Archief 745
Inventaris 745-408
Pagina 73
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypt rapport (pagina 2), voorzien van handgeschreven kanttekeningen.

3 februari 1943.

Origineel

Getypt rapport (pagina 2), voorzien van handgeschreven kanttekeningen. 3 februari 1943. -2-

De Heer de Haer beweert in zijn rapport precies het tegenovergestelde van het in mijn rapport d.d. 28 December 1942 beweerde feit. Ik houd vol, dat de heer de Haer mij vroeg één der Commissieleden te waarschuwen en stel dus vast, dat hetgeen de heer de Haer thans in zijn rapport beweert een leugen is en niet de eerste, zie mijn antwoord over de gerookte visch van 25 Dec. '42. Wat zijn rapporten waard zijn, is nu zoo langzaam aan wel bekend, mag ik veronderstellen.
Thans nog eenige nieuwe feiten.
Mosselen, die buiten de verdeeling worden gehouden.
Bij het mosselen zijn 4 personen aanwezig. Twee worden door de Commissie betaald, 4, dat zou te duur worden, dan blijft er te weinig over voor de Heereb. Daarom heeft men er voor de twee anderen wat beters op gevonden. Iederen keer als er mosselen gelost worden krijgen deze twee arbeiders (D. Hinse en A Mulder) ieder 5 balen mosselen extra. De winst die door den verkoop dezer mosselen ontstaan, moeten zij dan als hun loon beschouwen. Dat wil dus zeggen, iedere maal als er mosselen aangevoerd worden, er 10 balen aan de verdeeling onttrokken worden, om de onkosten van de Commissieleden te verlichten, ten koste van de venters,

In October 1942 kwam een schuit met mosselen aan de Vischmarkt aan. De keurmeester Snoek, belast met het toezicht op de aangevoerde partijen visch enz. meende deze aangevoerde mosselen te moeten afkeuren, hetgeen hij ook deed, omdat zij ondeugdelijk waren. Dit was een verliespost voor de Commissie. Door de pressie, die op hem werd uitgeoefend door den Inspecteur, de heer de Haer en de Commissieleden, werd er een herkeuring aangevraagd bij den Directeur van den Keuringsdienst, die zelf ter plaatse kwam. Ook deze Directeur keurde de partij mosselen af. Daarop heeft de Heer de Haer den keurmeester als volgt geprest: "Weet wat je doet, want als de Duitsche autoriteiten hooren, dat je voedsel voor de Bevolking afkeurt, wat nog te eten is, dan ben je daar lang niet klaar mede". Want naar het inzicht van den Heer de Haer waren de mosselen nog goed. (Zij stonken echter) De mosselen bleven afgekeurd. Hulde aan den keurmeester, die de bevolking van Amsterdam dit voedsel gelukkig onthield en zich niet bang liet maken door den Heer de Haer en anderen, die met alle geweld de winst op deze mosselen toch nog voor de Commissie in de wacht wilde slepen. Sinds dien tijd wordt de keurmeester door den heer de Haer en de Commissieleden sterk genegeerd, hetgeen te begrijpen is, omdat deze trouwe ambtenaar weigerde zich te laten beïnvloeden.
Getuige M. de Groot.

Hedenmorgen 2 Febr. '43 zag ik een vrij groote partij zoetwatervisch (snoek en of snoekbaars) op den vischafslag afzijdig staan. Na den afloop van den afslag, toen ik geconstateerd had dat deze partij niet in de verdeeling was gebracht, ben ik naar den controleur van den C.C.D. gegaan, om deze partij visch in beslag te laten nemen, omdat zij niet in de verdeeling was gebracht. Deze partij woog 126 pond (inkoopprijs 0.41)

Hedenmorgen 3 Febr. '43 heb ik een nader onderzoek ingesteld en is mij gebleken, dat de partij zoetwatervisch van 126 pond, die gisteren op den afslag afzijdig was gezet aan de verdeelingscommissie is toegewezen (buiten de verdeeling om) deze visch is toen verkocht aan het personeel van het Marktwezen de Directie enz. enz. w.o. dus ook de heeren Duinhoven en de Haer. Dat deze partij buiten de verdeeling is gebleven, is geschied onder goedkeuring van den heer de Haer.
Hier werd dus 126 pond visch aan de volksgemeenschap onthouden ten bate van een aantal commissieleden en personeel van het Marktwezen in dienst der Gem. Amsterdam. Ook werd deze partij onttrokken aan de vischverdeeling, hetgeen volgens voorschrift verboden en strafbaar is. Verder is het aan het personeel van het Marktwezen verboden op de markten te koopen. Ten overvloede wordt er op gewezen, dat de Commissie geen visch toegewezen kan krijgen, omdat de Commissieleden niet meer op de verdeellijst staan. Het aantal overtredingen in dit eene geval is dus legio. De visch werd tegen inkoopprijs aan de diverse personen verkocht.

Amsterdam, 3 Februari 1943.

[Handgeschreven kanttekeningen links:]
Rapport aan Th. S [onleesbaar]
Cu W Lee?

