Getypt afschrift van een brief.
Origineel
Getypt afschrift van een brief. I. de Magtige, Jodenbreestraat 47 II, Amsterdam. No.18/34/1 M.1940 27/4 AFSCHRIFT.
No.70/50 L.M.1940 11/3
WelEd. Heer,
In de eerste plaats wil ik U mijn excuus aanbieden voor mijn laatst
optreden en tevens verzoek ik U mij weder in het bezit te stellen
van mijn lompenvergunning, daar ik toch [xxxxxxxxxxx] binnen eeni-
ge weken van de[x] steun af moet en ik dus vanzelf weer zelf mijn
brood wil verdienen., dan kan ik van de steun af. U begrijpt, dat
dit voor mij en mijn gezin veel beter is zoo zou een gunstig re-
sultaat ten zeerste verplichten, bij voorbaat mijn dank,
Hoogachtend,
w.g. I.de Magtige,
Jodenbreestraat 47 II * Toon en taal: De brief is nederig en verontschuldigend van toon. De schrijver erkent een eerder incident ("mijn laatst optreden") waarvoor hij excuses aanbiedt. Het taalgebruik is formeel maar bevat enkele kleine onregelmatigheden in interpunctie (bijv. de komma na "verdienen.").
* Kern van het verzoek: De afzender vraagt zijn "lompenvergunning" terug. Dit was een officiële toestemming om als voddenman of lompenhandelaar werkzaam te zijn. Zonder deze vergunning kon hij zijn beroep niet uitoefenen.
* Motivatie: De noodzaak voor de vergunning is economisch gedreven. De schrijver geeft aan dat zijn recht op "steun" (sociale uitkering) binnenkort vervalt. Hij wil zelfvoorzienend zijn ("zelf mijn brood verdienen"), wat volgens hem beter is voor zowel hemzelf als zijn gezin.
* Vorm: Het betreft een afschrift, wat duidt op administratieve verwerking door de ontvangende instantie. De 'x'-tekens wijzen op typefouten die direct op de schrijfmachine zijn hersteld. * Historische periode: De brief is gedateerd in het voorjaar van 1940, de periode vlak voor en tijdens de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het weerspiegelt de precaire sociaaleconomische situatie aan het einde van de crisisjaren.
* Locatie: Het adres Jodenbreestraat 47 II bevond zich in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt.
* Sociaal aspect: De "steun" was in die tijd onderworpen aan strenge regels en morele controle. Het feit dat iemand zijn vergunning kwijt kon raken door zijn "optreden" suggereert dat de overheid dit als disciplineringsmiddel gebruikte.
* Persoonlijke geschiedenis: Uit archiefonderzoek (zoals de Joodse Raad-kaarten of het Stadsarchief Amsterdam) is bekend dat Isaac de Magtige op dit adres woonde. Documenten zoals deze bieden een zeldzame, menselijke inkijk in de dagelijkse overlevingsstrijd van bewoners in de Jodenbuurt vlak voordat de Jodenvervolging de stad zou ontwrichten. De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat bevestigt dat dit een kopie is voor het dossier.
Samenvatting
- Toon en taal: De brief is nederig en verontschuldigend van toon. De schrijver erkent een eerder incident ("mijn laatst optreden") waarvoor hij excuses aanbiedt. Het taalgebruik is formeel maar bevat enkele kleine onregelmatigheden in interpunctie (bijv. de komma na "verdienen.").
- Kern van het verzoek: De afzender vraagt zijn "lompenvergunning" terug. Dit was een officiële toestemming om als voddenman of lompenhandelaar werkzaam te zijn. Zonder deze vergunning kon hij zijn beroep niet uitoefenen.
- Motivatie: De noodzaak voor de vergunning is economisch gedreven. De schrijver geeft aan dat zijn recht op "steun" (sociale uitkering) binnenkort vervalt. Hij wil zelfvoorzienend zijn ("zelf mijn brood verdienen"), wat volgens hem beter is voor zowel hemzelf als zijn gezin.
- Vorm: Het betreft een afschrift, wat duidt op administratieve verwerking door de ontvangende instantie. De 'x'-tekens wijzen op typefouten die direct op de schrijfmachine zijn hersteld.
Historische Context
- Historische periode: De brief is gedateerd in het voorjaar van 1940, de periode vlak voor en tijdens de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het weerspiegelt de precaire sociaaleconomische situatie aan het einde van de crisisjaren.
- Locatie: Het adres Jodenbreestraat 47 II bevond zich in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt.
- Sociaal aspect: De "steun" was in die tijd onderworpen aan strenge regels en morele controle. Het feit dat iemand zijn vergunning kwijt kon raken door zijn "optreden" suggereert dat de overheid dit als disciplineringsmiddel gebruikte.
- Persoonlijke geschiedenis: Uit archiefonderzoek (zoals de Joodse Raad-kaarten of het Stadsarchief Amsterdam) is bekend dat Isaac de Magtige op dit adres woonde. Documenten zoals deze bieden een zeldzame, menselijke inkijk in de dagelijkse overlevingsstrijd van bewoners in de Jodenbuurt vlak voordat de Jodenvervolging de stad zou ontwrichten. De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat bevestigt dat dit een kopie is voor het dossier.