Archief 745
Inventaris 745-408
Pagina 122
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of kopie).

24 maart 1943. Van: De Directeur (vermoedelijk van een plaatselijke keuringsdienst of visafslag). Aan: Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, 's-Gravenhage.

Origineel

Getypte brief (doorslag of kopie). 24 maart 1943. De Directeur (vermoedelijk van een plaatselijke keuringsdienst of visafslag). Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, 's-Gravenhage. [Links boven:] 46a/108/1 M.

[Rechts boven, handgeschreven:] Vemonden 24/3 [daaronder:] SV [daarboven:] Imp [met streep eronder]

[Onderwerp, onderstreept:] Vischverdeeling.

[Rechts uitgelijnd:]
24 Maart 1943.
Den Heer Directeur der Nederlandsche
Visscherijcentrale,
2e Adelheidstraat 300,
's-G r a v e n h a g e (ZH)

Hiermede breng ik te Uwer kennis, dat de grossier (rooker) Kl. de Groot te Monnikendam op 20 dezer schol in gerookten toestand heeft aangevoerd.

Het komt mij ongewenscht voor, dat ook dit volksvoedsel wordt gerookt en verzoek U beleefd ter zake maatregelen te nemen.

De schol was bovendien nog rauw gerookt, slecht gezouten en slecht schoongemaakt en dan ook nauwelijks geschikt voor menschelijke consumptie.

De Directeur, De kern van deze zakelijke brief is een formele klacht over de bedrijfsvoering van een specifieke vishandelaar (Kl. de Groot) uit Monnikendam. De schrijver kaart twee hoofdpunten aan:

  1. Beleidsmatig bezwaar: De afzender vindt het onjuist dat schol — een belangrijk "volksvoedsel" — gerookt wordt aangeboden. Dit suggereert dat schol in die tijd bij voorkeur vers of op een andere wijze gedistribueerd had moeten worden om de voedselvoorziening optimaal te benutten.
  2. Kwalitatief bezwaar: De geleverde partij gerookte schol was van erbarmelijke kwaliteit. De vis was onvoldoende gegaard ("rauw gerookt"), slecht schoongemaakt en onvoldoende gezouten. De conclusie is scherp: het product is nagenoeg ongeschikt voor menselijke consumptie.

De toon is ambtelijk en dringend, waarbij de centrale autoriteit (de Visscherijcentrale) wordt verzocht om in te grijpen. Dit document dateert van maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening uiterst precair en stond deze onder strikte controle van de overheid en bezettingsautoriteiten via distributiestelsels.

De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was het centrale orgaan dat toezicht hield op de visserij, de verwerking en de distributie van vis. Omdat vlees schaars was, was vis een cruciale bron van eiwitten (volksvoedsel). Verspilling door slechte verwerking of het onnodig bewerken van basisproducten (zoals het roken van schol, wat wellicht als een luxe-bewerking of een manier om slechte vis te camoufleren werd gezien) werd in deze crisistijd hoog opgenomen. De brief illustreert de strikte controle en de bureaucratische processen die nodig waren om de minimale voedselkwaliteit voor de bevolking te waarborgen onder oorlogsomstandigheden.

Samenvatting

De kern van deze zakelijke brief is een formele klacht over de bedrijfsvoering van een specifieke vishandelaar (Kl. de Groot) uit Monnikendam. De schrijver kaart twee hoofdpunten aan:

  1. Beleidsmatig bezwaar: De afzender vindt het onjuist dat schol — een belangrijk "volksvoedsel" — gerookt wordt aangeboden. Dit suggereert dat schol in die tijd bij voorkeur vers of op een andere wijze gedistribueerd had moeten worden om de voedselvoorziening optimaal te benutten.
  2. Kwalitatief bezwaar: De geleverde partij gerookte schol was van erbarmelijke kwaliteit. De vis was onvoldoende gegaard ("rauw gerookt"), slecht schoongemaakt en onvoldoende gezouten. De conclusie is scherp: het product is nagenoeg ongeschikt voor menselijke consumptie.

De toon is ambtelijk en dringend, waarbij de centrale autoriteit (de Visscherijcentrale) wordt verzocht om in te grijpen.

Historische Context

Dit document dateert van maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening uiterst precair en stond deze onder strikte controle van de overheid en bezettingsautoriteiten via distributiestelsels.

De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was het centrale orgaan dat toezicht hield op de visserij, de verwerking en de distributie van vis. Omdat vlees schaars was, was vis een cruciale bron van eiwitten (volksvoedsel). Verspilling door slechte verwerking of het onnodig bewerken van basisproducten (zoals het roken van schol, wat wellicht als een luxe-bewerking of een manier om slechte vis te camoufleren werd gezien) werd in deze crisistijd hoog opgenomen. De brief illustreert de strikte controle en de bureaucratische processen die nodig waren om de minimale voedselkwaliteit voor de bevolking te waarborgen onder oorlogsomstandigheden.

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. van den Kommer - Uitgeest
A.D.Deijl
Adjunct-hoofdbrandmeester .. VIII
Bouw- en Woningt. [v] Dinsdag, 9 uur
C. Brandweer Zwanenburgwal Zaterdag, 9 uur
R. Telefoondienst Dinsdag, 9 uur
C. Koning
C. Mooyen 30 pond
C. Mooyer-Puul, 5100 ½kg. ongepeld
C. Rooseman 1190 ½kg. "
D.Z.
D.Z.
D.Z.
Fa. A.C. v.d. Kommer, Uitgeest. 78-½ kg,
Fa. B. Kraan, Oude-Wetering 300-½ kg,
Abraham Monnikendam 190-½ kg,
Fa. S.W. Balm, Spaarndam. 270-½ kg,
Firma A.Korving 14000 stuks
Firma A.v.d.Deijl 13910 stuks
Firma H.A.Kegge 14000 stuks
Firma "Hollandia" 21000 stuks
J. Gzn 17280 stuks
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6