Zakelijke brief / correspondentie.
Origineel
Zakelijke brief / correspondentie. 7 oktober 1943. [Links boven:]
Aanvoer
mosselen
[Rechts boven:]
A’dam, 7/10 1943
W. P. M.
[Inhoud:]
In bijlage dezes
heb ik de eer u een afschrift
te zenden van een brief van
Centraal Verkoopkantoor van
Mosselen dd.
waaruit blijkt, dat op
11 October a.s. een aanvang
zal worden gemaakt met
het aanvoeren van mosselen,
zij het dan ook in beperkte
mate.
De regeling zal overigens
geheel gelijk zijn aan die van
het vorige jaar, zoodat wij ver-
trouwen, dat u ermee accoord
zult gaan, dat de Combinatie
Lanhues de aan de mosselen-
verdeeling verbonden werkzaamheden
ook dit jaar weer zal
gaan verrichten.
De vooruitzichten voor
den mosselaanvoer zijn * Handschrift: Het betreft een vlot, enigszins hellend lopend schrift. Het is goed leesbaar, wat wijst op een geoefende schrijver (waarschijnlijk een administratief medewerker of functionaris).
* Inhoudelijke kern: De brief informeert de ontvanger dat de mosselaanvoer vanaf 11 oktober 1943 weer van start gaat. Er wordt verwezen naar een bijgesloten afschrift van het "Centraal Verkoopkantoor van Mosselen". Tevens wordt gevraagd om akkoord te gaan met de voortzetting van de werkzaamheden door de "Combinatie Lanhues" (mogelijk een samenwerkingsverband van distributeurs of handelaren).
* Terminologie: De frase "heb ik de eer u" duidt op de formele zakelijke etiquette van die tijd. De afkorting "a.s." staat voor "aanstaande". Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (oktober 1943). In deze tijd was de voedselvoorziening strikt gereguleerd en gecentraliseerd via diverse rijksbureaus en verkoopkantoren om schaarste te beheersen.
Mosselen waren een belangrijke voedselbron die relatief minder last had van de directe oorlogsschade op het land, hoewel de visserij op de Waddenzee en in Zeeland gehinderd werd door militaire beperkingen en brandstoftekorten. Dat de aanvoer "in beperkte mate" plaatsvindt, is kenmerkend voor de schaarste-economie van 1943. De genoemde "Combinatie Lanhues" was vermoedelijk verantwoordelijk voor de logistieke afwikkeling van de mosselverkoop in de regio Amsterdam.
Samenvatting
- Handschrift: Het betreft een vlot, enigszins hellend lopend schrift. Het is goed leesbaar, wat wijst op een geoefende schrijver (waarschijnlijk een administratief medewerker of functionaris).
- Inhoudelijke kern: De brief informeert de ontvanger dat de mosselaanvoer vanaf 11 oktober 1943 weer van start gaat. Er wordt verwezen naar een bijgesloten afschrift van het "Centraal Verkoopkantoor van Mosselen". Tevens wordt gevraagd om akkoord te gaan met de voortzetting van de werkzaamheden door de "Combinatie Lanhues" (mogelijk een samenwerkingsverband van distributeurs of handelaren).
- Terminologie: De frase "heb ik de eer u" duidt op de formele zakelijke etiquette van die tijd. De afkorting "a.s." staat voor "aanstaande".
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (oktober 1943). In deze tijd was de voedselvoorziening strikt gereguleerd en gecentraliseerd via diverse rijksbureaus en verkoopkantoren om schaarste te beheersen.
Mosselen waren een belangrijke voedselbron die relatief minder last had van de directe oorlogsschade op het land, hoewel de visserij op de Waddenzee en in Zeeland gehinderd werd door militaire beperkingen en brandstoftekorten. Dat de aanvoer "in beperkte mate" plaatsvindt, is kenmerkend voor de schaarste-economie van 1943. De genoemde "Combinatie Lanhues" was vermoedelijk verantwoordelijk voor de logistieke afwikkeling van de mosselverkoop in de regio Amsterdam.