Archiefdocument
Origineel
Ook heel ! niet, want door het
aanbrengen van twee nieuwe booglampen
in dit straatgedeelte, ontstaat geen
electrische verlichting der kramen.
Zou men een hooger tarief op dit
marktgedeelte wenschen, dan zou dat
afzonderlijk in de verordening moeten
worden vermeld, terwijl dit gedeelte,
dat nu nog tijdelijke hulpmarkt is, tevens
door den Raad tot markt zou moeten worden
aangewezen. Voor een afzonderlijke verhooging
van dit kleine stukje is m.i. geen aanleiding.
Ook elders hebben we waarschijnlijk wel
goede lampen op marktstraten; zelfs
extra lampen, zooals op automarkt De auteur van deze notitie reageert op een voorstel om de tarieven voor een specifiek deel van de markt te verhogen. Er worden drie belangrijke bezwaren aangevoerd:
1. Verlichting versus functionaliteit: Hoewel er twee nieuwe booglampen worden geplaatst, zorgt dit enkel voor algemene straatverlichting en niet voor directe elektrische verlichting in de individuele marktkramen. De meerwaarde voor de kooplieden is dus beperkt.
2. Juridische en procedurele drempels: De auteur wijst erop dat een tariefwijziging officieel moet worden opgenomen in de verordening. Bovendien is de locatie momenteel nog een "tijdelijke hulpmarkt" en moet de Gemeenteraad deze eerst formeel als permanente "markt" aanwijzen.
3. Gelijkheidsbeginsel: Er is geen reden om voor dit "kleine stukje" een uitzondering te maken. De schrijver merkt op dat op andere marktstraten (waaronder de "automarkt") ook goede of zelfs extra verlichting aanwezig is zonder dat dit blijkbaar tot extra tariefverhogingen heeft geleid.
De rode onderstrepingen zijn waarschijnlijk later aangebracht door een dossierbeheerder om de kernpunten (booglampen, verlichting van kramen, andere locaties) snel te kunnen scannen. Dit document biedt inzicht in de gemeentelijke marktmeesterij en de fiscale discussies die gepaard gingen met de modernisering van de stad (elektrificatie). Het gebruik van de term "booglampen" duidt op een periode waarin deze vorm van verlichting een aanzienlijke investering was. De "automarkt" wijst op een tijd waarin de auto reeds een vaste plek in het handelsverkeer had ingenomen. De afkorting "m.i." (mijns inziens) getuigt van een formele, ambtelijke stijl.
Samenvatting
De auteur van deze notitie reageert op een voorstel om de tarieven voor een specifiek deel van de markt te verhogen. Er worden drie belangrijke bezwaren aangevoerd:
1. Verlichting versus functionaliteit: Hoewel er twee nieuwe booglampen worden geplaatst, zorgt dit enkel voor algemene straatverlichting en niet voor directe elektrische verlichting in de individuele marktkramen. De meerwaarde voor de kooplieden is dus beperkt.
2. Juridische en procedurele drempels: De auteur wijst erop dat een tariefwijziging officieel moet worden opgenomen in de verordening. Bovendien is de locatie momenteel nog een "tijdelijke hulpmarkt" en moet de Gemeenteraad deze eerst formeel als permanente "markt" aanwijzen.
3. Gelijkheidsbeginsel: Er is geen reden om voor dit "kleine stukje" een uitzondering te maken. De schrijver merkt op dat op andere marktstraten (waaronder de "automarkt") ook goede of zelfs extra verlichting aanwezig is zonder dat dit blijkbaar tot extra tariefverhogingen heeft geleid.
De rode onderstrepingen zijn waarschijnlijk later aangebracht door een dossierbeheerder om de kernpunten (booglampen, verlichting van kramen, andere locaties) snel te kunnen scannen.
Historische Context
Dit document biedt inzicht in de gemeentelijke marktmeesterij en de fiscale discussies die gepaard gingen met de modernisering van de stad (elektrificatie). Het gebruik van de term "booglampen" duidt op een periode waarin deze vorm van verlichting een aanzienlijke investering was. De "automarkt" wijst op een tijd waarin de auto reeds een vaste plek in het handelsverkeer had ingenomen. De afkorting "m.i." (mijns inziens) getuigt van een formele, ambtelijke stijl.