Archief 745
Inventaris 745-294
Pagina 267
Dossier 1
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

25/1-'39 (in potlood linksboven); in de tekst wordt verwezen naar een onderhoud op maandag 23 januari j.l. Van: Vermoedelijk de Dienst van het Marktwezen (gezien de inhoud en verwijzingen).

Origineel

25/1-'39 (in potlood linksboven); in de tekst wordt verwezen naar een onderhoud op maandag 23 januari j.l. Vermoedelijk de Dienst van het Marktwezen (gezien de inhoud en verwijzingen). (Opmerking: Doorgehaalde tekst is weergegeven met een streep erdoor. Tussenvoegingen zijn geplaatst waar ze in de tekst horen.)

64/5/1
25/1-39

Aan het Bestuur van de Gecombineerde Tuinbouw Organisaties

Heermede ~~Bij dezen~~ bevestig ik het mondelinge onderhoud met Uwe Heeren Dinkgreve en Bol op Maandag, 23 Jan. j.l., waarbij de volgende punten zijn behandeld: ~~besproken zijn:~~

3^e ~~1.~~ Restitutie van ~~markt~~ plaatsgeld van tuinders, die in den loop van het jaar gaan veilen, zal van 1 Jan. 1939 ~~niet meer plaats vinden~~ mogelijk zijn. (Het desbetreffende machtigingsbesluit van Burgemeester en Wethouders zal ~~worden ingetrokken~~ voor intrekking voorgesteld worden.)

1^e ~~2.~~ Het systeem van opschuiven van natte tuinders op de pieren A, B, C en D zal gewijzigd worden.
(Iedere pier krijgt haar eigen vaste bezetting ~~waaraan zij gebonden zijn~~ waardoor het opschuiven van de natte tuinders als één geheel (voor alle pieren te zamen) komt te vervallen. In het vervolg zal slechts per pier opgeschoven kunnen worden.
De wijze voor de pieren A, B, C en D is vastgesteld, ~~waarbij de bezetting met tuinders is vastgesteld~~ zal iedere natte tuinder vrij zijn om naar eigen keuze een nog onbezette plaats op een der pieren A, B, C en D te gaan bezetten.

(Kantlijn links bij punt 1: 1 met tuinders begrijpen)
(Kantlijn links onderaan bij punt 1: Behoudens goedkeuring van den directeur van het Marktwezen)

2^e ~~3.~~ Een tuinder, die een verklaring heeft geteekend voor het bezetten van een tuindersplaats op de Centrale Markt mag in den loop van een jaar niet gaan veilen zonder toestemming van den dienst van het Marktwezen. ~~Slechts op 1 Jan. van een jaar kan een tuinder die een verklaring geteekend heeft voor het bezetten van een tuindersplaats, dan is hij vrij om te gaan veilen. Indien hij echter geen verklaring heeft geteekend verliest hij zijn recht op een vaste tuindersplaats op een der pieren.~~

3^e (Pijl verwijst naar de doorgehaalde tekst hierboven)

4^e . Iedere tuinder die op eigen naam een tuin bezit en daarvoor een erkenning heeft, moet zelfstandig een tuindersplaats op de Centrale Markt bezetten, indien hij ~~al daar~~ zijn producten wil verkoopen. Hij mag de producten niet op de plaats van een anderen tuinder verkoopen. Dit document is een kladverslag of een concept-bevestigingsbrief van een overleg tussen het marktbestuur en vertegenwoordigers van tuinbouworganisaties. De kern van de tekst draait om de regulering van de verkoopruimte op de pieren (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam, gezien de terminologie "natte tuinders" – tuinders die per schuit aanvoerden).

De belangrijkste wijzigingen die besproken worden zijn:
1. Restitutie: Het teruggeven van plaatsgeld als een tuinder besluit te gaan veilen in plaats van direct op de markt te verkopen.
2. Plaatsing (Opschuifsysteem): De overgang van een algemeen opschuifsysteem naar een systeem per pier (A, B, C, D). Dit suggereert een decentralisatie van de indeling.
3. Binding: Tuinders die een vaste plaats tekenen, verbinden zich voor een jaar aan de markt en mogen niet zomaar overstappen naar de veiling zonder toestemming.
4. Zelfstandigheid: Een strikte regel dat tuinders hun eigen producten op hun eigen toegewezen plaats moeten verkopen, wat "onderverhuur" of het mengen van partijen op één plek moet tegengaan.

