Archiefdocument
Origineel
11 maart 1943. SV
C o n c e p t
Notities van een bespreking op 11 Maart 1943 van den Directeur van het Marktwezen den Heer C.F. Sixma, den Heer F. van Meurs, de Gemeentelijke Adviseur voor Voedings- en Distributie-aangelegenheden; den Heer J.J. Sieburgh, den Heer A.H. de Haer en den Heer H.A. van Duinhoven van het Marktwezen met de Heeren Haasnoot, directeur van de Nederlandsche Visscherij Centrale te Den Haag; Den Heer Veldkamp chef van de afdeeling verdeeling van deze Centrale en de Heer Vriens chef van de afdeeling garnalen van de Nederlandsche Visscherijcentrale.
Onderwerpen: De punten, welke in bijlage dezes worden overgelegden welke in volgorde van nummering zijn behandeld.
De Heer Vriens deelt mede, dathij deze aangelegenheid eenige weken geleden met den Heeren Sieburgh en van Duinhoven heeft besproken en daarbij heeft toegezegd, dat de Centrale er in principe geen bezwaar tegen heeft, dat de door Roosman verwaarloosde percentages ten goede komen van de Gemeente Amsterdam. Moeilijkheid is evenwel, dat er geen grossier is, die op goede wijze deze aanvoeren kan verzorgen. Wel zal Puul (Mooyer) uit Volendam hiervoor in aanmerking komen, doch deze moet reeds ~~in~~ den aanvoer ~~uithet~~ uit het Noorden van het land verzorgen.
De Heer Van Meurs zegt, dat ~~dus~~ ^dus blijkbaar geen geschikte grossier bestaat om deze aanvoeren te verzorgen. Spreker deelt mede, dat de Gemeente ~~er~~ geen bezwaar zal hebben, wanneer deze handel in handen worden gegeven van de Combinatie Lammers. De Gemeente is er dan van overtuigd, dat deze garnalen volledig ten goede komen aan de bevolking van Amsterdam, terwijl de verdragingen van de Combinati bij de aanvoer van de mosselen garanderen, dat zij alles in het werk zullen stellen om deze aanvoer naar Amsterdam met kracht te zullen .
--- Dit document is een verslag van een ambtelijk overleg over de logistiek en distributie van garnalen in bezet Amsterdam. De kern van het probleem is dat bepaalde leveringsquota (percentages), die voorheen door een zekere "Roosman" werden beheerd maar blijkbaar zijn verwaarloosd, opnieuw moeten worden toegewezen aan de gemeente Amsterdam.
Er is sprake van een logistiek knelpunt: er moet een geschikte groothandelaar (grossier) worden gevonden om de aanvoer fysiek te regelen. De firma Puul uit Volendam wordt genoemd, maar zij zijn al bezet met de aanvoer uit het noorden van het land. Als oplossing stelt Van Meurs de "Combinatie Lammers" voor. Hij voert aan dat zij hun betrouwbaarheid al hebben bewezen bij de aanvoer van mosselen en dat hun betrokkenheid garandeert dat de garnalen daadwerkelijk bij de Amsterdamse bevolking terechtkomen.
De tekst bevat diverse handgeschreven correcties (zoals het invoegen van "dus" en het doorhalen van "er" en "in") die typisch zijn voor een conceptverslag dat nog moet worden uitgewerkt of goedgekeurd.
--- Het document dateert uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van een strikte distributie-economie. De voedselvoorziening stond onder zware druk en werd centraal geregeld door overheidsinstanties om tekorten te beheersen en de zwarte handel tegen te gaan.
De "Nederlandsche Visscherij Centrale" was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat toezicht hield op de gehele vissector. De Gemeente Amsterdam, via de Dienst van het Marktwezen, probeerde binnen dit strakke kader de voedselstroom naar de stad veilig te stellen. De focus op het vinden van een betrouwbare partner zoals "Combinatie Lammers" moet gezien worden in het licht van de schaarste; corruptie of inefficiëntie in de keten betekende direct minder voedsel voor de Amsterdamse burgers. De vermelding van "verwaarloosde percentages" door Roosman duidt mogelijk op wanbeheer of het niet nakomen van leveringsplichten binnen het vigerende distributiestelsel. A.H. de Haer C.F. Sixma F. van Meurs H.A. van Duinhoven J.J. Sieburgh Gemeente Amsterdam Marktwezen