Ambtsbrief / Correspondentie (mogelijk een afschrift of doorslag).
Origineel
Ambtsbrief / Correspondentie (mogelijk een afschrift of doorslag). 25 januari 1939 (in de kop staat "25 Januari 9", in de tekst wordt verwezen naar 1939). De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). 1 25 Januari 9
64/5/1 de Gecombineerde Tuinbouw-
Amsterdam. organisaties
tuindersplaats op de Centrale Markt bezetten, indien hy al-
daar zyn producten wil verkoopen. Hy mag zyn producten niet
op de plaats van een anderen tuinder verkoopen.
5e. Heeft een tuinder een tuin van slechts 1/3 of
1/4 ha, althans te klein voor de bezetting van een volledige
marktplaats (in het algemeen is 1 ha voldoende voor een
glastuinder; voor een koude-grond-tuinder kan 1 ha onvol-
doende zyn), dan zal in overleg met de Tuindersorganisaties
worden besproken, wat van geval tot geval voor zulk een
tuinder gewenscht is.
Voor de goede orde merk ik op, dat een plan tot
opstelling der natte tuinders op de pieren, als bedoeld on-
der 1e, door Uw Bestuur by my moet worden ingediend, waarbij
door U overwogen zal worden om de op of sedert 1 Januari
1939 reeds plaats gehad hebbende verschuivingen al of niet
ongedaan te maken.
Gaarne verneem ik ten spoedigste of U met een en
ander accoord gaat, waarna ik een opstellingsplan der tuin-
ders tegemoet zie.
De Directeur, Dit document is een zakelijke mededeling betreffende de reglementering van standplaatsen op de Centrale Markt in Amsterdam. De tekst bevat specifieke bepalingen over het gebruik van deze plaatsen:
- Persoonsgebondenheid: Een tuinder mag alleen zijn eigen producten op zijn toegewezen plaats verkopen en geen gebruik maken van de plek van een ander.
- Oppervlakte-eisen: Er wordt een relatie gelegd tussen de grootte van het tuinbouwbedrijf (in hectares) en het recht op een volledige marktplaats. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen glastuinbouw en koude-grond-tuinbouw.
- Logistieke ordening: Er wordt specifiek gesproken over "natte tuinders" (tuinders die hun waren per schuit aanvoerden) en hun opstelling op de pieren.
- Bestuurlijke procedure: De directeur verzoekt de Tuinbouworganisaties om een formeel opstellingsplan in te dienen en beslissingen te nemen over recente verschuivingen die sinds het begin van dat jaar (1939) hebben plaatsgevonden.
De spelling is kenmerkend voor de vroege 20e eeuw (bijv. "zyn", "by", "verkoopen", "gewenscht"). De brief is geschreven in januari 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedseldistributie in de stad.
De term "natte tuinders" is historisch interessant; dit waren kwekers uit gebieden rondom Amsterdam (zoals de Westlandse gebieden of de omgeving van Sloten en Aalsmeer) die hun groenten en fruit via het water naar de markt brachten. De markt had specifieke insteekhavens en pieren voor deze schepen. De discussie over de herindeling van de pieren per 1 januari 1939 wijst op een professionalisering of reorganisatie van de marktruimte in die periode, waarbij getracht werd de beperkte ruimte zo efficiënt mogelijk te verdelen tussen de verschillende soorten aanvoerders.