Getypte brief / ambtelijke correspondentie.
Origineel
Getypte brief / ambtelijke correspondentie. 29 april 1943. De Directeur (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Marktdienst of een verwante Amsterdamse dienst). Den Heer Directeur van het Gemeentelijk Bureau voor Socialen Zaken, Amsterdam. 52/5/2 M.
2
Verzonden 29/4 [handgeschreven in blauw potlood/inkt]
SV
29 April 1943.
Den Heer Directeur van het Gemeentelijk
Bureau voor Socialen Zaken,
Nieuwe Kerkstraat 126
Amsterdam-Centrum.
wijk 10
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toe-
komen twee lijsten, houdende mutaties plaatsbezetting
dag- en weekmarkten.
Ik deel U nog mede, dat onderhands een duplicaat
van deze lijsten is gezonden aan de afd. Marnixstraat.
De Directeur, Het document is een kort, zakelijk schrijven waarin melding wordt gemaakt van de verzending van twee lijsten met "mutaties" (wijzigingen) betreffende de bezetting van staanplaatsen op de Amsterdamse dag- en weekmarkten. De brief hanteert de destijds gebruikelijke formele ambtelijke stijl ("heb ik de eer U te doen toekomen").
Interessant is de vermelding dat er ook een duplicaat naar de afdeling aan de Marnixstraat is gestuurd. Aan de Marnixstraat was onder andere het hoofdbureau van politie gevestigd, wat kan duiden op een controlerende of handhavende functie met betrekking tot de marktvergunningen. De administratieve precisie (verwijzing naar wijk 10) is kenmerkend voor het Amsterdamse gemeentebestuur in die tijd. De datum van de brief, 29 april 1943, valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de controle op markten en voedseldistributie extreem streng.
Administratieve lijsten met wijzigingen in de plaatsbezetting van markten waren in deze jaren beladen. In de jaren 1941 en 1942 waren Joodse marktkooplieden al stelselmatig van de algemene markten geweerd en verbannen naar specifieke 'Joodse markten'. Tegen april 1943 waren de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam in volle gang, waardoor veel marktplaatsen vrijkwamen of door anderen werden ingenomen. Hoewel de brief een puur administratief karakter lijkt te hebben, weerspiegelt de noodzaak om mutaties door te geven aan het Bureau voor Socialen Zaken en de afdeling aan de Marnixstraat de verregaande bureaucratische controle over de economische en sociale ruimte van de stad onder het nationaalsocialistische bewind. Hoofdbureau Politie
Samenvatting
Het document is een kort, zakelijk schrijven waarin melding wordt gemaakt van de verzending van twee lijsten met "mutaties" (wijzigingen) betreffende de bezetting van staanplaatsen op de Amsterdamse dag- en weekmarkten. De brief hanteert de destijds gebruikelijke formele ambtelijke stijl ("heb ik de eer U te doen toekomen").
Interessant is de vermelding dat er ook een duplicaat naar de afdeling aan de Marnixstraat is gestuurd. Aan de Marnixstraat was onder andere het hoofdbureau van politie gevestigd, wat kan duiden op een controlerende of handhavende functie met betrekking tot de marktvergunningen. De administratieve precisie (verwijzing naar wijk 10) is kenmerkend voor het Amsterdamse gemeentebestuur in die tijd.
Historische Context
De datum van de brief, 29 april 1943, valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de controle op markten en voedseldistributie extreem streng.
Administratieve lijsten met wijzigingen in de plaatsbezetting van markten waren in deze jaren beladen. In de jaren 1941 en 1942 waren Joodse marktkooplieden al stelselmatig van de algemene markten geweerd en verbannen naar specifieke 'Joodse markten'. Tegen april 1943 waren de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam in volle gang, waardoor veel marktplaatsen vrijkwamen of door anderen werden ingenomen. Hoewel de brief een puur administratief karakter lijkt te hebben, weerspiegelt de noodzaak om mutaties door te geven aan het Bureau voor Socialen Zaken en de afdeling aan de Marnixstraat de verregaande bureaucratische controle over de economische en sociale ruimte van de stad onder het nationaalsocialistische bewind.