Brief (handgeschreven)
Origineel
Brief (handgeschreven) 10 maart 1943 Onbekend (geparafeerd met D.A., vermoedelijk een functionaris van de gemeentelijke visafslag) A’dam, 10/3 1943
Den Heer T. Schunkamp.
467/20/3
Naar aanleiding van Uw brief dd. 20 Febr. jl. deel ik U mede, dat mij bij onderzoek is gebleken, dat de gem. afslag bij de door U genoemde zaak in het geheel niet is betrokken.
Het schijnt, dat de visch in beslag is genomen door de Marechaussee, rivierpolitie te Zaandam, welke instantie deze visch niet op den gem. afslag heeft aangevoerd.
Ik geef U in overweging zich voor deze aangelegenheid te wenden tot de Marechaussee voornoemd.
D.A. In deze brief reageert een instantie (vermoedelijk de Amsterdamse Gemeentelijke Visafslag) op een eerdere correspondentie van de heer T. Schunkamp. Schunkamp had blijkbaar navraag gedaan naar een partij vis of een specifieke transactie die rond 20 februari 1943 had plaatsgevonden.
De kern van de brief is een ontkenning van betrokkenheid. De schrijver stelt dat na onderzoek is gebleken dat de gemeentelijke afslag niets met de zaak te maken heeft. In plaats daarvan wordt de oorzaak bij de Marechaussee (rivierpolitie) te Zaandam gelegd. Deze instantie zou de vis in beslag hebben genomen en heeft de partij uitdrukkelijk niet via de officiële weg (de gemeentelijke afslag) aangeboden. De brief eindigt met een doorverwijzing naar de Marechaussee in Zaandam voor verdere afhandeling. Het document dateert uit maart 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Deze periode kenmerkte zich door strikte regulering van de voedselvoorziening en de handel.
De vermelding dat de vis "in beslag is genomen" door de Marechaussee duidt op een overtreding van de toen geldende distributieregels of een poging tot zwarte handel. De Marechaussee stond tijdens de bezetting onder toezicht van de Duitse autoriteiten en werd veelvuldig ingezet voor de handhaving van economische voorschriften. Dat de vis niet op de officiële gemeentelijke afslag ("gem. afslag") terechtkwam, suggereert dat de inbeslagname de normale handelsketen doorbrak, wat in die tijd leidde tot bureaucratische onduidelijkheid voor handelaren zoals de heer Schunkamp. T. Schunkamp Marechaussee
Samenvatting
In deze brief reageert een instantie (vermoedelijk de Amsterdamse Gemeentelijke Visafslag) op een eerdere correspondentie van de heer T. Schunkamp. Schunkamp had blijkbaar navraag gedaan naar een partij vis of een specifieke transactie die rond 20 februari 1943 had plaatsgevonden.
De kern van de brief is een ontkenning van betrokkenheid. De schrijver stelt dat na onderzoek is gebleken dat de gemeentelijke afslag niets met de zaak te maken heeft. In plaats daarvan wordt de oorzaak bij de Marechaussee (rivierpolitie) te Zaandam gelegd. Deze instantie zou de vis in beslag hebben genomen en heeft de partij uitdrukkelijk niet via de officiële weg (de gemeentelijke afslag) aangeboden. De brief eindigt met een doorverwijzing naar de Marechaussee in Zaandam voor verdere afhandeling.
Historische Context
Het document dateert uit maart 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Deze periode kenmerkte zich door strikte regulering van de voedselvoorziening en de handel.
De vermelding dat de vis "in beslag is genomen" door de Marechaussee duidt op een overtreding van de toen geldende distributieregels of een poging tot zwarte handel. De Marechaussee stond tijdens de bezetting onder toezicht van de Duitse autoriteiten en werd veelvuldig ingezet voor de handhaving van economische voorschriften. Dat de vis niet op de officiële gemeentelijke afslag ("gem. afslag") terechtkwam, suggereert dat de inbeslagname de normale handelsketen doorbrak, wat in die tijd leidde tot bureaucratische onduidelijkheid voor handelaren zoals de heer Schunkamp.