leden der Verdeelingscommissie, in welke functie zij voor de vischvoorziening der Gemeente Amsterdam waardevolle adviezen verstrekken.

Alles bijeen genomen kan worden verklaard, dat de diensten van bovengenoemde personen voor de Amsterdamsche

[Document breekt hier af] Het document is een zakelijke correspondentie uit de Tweede Wereldoorlog waarin geprobeerd wordt om vijf specifieke personen te behoeden voor de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). De kern van het probleem is een administratieve fout: de mannen stonden geregistreerd als "vischhandelaar". Omdat zelfstandig handelaren door de bezetter minder snel als "onmisbaar" werden beschouwd dan technisch personeel of distributie-ambtenaren, waren zij van de vrijstellingslijst geschrapt.

De schrijver voert argumenten aan waarom deze mannen wel degelijk onmisbaar zijn voor de voedselvoorziening in Amsterdam. Hij benadrukt hun lange werkdagen (tot wel 16 uur per dag in de zomer) en hun specialistische kennis als kwaliteitscontroleurs in de visafslag. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de eerste vier heren, die een vast loon ontvangen voor hun werk in de hal, en de heer Böhne, die deels nog als winkelier fungeert. De brief is een typisch voorbeeld van de voortdurende strijd tussen Nederlandse instanties en de bezetter (of door de bezetter gecontroleerde organen) om personeel in Nederland te houden via zogenaamde "Sperren" (vrijstellingen). In 1943 nam de druk van de Duitse bezetter om Nederlandse mannen in de Duitse oorlogsindustrie te laten werken enorm toe. Dit leidde tot een bureaucratisch kat-en-muisspel. Nederlandse organisaties probeerden zoveel mogelijk personeelsleden als "unabkömmlich" (onmisbaar) aan te merken.

De vissector was in deze periode cruciaal vanwege de algemene voedselschaarste. De "Verdeelingscommissie Amsterdam" speelde een sleutelrol in de distributie van de schaarse aanvoer van vis. Het Staatsvisschershavenbedrijf in IJmuiden was het centrale punt waar de aanvoer en de administratieve afhandeling (inclusief vrijstellingen voor de sector) plaatsvonden. Dat de brief specifiek spreekt over de handel in mosselen in de winter en de zomerdrukte, geeft een inkijk in de seizoensgebonden realiteit van de voedselvoorziening tijdens de bezettingsjaren.

Samenvatting

Het document is een zakelijke correspondentie uit de Tweede Wereldoorlog waarin geprobeerd wordt om vijf specifieke personen te behoeden voor de Arbeitseinsatz (dwangarbeid in Duitsland). De kern van het probleem is een administratieve fout: de mannen stonden geregistreerd als "vischhandelaar". Omdat zelfstandig handelaren door de bezetter minder snel als "onmisbaar" werden beschouwd dan technisch personeel of distributie-ambtenaren, waren zij van de vrijstellingslijst geschrapt.

De schrijver voert argumenten aan waarom deze mannen wel degelijk onmisbaar zijn voor de voedselvoorziening in Amsterdam. Hij benadrukt hun lange werkdagen (tot wel 16 uur per dag in de zomer) en hun specialistische kennis als kwaliteitscontroleurs in de visafslag. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de eerste vier heren, die een vast loon ontvangen voor hun werk in de hal, en de heer Böhne, die deels nog als winkelier fungeert. De brief is een typisch voorbeeld van de voortdurende strijd tussen Nederlandse instanties en de bezetter (of door de bezetter gecontroleerde organen) om personeel in Nederland te houden via zogenaamde "Sperren" (vrijstellingen).

Historische Context

In 1943 nam de druk van de Duitse bezetter om Nederlandse mannen in de Duitse oorlogsindustrie te laten werken enorm toe. Dit leidde tot een bureaucratisch kat-en-muisspel. Nederlandse organisaties probeerden zoveel mogelijk personeelsleden als "unabkömmlich" (onmisbaar) aan te merken.

De vissector was in deze periode cruciaal vanwege de algemene voedselschaarste. De "Verdeelingscommissie Amsterdam" speelde een sleutelrol in de distributie van de schaarse aanvoer van vis. Het Staatsvisschershavenbedrijf in IJmuiden was het centrale punt waar de aanvoer en de administratieve afhandeling (inclusief vrijstellingen voor de sector) plaatsvonden. Dat de brief specifiek spreekt over de handel in mosselen in de winter en de zomerdrukte, geeft een inkijk in de seizoensgebonden realiteit van de voedselvoorziening tijdens de bezettingsjaren.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Goldbohm Waterlooplein
V. Barbiers Uilenburg centrale markt
W. van Beeren Uilenburg hoofdkantoor
Bekkering Uilenburg dagmarkt
I.J. Velleman Uilenburg dagmarkt
H. Bijland Uilenburg centrale markt
Blom Zwanenburgwal "
I.J. Velleman Uilenburg "
I.J. Velleman Waterlooplein "
Broerse Nieuwmarkt thans aangesteld als Gemt. Gevolmachtigde voor grossierszaken in groente en fruit op de Centrale Markt.
W. van Burg Uilenburg "
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambtenaar valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambt. valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambtenaar valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C.G. de Vries Uilenburg
Cobussen Uilenburg gedetacheerd van Sociale Zaken
C. Sliphorst Uilenburg Kattenb. kade 44 II / 2
C. van Zanten Uilenburg A.35 – 576251
C. van Zanten Uilenburg A.35 – 576251
C. van Hanten Uilenburg V. Hogendorpstr. 213 / 4
Dijkema Nieuwmarkt "
I.J. Velleman Uilenburg hoofdkantoor
Van Duinhoven Uilenburg hoofdkantoor
I.J. Velleman Uilenburg "
E. Engelen Uilenburg "
Felthuis Uilenburg "
F. Fleurbaay Uilenburg " **X**
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6