Notulen of verslag van een vergadering (pagina 2).
Origineel
Notulen of verslag van een vergadering (pagina 2). -2-
ren ren, dat de eventueel leegkomende 9 pakhuizen der Joden op E on-
middellyk door niet-Joodsche grossiers zullen worden gehuurd. Men
moet hierby bedenken, dat alle tuindersproducten, die thans via
de veiling aan de grossiers worden verkocht, in de pakhuizen der
grossiers terechtkomen, terwyl de tuinders deze producten voorheen
zelfstandig op open plaatsen op de Centrale Markt verkochten.
Spreker kan mededeelen, dat de eigenaars der grootste Jood-
sche zaken op de Centrale Markt, hem hebben verklaard, dat, wan-
neer er een scheiding op de Centrale Markt zou worden ingevoerd,
zy van de markt zullen vertrekken.
De Directeur merkt op, dat by invoering van het plan niet minder pakhuisruimte
voor de niet-Joodsche zaken beschikbaar komt, daar deze zaken naar
de vrykomende Joodsche pakhuisafdeelingen kunnen worden overge-
plaatst; deze pakhuizen zyn grooter, dan die op pier E.
De heer Dykstra zegt, dat desondanks de ruimte onvoldoende is, hoewel van de
zyde van het Marktwezen gelegenheid wordt gegeven goederen buiten
de pakhuizen op te slaan; hy wyst daarna op de plannen, die bestaan
wat betreft de centrale inname van fust. Pier E is hiervoor by
uitstek geschikt, terwyl hiervoor zyns inziens geen ander geschikt
punt op de Centrale Markt beschikbaar is. Men kan thans wel zeggen,
dat het fustvraagstuk op de Centrale Markt in een zoodanig stadium
is gekomen, dat de geheele handel (en zeker niet in het minst de
kleinhandel) als het ware om een oplossing smeekt. Spreker con-
cludeert, dat de handel der Centrale Markt zich met het plan pier
E nimmer kan vereenigen en zich hiertegen dan ook tot het uiterste
zal verzetten.
De heer Dinkgreve spreekt over de belangen der tuinders. Deze hebben zich, se-
dert hun de veilingsplicht is opgelegd, by den aanvoer naar de
veiling wat betreft de neerzetruimte voor hun producten ten zeerste
moeten behelpen. Een toestand als op de Centrale Markt bestaat,
dat de veiling-goederen op vyf verschillende punten van de markt
moeten worden neergezet, bestaat nergens in Nederland; dit is ook
niet te rymen met deze zoo goed ingerichte Centrale Markt. Dit is
intusschen een noodoplossing, welke niet te vermyden was. Het is
dringend gewenscht, dat de aanvoer der tuinders, teneinde een
overzicht van den aanvoer te verkrygen - mede in verband met den
export - zoo spoedig mogelyk wordt gecentraliseerd. Met alle waar-
deering voor het plan Dykstra inzake de bestemming van pier E voor
de centrale inname van emballage, moet spreker verklaren, dat hier
de tuindersbelangen voor moeten gaan. Pier E is de eenige plaats
op de Centrale Markt (nadat ter plaatse een overkapping is aange-
bracht), waar de aanvoer voor de tuinders op goede wyze kan plaats-
vinden.
De Directeur zegt, dat het fustvraagstuk ook voor de veiling geldt. De fust-
inname van de veiling, en die, welke de grossiers thans ten behoeve
van hun fust voorbereiden, zullen in de toekomst zyns inziens moe-
ten worden gecombineerd. De plaats voor fustinname van de veiling
zal zich by de ruimte van de veilingaanvoer moeten aansluiten.
Dit wil zeggen, dat de geheele centrale emballage-inname en de
/voor aanvoerruimte/de veiling als het ware een complex zullen vormen
waardoor behalve van pier E ook van ruimte in de omgeving daarvan
en onder meer van een deel van het reserveterrein ten Noorden van
pier E gebruik zal moeten worden gemaakt.
Het gaat voorloopig echter ten aanzien van pier E om een
tydelyke oplossing.
Spreker oppert de mogelykheid de loods der Weermacht te
verplaatsen naar het Westelyk reserveterrein ten Noorden van de
pier waar de emballage en sorteerloodsen zyn geplaatst.
De heer Dinkgreve zegt, dat de toestand dan nog meer ontwricht en verbrokkeld
wordt; de tuinders zullen aan de eene zyde van de markt hun goede-
ren brengen en dan om moeten varen om elders hun emballage te
halen.
De heer Van Es zegt, dat de Veiling zich, wat betreft de afgifte van fust aan
de tuinders zich op pier E heeft moeten concentreeren. Spreker wil
niet eens naar de toekomst zien, doch zich uitsluitend tot het
heden bepalen. De Veiling heeft momenteel niet de beschikking over
de emballageloods, welke door de Duitsche Weermacht is gevorderd.
Voor de afgifte van fust aan de tuinders blyft derhalve slechts
pier E beschikbaar. Ook hieraan zyn reeds bezwaren verbonden, doch
het is toch de meest practische oplossing.
De heer Dykstra verzoekt speciaal in de notulen op te nemen zyn verklaring De tekst documenteert een logistiek conflict op de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kernprobleem is het ruimtegebrek op Pier E. Er is een strijd gaande tussen verschillende belangen: de noodzaak voor een centrale inname van fust (verpakkingen), de aanvoerruimte voor tuinders en de opslag voor grossiers.
Opvallend is hoe zakelijke besluitvorming verweven is met de ideologie en beperkingen van de bezetting. Er wordt gesproken over de "vrykomende" pakhuizen van Joodse handelaren als een "oplossing" voor het ruimtetekort van niet-Joodse grossiers. Tegelijkertijd bemoeilijkt de "Duitsche Weermacht" de bedrijfsvoering door gebouwen (loodsen) te vorderen, wat de markt dwingt tot inefficiënte noodoplossingen. De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934) was het kloppende hart van de voedseldistributie. Tijdens de Duitse bezetting werd de markt onderworpen aan de 'arisering': Joodse handelaren werden stapsgewijs gedwongen hun bedrijven te staken of over te dragen aan niet-Joden. De in de tekst genoemde "scheiding" refereert aan het beleid om Joden te isoleren van de reguliere handel. De vordering van loodsen door de Weermacht was een veelvoorkomend fenomeen waarbij civiele infrastructuur werd opgeëist voor militaire doeleinden, wat leidde tot de in het document genoemde "ontwrichte" situatie voor de voedselvoorziening.