Handgeschreven memo of aantekeningen op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven memo of aantekeningen op gelinieerd papier. Joodsche kleinhandelaren
niet op C.M. vanaf
morgenochtend 12/6 '42.
punten v. regeling
12/6 '42 aan Goudsmit
zenden
kantoortje van Joodsche
com. op pier F.
~~Balle 51362~~
Commissie Noory 12/6 1942
Kunnen regeling vordering niet
accepteeren. Kan alleen, ~~wanneer worden~~
com. op naam v. Ned. Veil.
alle oude Joodsche groentepunten
van alle veilingen krijgt
toegewezen. Dit document bevat aantekeningen die direct verband houden met de economische uitsluiting van Joden in Nederland tijdens de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog.
- C.M.: Staat hoogstwaarschijnlijk voor de Centrale Markthallen in Amsterdam. De eerste notitie meldt dat Joodse kleinhandelaren daar vanaf 12 juni 1942 niet meer welkom zijn. Dit was een cruciale stap in het afsnijden van Joodse ondernemers van hun bevoorrading.
- Goudsmit: Een veelvoorkomende Joodse achternaam. Gezien de context kan dit verwijzen naar een contactpersoon binnen de Joodsche Raad of een ambtenaar betrokken bij de uitvoering van de maatregelen.
- Pier F: Mogelijk een specifieke locatie op het terrein van de Centrale Markt of in de haven waar een "Joodsche commissie" (waarschijnlijk een afdeling van de Joodsche Raad voor voedselvoorziening) een kantoortje had.
- Commissie Noory: Verwijst vermoedelijk naar de commissie onder leiding van de Joodse zakenman M. Noory, die betrokken was bij de distributie van groenten en fruit voor de Joodse bevolking onder toezicht van de Joodsche Raad.
- Groentepunten: Dit verwijst naar het distributiesysteem met punten/bonnen. Uit de tekst blijkt een conflict over de vordering en toewijzing van deze punten. De commissie eist dat alle "oude Joodsche groentepunten" van alle veilingen worden toegewezen aan een commissie op naam van de "Ned. Veil." (Nederlandsche Veilingen). De datum op het document, 12 juni 1942, is historisch zeer saillant. Het is exact de dag dat de verordening van kracht werd waarbij Joden hun fietsen en andere vervoermiddelen moesten inleveren, en slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties vanuit Nederland naar de vernietigingskampen in Polen begonnen (juli 1942).
Het document illustreert de bureaucratische processen achter de diefstal van Joods bezit en de toenemende beperkingen op hun dagelijks leven en overleving. De discussie over "groentepunten" toont aan hoe zelfs de toegang tot basisbehoeften zoals groenten werd gebruikt als instrument voor controle en onteigening. De poging om punten centraal te registreren op naam van de Nederlandse Veilingen wijst op de "arisering" of centralisatie van Joodse distributierechten onder niet-Joods toezicht.