Archief 745
Inventaris 745-1406
Pagina 62
Dossier 48
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie of instructie.

29 oktober 1941

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie of instructie. 29 oktober 1941 Opmerking: De tekst is in een vlot lopend, 20e-eeuws cursief handschrift geschreven.

29-10-'41 (linksboven)
Avisering. (rechtsboven)

1. Bloemenmarkt – Hier zijn er twee
Joden die op markt staan en geen
winkel hebben en die behalve
plaats ook winkel hebben.
Weten moet dat zij vanaf Maandag
3 Nov. niet mogen staan op markt.

2. Stallenzetters – stallen en marktwagens
Joodsche stallenzetters uitsluitend
Joodsche markten en omgekeerd
niet-J. op n. Joodsche markten.

3. Bosch, park, markten: alleen
toegang voor Joden.
(Met daaronder nogmaals de toevoeging "alleen" omcirkeld en verbonden met de laatste zin). Dit document bevat instructies voor de uitvoering van discriminerende maatregelen tegen de Joodse bevolking in een Nederlandse gemeente (vermoedelijk Den Haag of Amsterdam, gezien de aard van de genoemde markten) tijdens de Tweede Wereldoorlog.

  • Punt 1: Beschrijft de directe uitsluiting van Joodse handelaren van de bloemenmarkt. Er wordt expliciet een deadline gesteld op maandag 3 november 1941. Het onderscheid tussen handelaren met en zonder fysieke winkel benadrukt de grondigheid waarmee hun economische positie werd afgebroken.
  • Punt 2: Introduceert segregatie bij de dienstverlening op markten. 'Stallenzetters' (personen die kramen opbouwen) mochten hun werkzaamheden niet meer over en weer uitvoeren tussen de Joodse en niet-Joodse gemeenschap.
  • Punt 3: Is opmerkelijk kort geformuleerd. Hoewel Joden in deze periode juist uit de meeste parken en bossen werden geweerd, verwijst de term "alleen toegang voor Joden" in deze context waarschijnlijk naar de aanduiding van specifieke, afgeschermde zones of markten waar zij nog wél mochten komen, als onderdeel van de gedwongen gettoïsering van het openbare leven. Het document dateert van eind oktober 1941, een cruciale fase in de Holocaust in Nederland. In de herfst van 1941 werd de bewegingsvrijheid van Joden door de Duitse bezetter drastisch ingeperkt. De verordening van september 1941 had Joden al verboden deel te nemen aan openbare markten en openbare parken te bezoeken.

Deze notitie toont de lokale, bureaucratische uitwerking van die verordeningen. Het laat zien hoe de bezetter en lokale instanties samenwerkten om Joodse burgers stapsgewijs uit het economische en sociale verkeer te stoten. De zakelijke toon ("Weten moet dat zij...") illustreert de normalisering van uitsluiting in de ambtelijke correspondentie van die tijd.

Samenvatting

Dit document bevat instructies voor de uitvoering van discriminerende maatregelen tegen de Joodse bevolking in een Nederlandse gemeente (vermoedelijk Den Haag of Amsterdam, gezien de aard van de genoemde markten) tijdens de Tweede Wereldoorlog.

  • Punt 1: Beschrijft de directe uitsluiting van Joodse handelaren van de bloemenmarkt. Er wordt expliciet een deadline gesteld op maandag 3 november 1941. Het onderscheid tussen handelaren met en zonder fysieke winkel benadrukt de grondigheid waarmee hun economische positie werd afgebroken.
  • Punt 2: Introduceert segregatie bij de dienstverlening op markten. 'Stallenzetters' (personen die kramen opbouwen) mochten hun werkzaamheden niet meer over en weer uitvoeren tussen de Joodse en niet-Joodse gemeenschap.
  • Punt 3: Is opmerkelijk kort geformuleerd. Hoewel Joden in deze periode juist uit de meeste parken en bossen werden geweerd, verwijst de term "alleen toegang voor Joden" in deze context waarschijnlijk naar de aanduiding van specifieke, afgeschermde zones of markten waar zij nog wél mochten komen, als onderdeel van de gedwongen gettoïsering van het openbare leven.

Historische Context

Het document dateert van eind oktober 1941, een cruciale fase in de Holocaust in Nederland. In de herfst van 1941 werd de bewegingsvrijheid van Joden door de Duitse bezetter drastisch ingeperkt. De verordening van september 1941 had Joden al verboden deel te nemen aan openbare markten en openbare parken te bezoeken.

Deze notitie toont de lokale, bureaucratische uitwerking van die verordeningen. Het laat zien hoe de bezetter en lokale instanties samenwerkten om Joodse burgers stapsgewijs uit het economische en sociale verkeer te stoten. De zakelijke toon ("Weten moet dat zij...") illustreert de normalisering van uitsluiting in de ambtelijke correspondentie van die tijd.

Kooplieden in dit dossier 100

E. Aalvel Uilenburg Inleggerij
M.S. Adviseerde Uilenburg 9
A. Baas Waterlooplein
A. Baas Waterlooplein
A.C. Boekelman Uilenburg ger. visch X
A.F. Challa Uilenburg groenten
H. Acohen Uilenburg T
J. Acohen Waterlooplein T
J. Acohen Waterlooplein T x
M. Acohen Waterlooplein T
D. Adami Waterlooplein
A. de Moel Uilenburg papierwaren
A. Dorregeest Uilenburg bloemen X
A. Duits Waterlooplein - ijs
A. Geboorte Waterlooplein snijbloemen
Adolf Frankenstein Waterlooplein 2e h.artikelen v
A. Goslau Waterlooplein
A. Heideman Uilenburg knoopen, gespen X *enz.*
A. Hirsch Waterlooplein rookart.
A. Hofboer Waterlooplein aardewerk v
A. Hollander Waterlooplein dames mode
A. Hoogstraal Zwanenburgwal zoolbeslag *sporadisch*
A. Isaac Waterlooplein
A.J.Sloot Waterlooplein sloten en sleutels
A. Engelen Waterlooplein 2e h.artikelen v
A. Kramer Uilenburg idem *of en toe*
A. Kruger Uilenburg groenten
A. Laarman-Soederhuyzen Waterlooplein gedr.kleeding v
A. Cuypstraat Uilenburg 68
A. Cuypstraat Waterlooplein 166 66 145 68
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6