Archiefdocument
Origineel
3 mei 1944. B. Waagenaar. N$^o$ 20/40/1 M.1944 $17 \over 5$
't Zand 3 Mei 1944
Mijn heer.
Naar aanleiding van uw bericht aangaande opheffing van mijn staanplaats, bericht ik u dat ik momenteel werkzaam ben in werkverstaffing, u begrijpt dat ik van mijn staanplaats in dit geval geen gebruik kan maken. Ik hoop wanneer ik weer vrij gegeven ben ik weer in aanmerking kom voor een staanplaats.
Hoogachtend
B. Waagenaar
Barakken kamp A
't Zand
Barak IV
Kamer I
gem. Zijpe
N. Holland
[Ambtelijke notitie onderaan in afwijkend handschrift:]
Waagenaar is Jood; marktplaats Joubertstraat per 1/3 '44 ingetrokken.
Kan m.i. lat. aanvraag voor marktplaats maken.
opbergen 12/5 '44
[Paraaf] In deze brief reageert B. Waagenaar op de opheffing van zijn marktstaanplaats. Hij schrijft vanuit "Barakkenkamp A" in 't Zand, waar hij op dat moment verblijft voor "werkverstaffing" (dwangarbeid). Hij verzoekt de autoriteiten om zijn recht op een staanplaats te behouden voor het moment dat hij weer vrijkomt.
De ambtelijke notitie onderaan de brief is onthullend: er wordt expliciet vermeld dat "Waagenaar is Jood". Hierdoor was zijn staanplaats in de Amsterdamse Joubertstraat feitelijk al in maart 1944 ingetrokken, conform de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. De brief illustreert de tragische poging van een vervolgde burger om via officiële weg zijn maatschappelijke positie te behouden, terwijl de bureaucratie hem reeds op basis van zijn afkomst had uitgesloten. Het document dateert uit mei 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. 't Zand (gemeente Zijpe) was een locatie waar werkkampen waren ingericht, vaak gerelateerd aan de aanleg van de Atlantikwall. Joodse mannen werden in deze periode vaak via dergelijke kampen ingezet voor dwangarbeid voordat zij werden gedeporteerd.
De Joubertstraat ligt in de Amsterdamse Transvaalbuurt, een wijk die in de oorlog door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de Joodse wijken (Judenviertel). Het intrekken van vergunningen voor marktstaanplaatsen was een standaardmethode om Joodse burgers hun middelen van bestaan te ontnemen. Dit document vormt een direct bewijs van de administratieve uitsluiting en de daaropvolgende deportatiemachinerie. B. Waagenaar N. Holland
Samenvatting
In deze brief reageert B. Waagenaar op de opheffing van zijn marktstaanplaats. Hij schrijft vanuit "Barakkenkamp A" in 't Zand, waar hij op dat moment verblijft voor "werkverstaffing" (dwangarbeid). Hij verzoekt de autoriteiten om zijn recht op een staanplaats te behouden voor het moment dat hij weer vrijkomt.
De ambtelijke notitie onderaan de brief is onthullend: er wordt expliciet vermeld dat "Waagenaar is Jood". Hierdoor was zijn staanplaats in de Amsterdamse Joubertstraat feitelijk al in maart 1944 ingetrokken, conform de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. De brief illustreert de tragische poging van een vervolgde burger om via officiële weg zijn maatschappelijke positie te behouden, terwijl de bureaucratie hem reeds op basis van zijn afkomst had uitgesloten.
Historische Context
Het document dateert uit mei 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. 't Zand (gemeente Zijpe) was een locatie waar werkkampen waren ingericht, vaak gerelateerd aan de aanleg van de Atlantikwall. Joodse mannen werden in deze periode vaak via dergelijke kampen ingezet voor dwangarbeid voordat zij werden gedeporteerd.
De Joubertstraat ligt in de Amsterdamse Transvaalbuurt, een wijk die in de oorlog door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de Joodse wijken (Judenviertel). Het intrekken van vergunningen voor marktstaanplaatsen was een standaardmethode om Joodse burgers hun middelen van bestaan te ontnemen. Dit document vormt een direct bewijs van de administratieve uitsluiting en de daaropvolgende deportatiemachinerie.