Ambtelijke notitie / Concept-brief.
Origineel
Ambtelijke notitie / Concept-brief. [Linksboven in rood potlood:] 76/b/109/2
[Bovenaan midden in rood kader:] V.B.
[Rechtsboven:] af/ Bedrijfschap Vischprod.
Onder terugzending op het met Uw
brief d.d. 27 Juli l.l. om advies ontvangen
stuk no. 1817/b Afd. Verd. bericht ik U,
dat het aan de in de visch-verdeeling te dezer
stede opgenomen kleinhandelaren niet
is toegestaan visch te leveren aan
restaurants, terwijl adressant zelf
als exploitant van een restaurant niet
als kleinhandelaar in de verdeeling
kan worden opgenomen.
[Doorgestreept:] ~~Ik heb de eer U te berichten dat~~
Adressant kan slechts geholpen worden
indien Uwerzijds een grossier-kleinhandelaar
wordt aangewezen om hem te leveren.
[Linksonder:] od
[Rechtsonder:] od. Het document is een ambtelijk advies of een concept-antwoord betreffende de distributie van vis tijdens een periode van schaarste (waarschijnlijk de Tweede Wereldoorlog).
De kern van de zaak is een verzoek van een restauranthouder ("adressant") die vis wil ontvangen via de reguliere distributiekanalen. De schrijver zet de regels uiteen:
1. Kleinhandelaren (winkeliers) die in het distributiesysteem van de stad zijn opgenomen, mogen geen vis leveren aan restaurants.
2. De restauranthouder zelf kan niet als 'kleinhandelaar' worden geregistreerd in het distributiesysteem, omdat hij een exploitant is en geen winkelier.
De oplossing: De enige manier waarop de restauranthouder legaal aan vis kan komen, is als de overkoepelende instantie een specifieke "grossier-kleinhandelaar" (een groothandel die ook aan eindverbruikers/instellingen mag leveren) aanwijst om de levering te verzorgen. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was bijna de gehele voedselvoorziening onderworpen aan een streng distributiesysteem onder leiding van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Het Bedrijfschap voor Visproducten hield toezicht op de vangst, handel en prijsvorming van vis.
In deze periode van schaarste was het essentieel dat goederen niet buiten het systeem om ("op de zwarte markt") verdwenen. Daarom mochten winkeliers (kleinhandelaren) alleen aan particulieren met bonnen leveren. Restaurants vielen buiten de normale consumenten-distributie en moesten vaak via speciale toewijzingen van grossiers worden bevoorraad. Dit document illustreert de bureaucratische stritheid waarmee deze scheiding tussen particuliere verkoop en de horeca werd bewaakt. Bedrijfschap Rijksbureau
Samenvatting
Het document is een ambtelijk advies of een concept-antwoord betreffende de distributie van vis tijdens een periode van schaarste (waarschijnlijk de Tweede Wereldoorlog).
De kern van de zaak is een verzoek van een restauranthouder ("adressant") die vis wil ontvangen via de reguliere distributiekanalen. De schrijver zet de regels uiteen:
1. Kleinhandelaren (winkeliers) die in het distributiesysteem van de stad zijn opgenomen, mogen geen vis leveren aan restaurants.
2. De restauranthouder zelf kan niet als 'kleinhandelaar' worden geregistreerd in het distributiesysteem, omdat hij een exploitant is en geen winkelier.
De oplossing: De enige manier waarop de restauranthouder legaal aan vis kan komen, is als de overkoepelende instantie een specifieke "grossier-kleinhandelaar" (een groothandel die ook aan eindverbruikers/instellingen mag leveren) aanwijst om de levering te verzorgen.
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was bijna de gehele voedselvoorziening onderworpen aan een streng distributiesysteem onder leiding van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Het Bedrijfschap voor Visproducten hield toezicht op de vangst, handel en prijsvorming van vis.
In deze periode van schaarste was het essentieel dat goederen niet buiten het systeem om ("op de zwarte markt") verdwenen. Daarom mochten winkeliers (kleinhandelaren) alleen aan particulieren met bonnen leveren. Restaurants vielen buiten de normale consumenten-distributie en moesten vaak via speciale toewijzingen van grossiers worden bevoorraad. Dit document illustreert de bureaucratische stritheid waarmee deze scheiding tussen particuliere verkoop en de horeca werd bewaakt.