[Handgeschreven onderaan:]
Aust Check
W Hart - Centrumlaan
7.90 Dit document is een getuigenis van grootschalige fraude en machtsmisbruik binnen de Amsterdamse vismarkt tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Verduistering van rantsoenen: Er wordt beschreven hoe systematisch partijen mosselen (10 balen per levering) aan de officiële distributie ("verdeeling") werden onttrokken. Dit werd gedaan om personeel informeel uit te betalen ('zwart loon'), zodat de winsten voor de commissieleden hoger bleven.
  2. Druk en intimidatie: Het rapport beschrijft een zeer ernstig incident waarbij inspecteur De Haer een keurmeester (Snoek) probeerde te dwingen bedorven mosselen goed te keuren. Hierbij werd een direct dreigement geuit met betrekking tot de Duitse bezetter ("Duitsche autoriteiten"), wat in die tijd levensgevaarlijk kon zijn.
  3. Zelfverrijking: Ambtenaren en commissieleden (waaronder De Haer en Duinhoven) kochten voor eigen gebruik grote partijen vis (126 pond snoekbaars) op tegen de inkoopprijs, terwijl dit voedsel bestemd was voor de noodlijdende Amsterdamse bevolking.
  4. Integriteit van de keurmeester: De tekst prijst keurmeester Snoek omdat hij voet bij stuk hield ondanks de druk van zijn superieuren, waardoor de volksgezondheid werd beschermd tegen de consumptie van stinkende, ondeugdelijke mosselen. Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De Crisis Controle Dienst (C.C.D.) hield toezicht op de naleving hiervan en trad op tegen zwarte handel en fraude.

De Amsterdamse vismarkt was een cruciale schakel in de voedselvoorziening van de stad. Uit dit rapport blijkt dat de schaarste werd misbruikt door functionarissen van het Marktwezen om zichzelf te bevoordelen ten koste van de bevolking ("de volksgemeenschap"). De beschuldiging dat men loon betaalde in natura door goederen aan de verdeling te onttrekken, was een ernstig economisch delict. De spanning tussen de corrupte directie en integere uitvoerende ambtenaren zoals Snoek is kenmerkend voor de bestuurlijke chaos en morele dilemma's tijdens de oorlogsjaren.

Samenvatting

Dit document is een getuigenis van grootschalige fraude en machtsmisbruik binnen de Amsterdamse vismarkt tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Verduistering van rantsoenen: Er wordt beschreven hoe systematisch partijen mosselen (10 balen per levering) aan de officiële distributie ("verdeeling") werden onttrokken. Dit werd gedaan om personeel informeel uit te betalen ('zwart loon'), zodat de winsten voor de commissieleden hoger bleven.
  2. Druk en intimidatie: Het rapport beschrijft een zeer ernstig incident waarbij inspecteur De Haer een keurmeester (Snoek) probeerde te dwingen bedorven mosselen goed te keuren. Hierbij werd een direct dreigement geuit met betrekking tot de Duitse bezetter ("Duitsche autoriteiten"), wat in die tijd levensgevaarlijk kon zijn.
  3. Zelfverrijking: Ambtenaren en commissieleden (waaronder De Haer en Duinhoven) kochten voor eigen gebruik grote partijen vis (126 pond snoekbaars) op tegen de inkoopprijs, terwijl dit voedsel bestemd was voor de noodlijdende Amsterdamse bevolking.
  4. Integriteit van de keurmeester: De tekst prijst keurmeester Snoek omdat hij voet bij stuk hield ondanks de druk van zijn superieuren, waardoor de volksgezondheid werd beschermd tegen de consumptie van stinkende, ondeugdelijke mosselen.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De Crisis Controle Dienst (C.C.D.) hield toezicht op de naleving hiervan en trad op tegen zwarte handel en fraude.

De Amsterdamse vismarkt was een cruciale schakel in de voedselvoorziening van de stad. Uit dit rapport blijkt dat de schaarste werd misbruikt door functionarissen van het Marktwezen om zichzelf te bevoordelen ten koste van de bevolking ("de volksgemeenschap"). De beschuldiging dat men loon betaalde in natura door goederen aan de verdeling te onttrekken, was een ernstig economisch delict. De spanning tussen de corrupte directie en integere uitvoerende ambtenaren zoals Snoek is kenmerkend voor de bestuurlijke chaos en morele dilemma's tijdens de oorlogsjaren.

Locaties

Amsterdam (Vischmarkt / Centrale Markthallen).

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. van den Kommer - Uitgeest
A.D.Deijl
Adjunct-hoofdbrandmeester .. VIII
Bouw- en Woningt. [v] Dinsdag, 9 uur
C. Brandweer Zwanenburgwal Zaterdag, 9 uur
R. Telefoondienst Dinsdag, 9 uur
C. Koning
C. Mooyen 30 pond
C. Mooyer-Puul, 5100 ½kg. ongepeld
C. Rooseman 1190 ½kg. "
D.Z.
D.Z.
D.Z.
Fa. A.C. v.d. Kommer, Uitgeest. 78-½ kg,
Fa. B. Kraan, Oude-Wetering 300-½ kg,
Abraham Monnikendam 190-½ kg,
Fa. S.W. Balm, Spaarndam. 270-½ kg,
Firma A.Korving 14000 stuks
Firma A.v.d.Deijl 13910 stuks
Firma H.A.Kegge 14000 stuks
Firma "Hollandia" 21000 stuks
J. Gzn 17280 stuks
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6