De vele doorhalingen wijzen op een actieve redactiefase waarin juridische of beleidsmatige nuances werden aangescherpt (bijv. van "zal worden ingetrokken" naar "voor intrekking voorgesteld"). De datum januari 1939 plaatst dit document in de periode kort voor de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse tuinbouw zat in een transitiefase waarbij het veilsysteem (de klok) steeds dominanter werd ten opzichte van de directe verkoop op markten.

De term "natte tuinders" is specifiek voor Amsterdam en omstreken (zoals de regio Aalsmeer/Westland/Langedijk), waar producten over water naar de markt werden gebracht. De "Centrale Markt" in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) verving de oude markten in de binnenstad. De regels in dit document dienden om de orde en de inkomsten uit staangeld op deze nieuwe, moderne marktlocatie te stroomlijnen. De genoemde heren Dinkgreve en Bol waren bekende figuren binnen de tuinbouwbelangenbehartiging van die tijd. Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een kladverslag of een concept-bevestigingsbrief van een overleg tussen het marktbestuur en vertegenwoordigers van tuinbouworganisaties. De kern van de tekst draait om de regulering van de verkoopruimte op de pieren (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam, gezien de terminologie "natte tuinders" – tuinders die per schuit aanvoerden).

De belangrijkste wijzigingen die besproken worden zijn:
1. Restitutie: Het teruggeven van plaatsgeld als een tuinder besluit te gaan veilen in plaats van direct op de markt te verkopen.
2. Plaatsing (Opschuifsysteem): De overgang van een algemeen opschuifsysteem naar een systeem per pier (A, B, C, D). Dit suggereert een decentralisatie van de indeling.
3. Binding: Tuinders die een vaste plaats tekenen, verbinden zich voor een jaar aan de markt en mogen niet zomaar overstappen naar de veiling zonder toestemming.
4. Zelfstandigheid: Een strikte regel dat tuinders hun eigen producten op hun eigen toegewezen plaats moeten verkopen, wat "onderverhuur" of het mengen van partijen op één plek moet tegengaan.

De vele doorhalingen wijzen op een actieve redactiefase waarin juridische of beleidsmatige nuances werden aangescherpt (bijv. van "zal worden ingetrokken" naar "voor intrekking voorgesteld").

Historische Context

De datum januari 1939 plaatst dit document in de periode kort voor de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse tuinbouw zat in een transitiefase waarbij het veilsysteem (de klok) steeds dominanter werd ten opzichte van de directe verkoop op markten.

De term "natte tuinders" is specifiek voor Amsterdam en omstreken (zoals de regio Aalsmeer/Westland/Langedijk), waar producten over water naar de markt werden gebracht. De "Centrale Markt" in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) verving de oude markten in de binnenstad. De regels in dit document dienden om de orde en de inkomsten uit staangeld op deze nieuwe, moderne marktlocatie te stroomlijnen. De genoemde heren Dinkgreve en Bol waren bekende figuren binnen de tuinbouwbelangenbehartiging van die tijd.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Pruim A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Room Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 39

A.C. de Graaf - 187 45
A.P. Tabak - 59 70
B. Groenewold - 0 96
B. Moffie - 117 85
Barend Polak - 0 02
Brusse Sippel - 1 68
C.H. Heerding - 54 68
C. Kooy - 0 20
C. Ouhof - 161 94
C. Tabak - 0 38
P. Albers - 4 20
F. Lindeman - 3 15
G. Bakker - 23 97
G. v.d. Brink - 2662 13
G Tershuis - 12 81
G. van Dijk - 5 88
G. Ruhi - 0 69
H. Kuipers - 3 82
J.B. Hakker - 1 58
J.D. Elings - 27 67
J. Posener 80 41
J. Stodel - 0 39
J. Telman - 0 35
A. Geboorte f [19,40]
Alle 39 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 4