Handgeschreven notitie op papier (mogelijk de achterzijde van een formulier of foto, gezien de doorschijnende druk aan de achterkant).
Origineel
Handgeschreven notitie op papier (mogelijk de achterzijde van een formulier of foto, gezien de doorschijnende druk aan de achterkant). 12 juni 1944. Heeft in hoofd. (B
zaak altijd op het
buitenterrein
gekocht, vermoe-
delijk bij
Joodsche groentjes.
12.6.44
de Haas De tekst is geschreven in een gangbaar midden-20e-eeuws handschrift. Enkele opvallende tekstuele elementen:
* Woordafbreking: Het woord "hoofdzaak" is over twee regels verdeeld ("hoofd." en "zaak"), waarbij na "hoofd." een toevoeging tussen haakjes staat — vermoedelijk "(B)", wat kan verwijzen naar een dossiersectie of een specifieke categorie. Ook "vermoedelijk" is afgebroken.
* Spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de vooroorlogse spelling (zoals "Joodsche").
* Inhoud: De notitie betreft een observatie of verklaring over het inkoopgedrag van een niet nader genoemde persoon. Er wordt gesteld dat deze persoon hoofdzakelijk inkopen deed op een "buitenterrein".
* "Joodsche groentjes": Deze term is opmerkelijk. Hoewel "groentjes" letterlijk naar groenten verwijst, wordt hier in de context van de handel waarschijnlijk gedoeld op Joodse groenteverkopers (mogelijk een verkleinvorm of lokaal idioom).
* Ondertekening: De notitie is ondertekend door "de Haas". De datum op het document, 12 juni 1944, is historisch zeer relevant. Het is zes dagen na D-Day, in een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een grimmige fase doormaakte.
* Jodenvervolging: In juni 1944 waren de meeste Joodse Nederlanders reeds gedeporteerd. Het feit dat er gesproken wordt over het kopen bij "Joodsche groentjes" suggereert dat de notitie ofwel betrekking heeft op een specifieke locatie waar nog Joodse bedrijvigheid was (zoals binnen de omheining van een doorgangskamp zoals Westerbork, waar een "buitenterrein" en interne handel bestond), ofwel deel uitmaakt van een onderzoek naar eerdere activiteiten of zwarte handel.
* Administratieve aard: Gezien de beknoptheid en de zakelijke toon lijkt dit een administratieve aantekening te zijn, mogelijk voor een opsporingsdienst, de distributiedienst of een kantoororganisatie binnen een kampsysteem. De vage aanduiding "buitenterrein" versterkt het vermoeden dat dit betrekking heeft op een afgebakende zone zoals een kampterrein of een specifiek industrieel complex onder toezicht.
Samenvatting
De tekst is geschreven in een gangbaar midden-20e-eeuws handschrift. Enkele opvallende tekstuele elementen:
* Woordafbreking: Het woord "hoofdzaak" is over twee regels verdeeld ("hoofd." en "zaak"), waarbij na "hoofd." een toevoeging tussen haakjes staat — vermoedelijk "(B)", wat kan verwijzen naar een dossiersectie of een specifieke categorie. Ook "vermoedelijk" is afgebroken.
* Spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de vooroorlogse spelling (zoals "Joodsche").
* Inhoud: De notitie betreft een observatie of verklaring over het inkoopgedrag van een niet nader genoemde persoon. Er wordt gesteld dat deze persoon hoofdzakelijk inkopen deed op een "buitenterrein".
* "Joodsche groentjes": Deze term is opmerkelijk. Hoewel "groentjes" letterlijk naar groenten verwijst, wordt hier in de context van de handel waarschijnlijk gedoeld op Joodse groenteverkopers (mogelijk een verkleinvorm of lokaal idioom).
* Ondertekening: De notitie is ondertekend door "de Haas".
Historische Context
De datum op het document, 12 juni 1944, is historisch zeer relevant. Het is zes dagen na D-Day, in een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een grimmige fase doormaakte.
* Jodenvervolging: In juni 1944 waren de meeste Joodse Nederlanders reeds gedeporteerd. Het feit dat er gesproken wordt over het kopen bij "Joodsche groentjes" suggereert dat de notitie ofwel betrekking heeft op een specifieke locatie waar nog Joodse bedrijvigheid was (zoals binnen de omheining van een doorgangskamp zoals Westerbork, waar een "buitenterrein" en interne handel bestond), ofwel deel uitmaakt van een onderzoek naar eerdere activiteiten of zwarte handel.
* Administratieve aard: Gezien de beknoptheid en de zakelijke toon lijkt dit een administratieve aantekening te zijn, mogelijk voor een opsporingsdienst, de distributiedienst of een kantoororganisatie binnen een kampsysteem. De vage aanduiding "buitenterrein" versterkt het vermoeden dat dit betrekking heeft op een afgebakende zone zoals een kampterrein of een specifiek industrieel complex onder toezicht.