Administratieve oproepingskaart/registratiekaart voor de werklozenondersteuning (Amsterdam).
Origineel
Administratieve oproepingskaart/registratiekaart voor de werklozenondersteuning (Amsterdam). 29 september 1939 (ingangsdatum) tot 22 november 1940 (laatste mutatie). Naam v. d. opgeroepene: M. Liefdes Waterlooplein
Opgeroepen op: dag 22/11 '40 tusschen 9 1/2 en 10
of op: [leeg] dag [leeg] tusschen [leeg] en [leeg]
Artikel 11 b/c datum van ingang: 29 Sept '39
Gesproken met: [leeg]
Opgekomen: [leeg]
Aanteekeningen:
Opgeroepen per 3/4 '40 - niet verschenen.
Aan W.o.H. voorgesteld in te trekken.
17/1/6 2/4. 23/9 Bericht van W.o.H. ,,NIET INTREKKEN''
Opmerkingen betrokkene:
Verzoekt nog ~~drie~~ zes mnd. uitstel.
Advies:
Is reeds langer dan een jaar in steun.
m.i. intrekken
22-11-40
[onleesbaar, mogelijk: de Haan]
Accoord, De Directeur:
[Handtekening] Dit document is een voorbeeld van de bureaucratische afhandeling van sociale steun in Amsterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Het dossier toont aan dat M. Liefdes al sinds september 1939 in de "steun" (werkloosheidsuitkering) zat. Er is sprake van frictie met de instanties: na een gemiste oproep in april 1940 wilde de inspectie de steun intrekken, wat toen nog werd tegengehouden door de W.o.H. Eind 1940, na een verzoek van de betrokkene om zes maanden uitstel, is de toon van de ambtenaar strenger: het advies luidt "m.i. [mijns inziens] intrekken" omdat de ondersteuning al te lang duurt. De directeur heeft dit advies met een handtekening bekrachtigd. De kaart dateert uit de overgangsperiode van de mobilisatie naar de vroege Duitse bezetting. De strikte handhaving van de steunregels was in Amsterdam een middel om werklozen te dwingen werk te aanvaarden, wat onder de bezetter steeds vaker leidde tot tewerkstelling (al dan niet in Duitsland). Gezien de woonplaats van de betrokkene (Waterlooplein) is het zeer aannemelijk dat het hier om een Joodse Amsterdammer gaat. De afkorting W.o.H. staat voor de Werklozen Ondersteunings Hulppost, een onderdeel van de Gemeentelijke Dienst voor Maatschappelijk Hulpbetoon dat toezag op de rechtmatigheid van de verstrekte steun. H. Eind M. Liefdes
Samenvatting
Dit document is een voorbeeld van de bureaucratische afhandeling van sociale steun in Amsterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Het dossier toont aan dat M. Liefdes al sinds september 1939 in de "steun" (werkloosheidsuitkering) zat. Er is sprake van frictie met de instanties: na een gemiste oproep in april 1940 wilde de inspectie de steun intrekken, wat toen nog werd tegengehouden door de W.o.H. Eind 1940, na een verzoek van de betrokkene om zes maanden uitstel, is de toon van de ambtenaar strenger: het advies luidt "m.i. [mijns inziens] intrekken" omdat de ondersteuning al te lang duurt. De directeur heeft dit advies met een handtekening bekrachtigd.
Historische Context
De kaart dateert uit de overgangsperiode van de mobilisatie naar de vroege Duitse bezetting. De strikte handhaving van de steunregels was in Amsterdam een middel om werklozen te dwingen werk te aanvaarden, wat onder de bezetter steeds vaker leidde tot tewerkstelling (al dan niet in Duitsland). Gezien de woonplaats van de betrokkene (Waterlooplein) is het zeer aannemelijk dat het hier om een Joodse Amsterdammer gaat. De afkorting W.o.H. staat voor de Werklozen Ondersteunings Hulppost, een onderdeel van de Gemeentelijke Dienst voor Maatschappelijk Hulpbetoon dat toezag op de rechtmatigheid van de verstrekte steun.