Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 10 maart 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gemeentelijke marktdienst). extra
VP/G.
64/5/5 M
10 Maart 1939.
het Bestuur van de Gecombineerde
Tuinbouw-Organisaties,
Centrale Markt, H 91,
Amsterdam-West.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 dezer bericht ik U, dat een verzoek om het door de tuinders op de Centrale Markt verschuldigde plaatsgeld te verlagen door my niet in overweging kan worden genomen.
Mynerzyds bestaat geen bezwaar om tegen het einde van dit jaar opnieuw met U te spreken over de regeling van het opschuiven van natte tuinders op de Centrale Markt.
Wat de verbetering van de tuindersplaatsen voor de hal betreft diene, dat ten deze wordt gewacht op de uitwerking van nadere plannen van bestrating, alsmede op de noodzakelyke goedkeuring van het Gemeentebestuur.
De Directeur, * Kernboodschap: De directeur wijst het verzoek van de tuinbouworganisaties om verlaging van het 'plaatsgeld' (de huur/vergoeding voor een standplaats op de markt) resoluut af. Het woord "niet" is in de tekst onderstreept om de definitieve aard van dit besluit te benadrukken.
* Secundaire punten:
* Er wordt wel een opening geboden om eind 1939 opnieuw te praten over de logistieke indeling ("het opschuiven") van de zogenaamde "natte tuinders".
* Fysieke verbeteringen aan de staanplaatsen buiten de hal zijn afhankelijk van nieuwe bestratingsplannen en politieke goedkeuring door het Amsterdamse Gemeentebestuur.
* Taalgebruik: Het document hanteert de destijds gebruikelijke formele spelling (zoals "Mynerzyds", "zakelyke" met een 'y' in plaats van 'ij'). De brief dateert van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam-West (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedseldistributie in de stad.
De term "natte tuinders" verwijst naar de handelaren die hun waren (vaak verse groenten) direct vanaf het land of per schuit aanvoerden en deze veelal in de open lucht of onder eenvoudige overkappingen verhandelden, in tegenstelling tot handelaren in 'droge' waren of degenen met vaste plekken in de hallen. Het document illustreert de constante spanning tussen de marktmeesters (de overheid) en de belangenverenigingen van producenten over de kosten van bedrijfsvoering en de kwaliteit van de faciliteiten op het marktterrein.