Getypte brief (doorslag).
Origineel
Getypte brief (doorslag). 11 oktober 1939. De Directeur (ondertekend met initialen vP/HG). Den Heer Directeur der Publieke Werken, Raadhuis, Alhier. [Linksboven in handschrift:]
ter Hr. Siemens
ter. Hr. Broen
[Midden boven:]
vP/HG.
[Linksboven onder de initialen:]
61/1/1 M.
[Midden, diagonaal in handschrift:]
Verzonden 11/10-39
[Rechtsboven:]
11 October 1939.
[Adresseringsblok:]
den Heer Directeur
der Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r .
[Inhoud:]
In het afgeloopen voorjaar werd met Uw afdeeling Bestratingen overeengekomen, dat in September de bestrating der Centrale Markt zou worden hersteld. Hieraan is, naar ik vermoed tengevolge van de oorlogsomstandigheden, geen uitvoering gegeven. De toestand der bestrating is op de Centrale Markt thans zeer slecht, zoodat herhaaldelijk klachten dienaangaande door de gebruikers der markt worden ingediend; met name treden ernstige verzakkingen, ook van de rioleering op.
Ik verzoek U beleefd ten spoedigste de noodige maatregelen te doen nemen.
[Onderaan rechts:]
De Directeur, In deze brief beklaagt de directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt of een overkoepelende marktdienst) zich bij de Directeur der Publieke Werken over het uitblijven van afgesproken herstelwerkzaamheden aan de bestrating.
- Kern van het probleem: Er was een afspraak voor herstel in september 1939, maar dit is niet gebeurd. De toestand van de markt is nu "zeer slecht" met "ernstige verzakkingen" die ook het riool aantasten.
- Urgentie: De schrijver benadrukt de noodzaak door te wijzen op klachten van marktgebruikers en onderstreept de term "ten spoedigste".
- Toon: De toon is formeel-ambtelijk. De schrijver toont enig begrip voor de vertraging door de "oorlogsomstandigheden" als mogelijke oorzaak te noemen, maar dringt desondanks aan op actie. De brief is gedateerd op 11 oktober 1939, slechts enkele weken nadat de Tweede Wereldoorlog uitbrak met de inval in Polen (1 september 1939). Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de algemene mobilisatie al uitgeroepen en heerste er grote onzekerheid. De "oorlogsomstandigheden" waar de schrijver naar verwijst, duiden waarschijnlijk op het feit dat mankracht en materiaal werden opgeëist voor militaire doeleinden of dat budgetten werden bevroren, wat directe gevolgen had voor regulier onderhoud in de stad. De term "Centrale Markt" en de verwijzing naar het "Raadhuis" duiden waarschijnlijk op een grote Nederlandse gemeente, zoals Amsterdam. Publieke Werken