Getypt concept-memo/brief.
Origineel
Getypt concept-memo/brief. 10 april 1943. C o n c e p t . vD/HB.
10 April 1943.
Den Heer Ir.Tuin
Publieke Werken.
Ingevolge Uw verzoek heb ik de eer U onderstaand enkele
gegevens, betrekking hebbende op de Vischmarkt, De Ruyter-
kade, te doen toekomen.
Op het buitenterrein namen vóór den oorlog 33 grossiers
een plaats in, welke variëerde van 10 tot 20 m2 per plaats.
Ongeveer 1000 kleinhandelaren met inbegrip van hun personeel
kwamen ter markt, doch niet dagelijks en veelal ook niet
tegelijk.
Het aantal auto's bedroeg 40 à 50; hiervan zijn 15
grossiersauto's, die op het terrein zelf, dus tusschen de
hekken een plaats innamen; op deze auto's werd aangevoerd en
er werd van verkocht aan den kleinhandel.
10 à 20 vaartuigen(botters) voerder dagelijks(meestal
Donderdags en Vrijdags) visch aan, welke in de hal door
den afslag werd verkocht. Deze vaartuigen zijn ca. 3 m.
breed en 15 tot 20 m. lang. Voorts kwamen nog enkele motor-
schepen ter markt. De kleinhandelaren kwamen met ongeveer
200 karren en bakfietsen naar de markt. Deze karren en de
resteerende auto's parkeeren vóór het hek der Vischmarkt op
de zgn. hulpmarkt(voor het café van Van Meekeren). Wanneer
de handel is gekocht, rijden zij met de karren de markt op
om hun handel te laden. Een eventueele nieuwe vischhal kan
voorloopig zoo groot worden geprojecteerd als de bestaande
evenals het buitenterrein, echter beide met eenige reserve
voor uitbreiding.
Ook met de verdere thans bestaande outillage(café's,
pakhuizenetc) moet worden rekening gehouden., terwijl met de
mogelijkheid van het bouwen van een koelruimte van ± 25 m2
moet worden rekening gehouden.
Het is gewenscht, dat de aanlegplaatsen voor de botters
zoo dicht mogelijk bij de hal komen te liggen. Daar het
niet zeker is of aanvoer per botter direct uit zee na den
oorlog weer zal plaats vinden kan mijns inziens voorloopig
worden volstaan met ruimte voor den bouw der steigers te
reserveeren; het is gewenscht bij het project rekening te
houden met de mogelijkheid de steigers buitend de markturen
ook voor andere doeleinden te gebruiken. * Inhoud: De brief bevat een gedetailleerd overzicht van de bedrijvigheid op de vismarkt aan de De Ruyterkade te Amsterdam van vóór 1940. Het fungeert als een feitelijke basis voor de planning van een nieuwe visafslag. Er wordt ingegaan op het aantal handelaren, de benodigde vierkante meters, en de logistiek van zowel vrachtwagens als schepen (botters).
* Kerncijfers:
* 33 grossiers (10-20 m² per plek).
* Circa 1000 kleinhandelaren (niet gelijktijdig).
* Transportmiddelen: 40-50 auto's, 200 karren/bakfietsen en 10-20 botters (15-20 meter lang).
* Toekomstplanning: Nieuwbouw vergelijkbaar met huidige omvang, plus een koelruimte van ± 25 m².
* Stijl: Formeel ambtelijk Nederlands ("Ingevolge Uw verzoek heb ik de eer U..."). Opvallend is het gebruik van toenmalige spelling (zoals "Vischmarkt" en "vóór") en enkele typefouten ("voerder" in plaats van "voerden", "buitend" in plaats van "buiten"). * Historische periode: Geschreven tijdens de Duitse bezetting (1943), maar de focus ligt op de situatie van vóór de oorlog en de voorbereiding op de wederopbouw ("na den oorlog"). Dit getuigt van het feit dat de gemeentelijke diensten, ondanks de oorlog, doorgingen met stedelijke planning.
* Locatie: De Vischmarkt aan de De Ruyterkade (achter het Centraal Station in Amsterdam) was een cruciaal knooppunt voor de visaanvoer via het IJ.
* Persoon: Ir. J.L. Tuin was een vooraanstaand ingenieur bij de Dienst der Publieke Werken in Amsterdam, betrokken bij tal van infrastructurele projecten in de stad.
* Tijdsbeeld: De overgang van traditioneel transport (zeilbotters en handkarren) naar modernere middelen (vrachtauto's en motorschepen) is in de statistieken duidelijk zichtbaar. De onzekerheid over de terugkeer van de bottervloot na de oorlog bleek terecht; de visserij moderniseerde na 1945 razendsnel.