Getypte notulen/verslag van een ambtelijke bespreking.
Origineel
Getypte notulen/verslag van een ambtelijke bespreking. 23 oktober 1941. N o t i t i e s van een bespreking op 23 October 1941 van den
Directeur van het Marktwezen, den heer C.F.Sixma, den Directeur van
den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening, den heer
J.Smeets, den Gemeentelijken Adviseur voor voedings- en distributie-
aangelegenheden, den heer F.van Meurs en de grossiers van de Cen-
trale Markt, de heeren Dijkstra, Draaisma, Bood en Kramer.
O n d e r w e r p :
Winteropslag 1941/1942.
De Directeur deelt mede, dat hij omtrent de onderhavige aangelegenheid de vorige
week reeds een bespreking met den handel heeft gehad. Daarbij is de
wenschelijkheid gebleken, om ten minste dezelfde hoeveelheid stapel-
producten op te slaan als verleden jaar heeft plaats gehad. Het bleek
toen moeilijk om de positie van de vatgroenten vast te stellen. De
handel kon toen nog niet opgeven wat de vermoedelijke voorraden bij
de winkeliers en dergelijke zouden zijn. Hieromtrent zou men echter
een onderzoek doen instellen.
De heer Kramer deelt mede, dat de positie van de zuurkool niet slecht is. Er is
een ruime aanvoer van witte kool, omdat er een zeer groote oogst van
de fabrieks witte kool plaats heeft. Tachtig procent van deze kool
gaat naar de fabrieken voor de inleggerij, tien procent is bestemd
voor het binnenland en 10 tien procent voor export. Iedere vakstand
levert momenteel een vast percentage af aan zijn vaste afnemers
(grossiers). Van zuurkool is te verwachten, dat er 120 à 150% ^meer^ minder
zal worden ingemaakt door de fabrikanten, dan verleden jaar. Van
snijboonen (pronkboonen) is nog wel wat ingemaakt. Spreker schat het
echter minder dan de helft van verleden jaar. Deze voorraad is ge-
blokkeerd door de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale en deze
Centrale is precies op de hoogte van de voorraad. De andijvie wordt
thans ingemaakt. Er zal niet veel minder zijn dan verleden jaar.
Spercieboonen zijn niet ingemaakt. Er is een vrij geringe oogst ge-
weest en deze is geheel geconsumeerd door het publi^ie^k. Bovendien
staat vast, dat er niet zooveel voorraad vatgroente is bij de vinke-
liers als verleden jaar. Wat spercieboonen betreft zegt spreker nog,
dat de fabrikanten geen boonen voor den inmaak hebben kunnen krijgen,
omdat de spercieboonen xxxxxxxxxx steeds tegen de maximumprijzen werden
verkocht op de veiling^en^, zoodat er voor de inmaak niets beschikbaar
bleef. Spreker is echter van meening, dat ook van dit artikel door
het publiek nog wel wat zal zijn ingemaakt.
De heer Smeets acht het gewenscht om de voorraad vatgroente aan te houden, welke
verleden jaar is opgeslagen, dat wil dus zeggen 1100 vaten. Ook overi-
gens lijkt het srpeker gewenscht, dat hetzelfde stelsel wordt gevolgd
als verleden jaar. Begonnen moet dus worden met den opslag, xxx welke
uitsluitend is bestemd als reserve voor een eventueele vorstperiode,
wanneer er transportmoeilijkheden zouden optreden, en wel van voor de
periode van 15 December tot en met 15 Februari; de tweede periode,
die daarna zou moeten komen, zou voorloopig thans buiten beschouwing
kunnen worden gelaten.
De heer Kramer wijst erop, dat de handel thans zal moeten overleggen met de belang- * Taal en spelling: Het document is geschreven in de destijds gangbare ambtelijke taal (zoals het gebruik van de naamvalsuitgang '-en' in "den heer"). Er staan enkele typefouten in de originele tekst die letterlijk zijn overgenomen in de transcriptie (bijv. "vinkeliers" in plaats van winkeliers, "srpeker" in plaats van spreker en "verledeh" in plaats van verleden).
* Correcties: Er zijn diverse handmatige wijzigingen aangebracht. Woorden zijn doorgehaald (met 'x' of een streep) en boven de regel zijn aanvullingen toegevoegd (zoals "meer" en "en").
* Inhoud: De kern van de bespreking betreft de voedselzekerheid. Er is een focus op 'vatgroenten' (zoals zuurkool) en de verdeling van de oogst tussen directe consumptie, de conservenindustrie en export. Opvallend is de melding dat sperziebonen niet ingemaakt zijn omdat ze op de veiling direct de maximumprijs opbrachten voor directe verkoop aan het publiek. Dit verslag stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). In oktober 1941 was de schaarste al voelbaar en was de distributie van levensmiddelen strikt gereguleerd. De overheid probeerde grip te houden op voorraden om honger in de winter te voorkomen, vooral met het oog op bevroren waterwegen waardoor transport per schip onmogelijk kon worden (de "eventueele vorstperiode"). De genoemde "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" was een orgaan dat tijdens de bezetting de gehele handel in deze producten controleerde om de voedselvoorziening (en de afvoer naar Duitsland) te reguleren.