Handgeschreven ambtelijke notitie of verslag van een bespreking.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie of verslag van een bespreking. 17 oktober 1941. 17/10 '41
Diemel Ned. Verbond v.
Speeltuinver.
a.s. Maandag speeltuinen A.C.
Waterlooplein
Tugelaweg
Gaaspstraat
[In kader rechts:]
A.C.
Terrein
Rest. en
Stpl.
ger. Daniël
[In boog:] 1928-1935
bestemd voor Joodsche koop-
lieden, die van de markten weg
moeten.
Uw verzoek om plaatsing
van 3 opzichters, die thans
op die speeltuinen dienstdoen,
over kunnen gaan in ge-
meentedienst. Deze opzichters
verdienen f 23.= per week.
Ned. Verbond wordt zwaar
gesubsidieerd door gemeente.
Hr. Diemel is door Directeur Onderwijs
naar Marktwezen verwezen.
41250 telefoon Diemel * Kern van het document: De notitie betreft de ingrijpende maatregel tijdens de Duitse bezetting waarbij speeltuinen in Amsterdamse wijken met een grote Joodse populatie (zoals de Transvaalbuurt en de Jodenbuurt) werden ontruimd om dienst te gaan doen als speciale markten voor Joden.
* Personele kwestie: Er wordt gesproken over de overgang van drie opzichters van de speeltuinvereniging naar de gemeentedienst. Nu de terreinen een andere functie krijgen onder het 'Marktwezen', moet hun dienstverband worden aangepast. Hun salaris wordt vermeld als 23 gulden per week.
* Financiën: De notitie benadrukt dat het Nederlandsch Verbond van Speeltuinverenigingen (waar de heer Diemel secretaris van was) zwaar door de gemeente wordt gesubsidieerd, wat de betrokkenheid van de gemeente bij de herplaatsing van personeel verklaart.
* Handschrift en annotaties: Het handschrift is een typisch midden-20e-eeuws ambtelijk cursief. De kaders en onderstrepingen wijzen op een werknotitie bedoeld voor intern gebruik of als voorbereiding op een besluit. Dit document vormt een directe getuigenis van de toenemende segregatie en uitsluiting van de Joodse bevolking in Amsterdam in 1941. In september 1941 verboden de Duitse bezetters Joden de toegang tot openbare parken en recreatiegelegenheden. Kort daarna werden Joodse marktkooplieden verbannen van de reguliere markten.
Ter vervanging werden op specifieke locaties 'Joodse markten' ingesteld, vaak op voormalige speeltuinterreinen. De locaties genoemd in dit document (Waterlooplein, Tugelaweg en Gaaspstraat) werden inderdaad dergelijke marktlocaties. De Gaaspstraat-markt opende bijvoorbeeld in november 1941. De notitie legt het bureaucratische proces vast waarbij de gemeente Amsterdam (met name de diensten Onderwijs en Marktwezen) de praktische uitvoering van deze antisemitische maatregelen faciliteerde, inclusief het regelen van de overplaatsing van het betrokken personeel.